Opinie

    • Carolien Roelants

Uithongering blijft een oorlogswapen, al mag dat niet

Carolien Roelants las een toespraak van de VN-Mensenrechtenchef waarin hij de verloedering van de mensenrechten aankaartte. Hij heeft gelijk.

Hoogtepunt van het Nederlandse lidmaatschap van de VN-Veiligheidsraad! Donderdag is in de Raad met algemene stemmen een resolutie aangenomen die het initiatief is van Nederland, zoals Buitenlandse Zaken zelf meldt.

Doel van de resolutie is burgers beter te beschermen in tijd van oorlog. Daartoe veroordeelt zij met name uithongering als oorlogswapen. Ik citeer minister Kaag, afgelopen maart: „In landen als Syrië, Jemen en Zuid-Soedan worden markten gebombardeerd en hulpkonvooien tegengehouden om mensen tot overgave te dwingen. Dit moet stoppen.”

Dat moet zeker stoppen. Maar mijn sombere mensbeeld zegt dat het niet gaat gebeuren. Want uithongering als oorlogswapen is al meer dan veertig jaar verboden. Additioneel Protocol I (1977) van de Geneefse Conventies zegt dat uithongering van burgers als oorlogswapen een oorlogsmisdrijf is. Resolutie 2258 van dezelfde Veiligheidsraad herinnert op 22 december 2015 nog eens aan het verbod van uithongering als strijdmethode. Naar aanleiding van Syrië, waar uithongering prominent op de menukaart staat van het regime.

U weet, naleving van het oorlogsrecht, respect voor de rechten van de mens, dat is zó, tja wat zal ik zeggen, 1977? Lees de boze toespraak die de chef van de VN-Mensenrechtenraad, Zeid Raad al-Hussein, dinsdag in Wenen hield. „Mensenrechten staan pijnlijk onder druk in de hele wereld”, zei hij. „Ze hebben niet langer prioriteit, ze zijn een paria.”

Het pijnlijke is dat niemand zich een seconde opwindt over oorlogsmisdrijven en andere schendingen van mensenrechten.

Mensenrechten als paria. Zeid gaf een hele reeks voorbeelden. Ik noem er een paar: de wereld gaat „terug naar een tijd waarin racisten en xenofoben haat zaaiden onder het publiek en discriminatie uitlokten, terwijl ze zichzelf zorgvuldig hulden in de dekmantel van democratie en de rechtsstaat.” Die kunnen wij hier in onze zak steken.

En „terug naar een tijd van regionale en mondiale proxy-oorlogen – een tijd waarin militaire operaties waren gericht tegen burgers en civiele plaatsen zoals ziekenhuizen, en waarin gifgassen openlijk werden ingezet voor militaire doeleinden.” Wie het nieuws volgt weet dat hij onder andere doelde op Rusland (in Syrië), Amerika (in Afghanistan), Saoedi-Arabië c.s. (in Jemen) en natuurlijk Syrië zelf.

Het pijnlijke is dat niemand zich een seconde opwindt over oorlogsmisdrijven en andere schendingen van mensenrechten. Waar zijn boze protesten tegen de verkrachtingen in Congo, de vervolging van de Rohingya, of de oorlog in Jemen of Syrië? Of in Afghanistan? Of bedenk zelf maar toepasselijke voorbeelden.

Akkoord, uw individuele protest zal hoe dan ook niet helpen (hoewel ik me de tijd herinner waarin mensen wél de straat op gingen; heeft uzelf misschien nog tegen de Vietnamoorlog geprotesteerd??). Maar ook regeringen die vroeger nog wel eens naleving (of niet al te openlijke schending) van de mensenrechten aan wapenleveranties verbonden, zijn daarmee openlijk opgehouden.

Ik noem natuurlijk Trumps Amerika. En dat van Obama ook, overigens. En Groot-Brittannië, waar een inmiddels aan #MeToo gesneuvelde minister zei dat Lagerhuisleden moesten ophouden kritiek te leveren op Saoedi-Arabië als ze de verkoop van gevechtsvliegtuigen niet in gevaar wilden brengen. Of Spanje, dat deze maand Saoedi-Arabië vijf oorlogsschepen verkocht waarmee de kroonprins Jemen verder kan blokkeren en uithongeren.

Maar het kan geen kwaad te herhalen dat uithongering verboden is.

Carolien Roelants is Midden-Oostenexpert en scheidt op deze plaats elke week de feiten van de hypes.

    • Carolien Roelants