Is Froome schuldig? Dat is niet te bewijzen

Wielrennen

Chris Froome won de Tour, de Vuelta, de Giro, maar is al maanden verwikkeld in een dopingkwestie. Leidse onderzoekers zeggen dat de testprocedure gewoonweg niet goed is.

Twee als artsen verklede toeschouwers rennen mee met Chris Froome tijdens de Giro, op 25 mei 2018. Ze bieden een ‘pufje’ Ventolin (de merknaam van salbutamol) aan. Foto Luk Benies/AFP

Wielrenner Chris Froome won vorig weekend op spectaculaire wijze de Ronde van Italië. Maar over zijn winst hangt de schaduw van dopinggebruik. Hij is sinds september vorig jaar verwikkeld in een slopende dopingkwestie, waarin nu ook farmacologische onderzoekers zich mengen.

Froome is betrapt met te veel van het astmamedicijn salbutamol in een bij dopingcontrole afgenomen urinemonster. Drie onderzoekers van het Leidse medicijnenonderzoekinstituut CHDR maken aannemelijk dat met één zo’n urinemonster Froome’s schuld of onschuld nooit te bewijzen is. Hun artikel is vorige maand online gepubliceerd door het British Journal of Clinical Pharmacology.

Laatste auteur Adam Cohen: „We zeggen niet dat hij schuldig of onschuldig. We zeggen dat je het niet kunt zeggen.” En eerste auteur Jules Heuberger, die op dopingonderzoek gaat promoveren: „Zoals de dopingcontrole op salbutamol nu gaat is het onacceptabel. Het gaat om een stof waar een drempelwaarde voor bestaat, die in kleine hoeveelheden is toegestaan. De farmacokinetische wetten die beschrijven hoe een medicijn in het lichaam wordt opgenomen, verwerkt en uitgescheiden, zeggen dat je dan nooit met één meting in urine een ingenomen dosis kan bepalen. Onmogelijk.”

‘Salbutamol verbieden? Dat betekent dat mensen met inspanningsastma nooit meer kunnen winnen.’

Beide onderzoekers toonden vorig jaar bij goed geoefende amateurwielrenners aan dat dopingmiddel epo niet prestatiebevorderend werkt. Na talloze fietsproeven op de hometrainer fietste de groep een etappe rond de Mont Ventoux, eindigend op de top van die illustere berg.

Deze nieuwe studie is een modelstudie, gebaseerd op een rekenmodel dat opname, verdeling in het lichaam en uitscheiding van een medicijn in het lichaam berekent. Heuberger: „Die farmacokinetische modellen worden ook gebruikt in dossiers voor geneesmiddelenregistratie.” Voor salbutamol werd het model aangepast aan waarden die na intensief sporten zijn gemeten.

Lees ook: Hoe renners, fans en pers worstelen met Froomes zege

Froome’s overwinning in de Italiaanse ronde was een mirakel. Hij heeft nu achter elkaar drie grote rondes gewonnen: de Tour de France en de Ronde van Spanje van 2017 en nu de eerste grand tour van dit jaar, de Ronde van Italië. Alleen Eddy Merckx en Bernard Hinault presteerden dat eerder. Het was vooral een wonderbaarlijke winst omdat in deze drieweekse etappekoers Froome halverwege op een kansloos geachte tiende plaats stond, met dik twee minuten achterstand op de koploper. Dat boog hij tijdens één bergetappe om in een leidende positie. Dat versterkt de dopinggeruchten.

Piepend ademhalen

Froome was sterker dan de rest in de derde week van de Ronde van Italië, maar niet door salbutamol. Salbutamol, in de hoeveelheden die voor de bestrijding van astma worden geïnhaleerd, laat ruim 10 procent meer lucht in de longen stromen. Het helpt tegen de benauwdheid op de borst, het piepend ademhalen en het hoesten – tekenen van inspanningsastma. Daar hebben veel sporters last van, maar ze gaan door salbutamol niet beter sporten. Dat is bijvoorbeeld beschreven door Deense onderzoekers.

Wie salbutamol een paar weken slikt (in plaats van inhaleert), in ongeveer tienmaal hogere dosering dan bij astma gebruikelijk is, gaat wel iets beter sprinten. Duursportende wielrenners zullen er niet veel van merken. Dopingregels verbieden het slikken van salbutamoltabletten.

Die regels (van de World Anti-Doping Agency, WADA) staan salbutamol toe voor sporters die astma of inspanningsastma hebben. Maar er is een drempelwaarde.

Salbutamol hoort tot een klasse medicijnen (bèta-2-agonisten) waarvan een hele rij voor sporters domweg verboden is. Daarvan mag na een dopingcontrole niets in het urinemonster gemeten worden. Voor drie astmamedicijnen is echter een drempelwaarde vastgesteld: salbutamol, formoterol en salmeterol zijn in lage hoeveelheden vanuit een inhaler toegestaan, schrijft de WADA.

