Wethouders vragen snellere doorbraak in Vestia-dossier

Het Vestia-dossier houdt investeringen in nieuwe woningen tegen. De minister moet helpen bij een versnelde oplossing, vinden 23 wethouders in de regio’s Rotterdam en Haaglanden.

Het hoofdkantoor van Vestia in Den Haag. Foto Berlinda van Dam / Hollandse Hoogte

De overheid moet meer doen om tot een snellere oplossing te komen voor de problemen rond woningbouwcorporatie Vestia. Dat schrijven de wethouders van 23 gemeenten in de regio’s Haaglanden en Rotterdam en de gedeputeerde van de provincie Zuid-Holland die over wonen gaat in een open brief aan minister Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken, D66).

Momenteel houdt het Vestia-dossier investeringen in nieuwe woningen tegen. De wethouders vragen daarom om “een doorbraak in het Vestia-dossier op korte termijn”. Ze stellen voor om een deel van de verhuurdersheffing die woningcorporaties aan het Rijk betalen aan te wenden om de corporatiesector te helpen.

Sinds vorige week donderdag dient de rechtszaak over het derivatenschandaal van Vestia. Vestia dreigde daardoor in 2012 om te vallen toen het twee miljard euro aan banken moest betalen om het schandaal te boven te komen. Daarvoor sloot het leningen af, die de corporatie probeert af te lossen. Andere woningcorporaties sprongen bij met bijna 700 miljoen euro.

Huizen verkopen

De overige 1,3 miljard hoopte Vestia bij elkaar te krijgen door 30.000 van zijn 90.000 woningen te verkopen en een huurverhoging. Inmiddels heeft Vestia, dat vooral woningen in Zuid-Holland heeft, 20.000 woningen verkocht.

Maar deze maand maakte Vestia bekend dat het verkopen van woningen niet genoeg is. De rente is te laag om huizen te verkopen en geld vast te zetten. Vervroegd aflossen kan ook niet, omdat de organisatie dan boeterente krijgt opgelegd.

Vestia heeft met andere corporaties afgesproken om nog 8.000 woningen mét hypotheekleningen over te dragen. Die overnames “komen echter niet tot stand”, schrijven de wethouders, omdat ze een fors nadeel opleveren voor de overnemende partijen. “Dan verplaats je het probleem van Vestia naar andere corporaties”, zegt Taco Kuiper, wethouder in Zoetermeer (Wonen, PvdA). En dat gaat ten koste van investeringen in nieuwe woningen.

De gemeentes vragen daarom hulp aan Ollongren om deze overdrachten te versnellen. Ze vragen de minister om een deel van de verhuurdersheffing die corporaties aan het Rijk moeten betalen daarvoor aan te wenden. Daarmee zou het gat gedicht kunnen worden tussen de prijs die marktpartijen en woningcorporaties kunnen vragen, zegt wethouder Kuiper: “Een marktpartij zal de maximale huur vragen. Een woningcorporatie de sociale huur.”

Sociale voorraad dreigt te verdwijnen

Ook de huurverhoging brengt problemen met zich mee, omdat daardoor sociale huurwoningen uit de voorraad dreigen te raken. Ook betekent het dat “sociale huurders een groot deel van de rekening betalen”, schrijven de wethouders.

Huurwoningen van Vestia zijn duurder dan van andere corporaties, legt Kuiper uit: “Omdat Vestia een grote schuld moet aflossen, is het verplicht de huren maximaal te verhogen. Mensen die toevallig in een Vestia-woning wonen, betalen daarom aanzienlijk meer huur.”

Lees ook de reconstructie over het schandaal rond Vestia: Hoe smeergeld leidde tot systeemfalen

Lees hier de brief:

Brief over Vestia aan minister van Binnenlandse Zaken by NRC on Scribd

    • Menno Sedee