In de boekwinkel

Vaste gasten

Elke boekhandel is anders, toch ziet er vaak dezelfde mensen.

Illustratie Wendy Panders
  • De man die komt om te praten

    Vaak een man van middelbare leeftijd, dun haar, met een linnen tasje om de schouder. Hij weet van een specifieke niche (Amsterdam tijdens het Interbellum, Märklin-treintjes, cartografie of stadsparken in Oost-Europa) heel veel en wil daarover praten. Voor de vorm vraagt hij naar een specifiek boek over zijn interessegebied. Maar dat boek is, blijkt na een blik in de systemen, al twintig jaar niet meer leverbaar. Het weerhoudt hem er niet van zijn hele verhaal te doen over de inhoud ervan. Lieve boekverkopers met genoeg tijd horen hem aan.

  • De vage klant

    Ze is op zoek naar een bepaald boek, waarover ze laatst op de radio had gehoord. Van een jonge schrijfster, dacht ze. Het boek is grappig maar óók spannend. De hoofdpersoon was een vrouw. En het verhaal speelde zich af in Ierland, of Canada, misschien wel Schotland. In zo’n typisch plattelandsdorpje. Ze reageert ongelovig als de boekhandelmedewerker het boek niet meteen (her-) kent. Het omslag was trouwens blauw, weet de medewerker het dan nog niet? Ook in platenwinkels komt de vage klant graag. Daar neuriet ze net zo lang onnavolgbare melodiën om duidelijk te maken wat ze zoekt tot de aangesproken medewerker in wanhoop met rollende ogen naar een collega seint dat hij wil worden weggebeld.

  • De grootouders van het briljante kind

    In schoolvakanties komen ze al vroeg met een wat onwillig kleinkind de boekwinkel binnen. Oma klampt direct een medewerker aan. „We zoeken een boek voor onze kleinzoon. Hij is acht, maar, eh, hij leest veel beter dan zijn leeftijd.” En dan, alsof ze de medewerker een pikant geheimpje verklapt: „Hij is avi-uit”. Deze toverwoorden betekenen dat het kind alle avi-leesniveaus van de basisschool heeft doorlopen. Het kind pakt ondertussen verveeld een Lucky Luke uit de stripbak.

  • De boekhandelmedewerkster die niet wil dat je boeken aanraakt

    Als je de mooie uitgave van een ouderwets vogelboek doorbladert, komt ze met de goedkope editie aanzetten: „Kijk, deze is leuk geprijsd.” Ondertussen neemt ze je het dure boek uit handen en zet het alvast terug in de kast. Later volgt ze je door de winkel waarbij ze stapels die al recht zijn, recht probeert te maken nadat jij eraan hebt gezeten. Dit type vrouw komt ook voor in kledingwinkels, waar ze passief agressief laat zien dat zij wel weet hoe je een trui weer hoort op te vouwen.

  • De boekwinkelpoes

    Alleen een lege kartonnen doos zit lekkerder dan een stapel boeken. Liefst atlassen of fotoboeken. De boekwinkelpoes is zo gewend aan aandacht, dat hij er nauwelijks meer op reageert. Alleen kinderen die hem onverhoeds aaien kunnen rekenen op een nijdige grauw.

  • De schrijver die zijn boek zoekt

    Na al dat zwoegen, twijfelen en lijden is het boek er. En omdat de debuterende schrijver dat zelf ook nog niet kan geloven, gaat hij even kijken of het er wel echt ligt, in de boekwinkel. Het is niet minder dan een sensatie om de lijdensweg nu in een mooie kaft op de stapel te zien liggen. Als het boek er onverhoopt níet ligt, voelt dat als een stomp in z’n maag. Hij vraagt ernaar, omdat het „lovende recensies had” zonder zich bekend te maken als de auteur. Dat zal ze leren.

  • De zoekende vrouw

    Ze heeft maar interesse in één schap: dat met zelfhulpboeken. Ze is een vaste klant, want ze is al zoekende sinds haar adolescentie. Wat is er toch met haar, vraagt ze zich af. Waarom lukt het haar niet gelukkig te zijn? Ze kiest vandaag voor Wegwijs in het labyrint van je emoties. Want toen ze het opensloeg leek het wel alsof het over haar ging. Ze rekent gehaast af, ze is bijna te laat voor mindfullness.

  • De schrijver in wording

    Deze boekwinkelmedewerker is veel te jong om zoveel van boeken te weten als hij weet. Maar hij doet niet anders dan lezen, en – voorzichtig – schrijven. Maar tot een boek is het nog niet gekomen, hij heeft nauwelijks aan zichzelf bekend dat hij schrijver is. Kan onverhoeds getroffen worden als een klant naar zijn favoriete schrijvers vraagt. Geeft de beste tips waarbij zijn wangen een vuurrode blos krijgen.

  • De belezen klant

    Hij kent alle boekhandels in het hele land, Waanders in de Broeren in Zwolle, Dominicanen in Maastricht en natuurlijk Broese in Utrecht. Maar wat zo jammer is, ze wéten er zo weinig. Zelf weet hij heel veel. Wat de verschillen zijn tussen de oude en nieuwe vertalingen van Anna Karenina bijvoorbeeld. Soms vergeet hij dat hij zelf niet in de boekhandel werkt, als hij klanten ongevraagd advies geeft over het boek dat ze uit de kast pakken. „Als je Philip Roth wil lezen, moet je niet beginnen met Het complot tegen Amerika”. Wijst de boekwinkelmedewerkers er soms op dat een boek ‘verkeerd staat’.

  • Lees ook: vaste gasten op een begrafenis
    • Merel Thie