Opinie

    • Marc Hijink

Privacyspam is iets om trots op te zijn

Zelfs in de VS oogst de EU bewondering voor de manier waarop we ons onder de Amerikaanse datakolonisatie uit weten te wurmen, schrijft Marc Hijink.

Net als bij 500 miljoen andere Europeanen zit mijn mailbox sinds vorige week vol privacyspam. Wat moet je ermee? Negeren? Weggooien? Of, God verhoede, lezen? Eerst maar eens tellen. Ik kwam tot 62 mailtjes van bedrijven en winkels van wier diensten ik blijkbaar gebruik maakte. Van sommige kon ik niet herinneren dat ik me er ooit ingeschreven had.

Alle mails waren verstuurd naar aanleiding van de Algemene Verordening Gegevensverwerking (AVG), de strengere Europese privacyregels die na twee jaar proefdraaien daadwerkelijk gehandhaafd worden. Nu met Echte Boetes.

Lees ook het AVG-vragenstuk: Mag je sportvereniging nog wel foto’s van jou online publiceren?

Exportproduct

De toon verschilt per mailtje. Van klef – ‘Privacy is persoonlijk’ en ‘Jouw privacy is onze topprioriteit’ – tot dwingend: ‘Laatste kans: blijf je abonnee?’

Mocht je denken dat de AVG een mooie manier is om van overtollige nieuwsbrieven af te komen door al die mails te negeren: helaas. Winkels vragen toestemming om je te blijven spammen, de meeste bedrijven melden alleen dat hun voorwaarden gewijzigd zijn. Daar moet je zelf actie ondernemen. Ik kan me ook niet aan de indruk onttrekken dat sommige bedrijven een lukraak berichtje met ‘Privacy’ in de kop sturen. Gewoon, omdat iedereen dat blijkbaar doet.

Je kunt je ergeren aan die privacyspam, maar eigenlijk moeten we er trots zijn. Privacy is Europa’s jongste exportproduct. Andere landen, zoals Brazilië, Zuid-Korea en Japan willen identieke databescherming. Zelfs in de VS oogst de EU bewondering voor de manier waarop we ons onder de Amerikaanse datakolonisatie uit weten te wurmen. Je zou het een datarenaissance kunnen noemen; een herwaardering van klassieke analoge waarden en de menselijke maat. Of vergeefse moeite, als je bedenkt hoeveel gegevens we al hebben weggegeven in ruil voor gratis diensten.

Nu hebben we een stok om mee te slaan maar is er niemand die ‘m vasthoudt

Er is veel geschreven over wat de privacywet voor burgers betekent. De vraag is hoe hij wordt uitgevoerd. De Autoriteit Persoonsgegevens, die de AVG moet controleren, kampt met ruzies en leegloop. De instantie werd in het FD een „vleugellamme waakhond” genoemd. De beeldspraak is exotisch, de teneur echter duidelijk. Nu hebben we een stok om mee te slaan maar is er niemand die ’m vasthoudt.

Vergrootglas

De toezichthouder zal, om efficiënt te werken, de aandacht richten op de grootste dataverzamelaars en niet op de kleinere ondernemingen. Ik twijfel of daar de meeste winst te behalen valt. Multinationals als Facebook en Google weten dat ze onder een vergrootglas liggen en hebben de capaciteit en het geld om net binnen de lijntjes te blijven kleuren.

De dagelijkse lokale praktijk is een stuk morsiger. Bij kleine bedrijven en instellingen zijn de budgetten beperkt, is de ervaring gering, de software oud en de werkdruk groot. Tijd is geld: daarom appen dokters elkaar foto’s van patiënten, mailen boekhouders onbeveiligde excelsheets, kunnen ex-medewerkers blijven grasduinen in geheime data zolang hun inloggegevens niet gewist worden en kijken installateurs mee met de webcams van hun klanten. Om maar niet te spreken over geheime camera’s in de sauna. De AVG moet ons beschermen op de plekken waar we het meest kwetsbaar zijn.

Marc Hijink is techredacteur.
    • Marc Hijink