Journalistiek in tijden van Trump

The Fourth Estate De Amerikaanse documentairemaker Liz Garbus volgde de redactie van The New York Times een jaar lang.

Trump-verslaggever Maggie Haberman op de redactie van The New York Times tijdens de documentaire-opnames. Foto: Showtime

Een onheilspellende wolkenlucht trekt over Washington. „Ik, Donald Trump, zweer plechtig”, klinkt de stem van de nieuwe president galmend bij het Capitool, terwijl het perspectief verplaatst naar New York. Journalisten van The New York Times volgen op de redactie in Midtown Manhattan de beëdiging van Trump op TV. „Wauw”, zegt hoofdredacteur Dean Baquet met een grijns. „Wat een verhaal.”

Zo begint The Fourth Estate, een vierdelige serie van de Amerikaanse documentairemaker Liz Garbus, waarvan het eerste deel dinsdagavond te zien is bij de VPRO op NPO 2. Garbus volgde The New York Times ruim een jaar, vanaf de inauguratie van Trump in januari 2017. Met ruime toegang tot de redacties in New York en Washington laat ze zien hoe de krant omgaat met zijn onconventionele presidentschap.

Dat is een uitdaging, want „we hebben een president die zich zeer op zijn gemak voelt om niet de waarheid te vertellen”, zegt Baquet. „Maar ik moet ook zeggen: het is spannend.”

Spannend is de eerste aflevering zeker. De gebeurtenissen uit de beginfase van het presidentschap van Trump volgen elkaar in moordend tempo op: omstreden tweets, het ontslag van Nationale Veiligheidsadviseur Michael Flynn en dat van FBI-directeur James Comey. Met een klik op de publiceerknop stuurt de Times nieuws en onthullingen de wereld in, die Twitter overspoelen en leiden tot Breaking News bij CNN.

„Het houdt geen moment op”, zegt Elisabeth Bumiller, chef van de redactie in Washington. „Het is uitputtend, overweldigend, frustrerend, gekmakend. Vergeet dat ik chef ben van de redactie in Washington, ik ben ook als Amerikaanse burger, in de ban van wat er gebeurt.”

De intensiteit van het presidentschap van Trump eist een persoonlijke tol van de journalisten die over hem schrijven, onder wie Maggie Haberman. Haberman reist per trein tussen haar woonplaats New York en Washington. Haar kinderen spreekt ze via FaceTime. Ze had verwacht dat ze na een verkiezingszege van Hillary Clinton haar leven had kunnen hervatten. „Aan de andere kant weet ik niet hoe ik zou moeten stoppen.”

Volgens Haberman, die Trump al volgde toen ze nog werkte bij de tabloid New York Post en door hem persoonlijk wordt gebeld, is Trump geobsedeerd door wat The New York Times over hem schrijft. Het tekent de unieke positie van de krant, die door de president is aangewezen als tegenstander. Hij spreekt van „de falende New York Times”. In een scene waar je rillingen van krijgt, schildert Trump journalisten van nationale media tegenover een volle zaal af als „de vijand van het volk”.

Podcast en televisie-optredens

The Fourth Estate laat zien dat dat niet klopt. Tientallen medewerkers van de krant maken overuren om zijn rumoerige regering met een open blik te verslaan. De enige agenda die zich daarbij duidelijk aftekent, is niet een agenda tegen Trump of zijn kiezers, maar voor kritische, zorgvuldige en snelle verslaggeving in het digitale tijdperk.

Dat is intensief: behalve verslag doen, worden journalisten ook geacht op TV te verschijnen, te twitteren, en mee te werken aan de dagelijke podcast. De redactie verandert zichtbaar in een 24-uurs-mediaorganisatie: de redactievloer wordt ingekrompen om geld te besparen en er is arbeidsonrust over een plan om eindredacteuren te ontslaan. Volgens tegenstanders wordt daarmee de bewering van Trump bevestigd dat de krant in moeilijkheden verkeert.

Het tegendeel is waar. „We hebben nooit meer lezers gehad”, zegt mediacolumnist Jim Rutenberg. Bij de presentatie van financiële resultaten schrijft bestuursvoorzitter Mark Thompson de toestroom van lezers grotendeels toe aan vraag naar verslaggeving over de president. In 2017 bereikte de krant een omzet uit abonnementen van 1 miljard dollar (850 miljoen euro). Thompson noemt de groei de ‘Trump bump’.

Ook The Fourth Estate speelt in op de hoogtijdagen bij het instituut, dat niet alleen lijdt onder de aanvallen van Trump, maar ook gedijt bij zijn presidentschap. The New York Times moet ervoor knokken maar de krant floreert, met dank aan Donald Trump.

    • Frank Kuin