Voor salbutamol geldt: een sporter met inspanningsastma mag 1.600 microgram per etmaal inhaleren. En niet meer dan 800 microgram per 12 uur. Wie zich daar aan houdt heeft geen toestemming van een dopingautoriteit nodig (een TUE, Therapeutic Use Exemption), schrijft de internationale wielerunie UCI.

Dopingcontroleurs meten echter niet wat een sporter inneemt, maar wat er uitkomt, in de urine. De WADA heeft bepaald dat die toegestane dosis maximaal een concentratie salbutamol in de urine van 1.000 nanogram per milliliter (ng/ml, een nanogram is een miljardste gram) mag opleveren. Vanwege mogelijke meetfouten in de salbutamolbepaling is de meetwaarde waarna straf volgt verhoogd naar 1.200 ng/ml. Meet het dopinglaboratorium meer, dan vindt de WADA dat „een Adverse Analytical Finding (AAF), tenzij de atleet bewijst, door een gecontroleerde farmacokinetisch onderzoek, dat het abnormale resultaat door een toegestane therapeutische dosis is veroorzaakt.”

Weinig urine, veel afvalstoffen

De bewijslast ligt nu al ruim een half jaar bij Froome. In zijn urinemonster zat 2.000 ng/ml – twee keer de toegestane hoeveelheid. De dopingkwestie en het gemeten getal zijn onthuld door de kranten Le Monde en The Guardian. Het was warm, die zevende september toen Froome aan het eind van de etappe een plas inleverde. Misschien was hij uitgedroogd, wat betekent dat hij weinig urine produceerde, met een hoge concentratie afvalstoffen. Daar corrigeren de dopinglaboratoria voor, door urine met een te hoog soortelijk gewicht te verdunnen. Beide kranten weten ook dat de concentratie na correctie nog steeds te hoog was: 1.429 ng/ml.

Heuberger: „Het is een hoge waarde, maar hij kán voorkomen.” In het model van de Leidse onderzoekers waren er onder de 1.000 gesimuleerde proefpersonen een paar waarbij vier uur na een pufje nog 2.000 ng/ml in de urine zat. „Het kan zijn dat zo’n waarde bij Froome een keer voorkomt. Maar er zijn veel meer vragen. Wanneer moet je een urinemonster nemen? Als een renner een paar pufjes neemt tijdens een koers en na afloop naar de dopingcontrole moet, dan maakt het uit of hij in het laatste uur van de etappe nog geplast heeft, of veel water heeft gedronken. Je kunt zo’n proef nooit precies doen.”

Lees ook: Dumoulin bevestigt zijn reputatie in foutloze Giro

De Leidse onderzoekers lieten hun aan sporterslijven aangepaste model de urine-uitscheiding uitrekenen van een verboden dosis van 8 milligram en van de toegestane astmabestrijdende dosis van twee keer 800 microgram. Dat gebeurt door de medicijninname van steeds 1.000 personen uit te rekenen, waarbij de eigenschappen van die mensen door het toeval worden gevarieerd op lichaamsgewicht en hun verwerking van het stofje in het lichaam. „Binnen een etmaal na zo’n verboden pilletje zullen veel gebruikers op grond van hun urinemonster geen dopingovertreder meer zijn. Maar mensen die een toegestane dosis gebruiken hebben tot 12 uur na hun laatste pufje een kans om boven de toegestane urineconcentratie te komen”, zegt Heuberger.

Froome inhaleert volgens eigen zeggen al zijn hele rennersleven salbutamol. Hij is in zijn succesvolle rennersleven vaak gecontroleerd. Maar hij werd nooit als potentiële dopingzondaar aangemerkt. Heuberger: „Misschien moet je wel honderd keer die proef bij Froome herhalen om hem één keer zo’n piekwaarde te laten produceren.” Het is voor een renner in elk geval riskant om aan zo’n test te beginnen. De kans is groot dat er steeds een lage waarde uitkomt.

Misschien is het slimmer voor Froome’s advocaten de testprocedure aan te vallen. Hoe kunnen dopingcontroleurs een te hoge inname van salbutamol wel opsporen?

Heuberger: „Je moet urinesamples nemen op vaste tijden na de laatste inname. En je moet een tijdlang alle urine verzamelen. Liefst ook bloed. Het is een enorm gedoe, erg belastend voor de sporters en het kost veel geld. En waarom?” Salbutamol doet immers niks bij wielrenners.

„Je kunt salbutamol en de andere bèta-2-agonisten ook helemaal verbieden”, zegt Cohen. „Dan ben je streng. Dat betekent dat mensen met inspanningsastma nooit meer kunnen winnen. Het staat de WADA vrij om een dopingbeleid te bepalen, maar ik vind dat ze zich wel aan farmacokinetische wetten moet houden.”

Stonden Sky en WADA inmiddels al op de stoep bij onderzoeksinstituut CHDR?

Cohen: „Nee. Nou ja, Sky heeft ons geliket. Dat is een reactie.” De Britse krant The Times tekende de reactie van de WADA op: het Leidse model is gebaseerd op gegevens uit studies die we kennen, zei de WADA-onderzoeksdirecteur, dus wij veranderen niks.

    • Wim Köhler