opinie

    • Marjoleine de Vos

Gemak dient de mens, tot op zekere hoogte

In Brave New World, de beroemde dystopie van Aldous Huxley uit 1932, wordt een wereld beschreven waarin er alles aan gedaan is om het de mensen aangenaam te maken. Oud worden doen ze niet meer, ze blijven mooi en gezond tot ze eraan gaan. Onvoorspelbaarheid en eigenzinnigheid, lijden, liefde, het lijkt allemaal uit de wereld en is vervangen door efficiëntie, genot en comfort, bereikt met technologie en sufmakende drugs.

De mensen zelf zijn trouwens voor het gemak genetisch voorgeprogrammeerd en geconditioneerd, ze zijn opgedeeld in verschillende groepen die ieder op hun manier een bijdrage aan de samenleving leveren en ook niets anders willen dan wat ze doen.

De vraag van de roman is wat te prefereren is: vrij te zijn om een mens te zijn naar eigen inzicht, om andere dingen te willen dan films, seks en soma (de staatsdrug, Grieks voor ‘slaap’) maar dan ook onderworpen te zijn aan ouderdom en narigheid, of gelukkig te zijn binnen een van tevoren opgesteld stramien.

Dat laatste lijkt steeds dichterbij. De Groene Amsterdammer maakte een nummer geheel gewijd aan de technologische toekomst, met kunstmatige intelligentie, algoritmes, gentechnologie enzovoort. En daarin komen die vragen natuurlijk naar boven: wat willen we, menselijk zijn met alle tekortkomingen en lasten vandien, of beheerst worden door gemak? Als je het zo vraagt is de vraag te groot en te grof, want waarom zou mijn menselijkheid aangetast worden doordat een systeem de ijskast vult, het licht dimt of een restaurant boekt?

Het digitale denken, dat geen recht doet aan de ingewikkeldheid van zelfs de simpelste aspecten van het leven, dringt zich overal op. Neem maar al die onderzoeken waarin je gevraagd wordt op stellingen te reageren door steeds op een schaal aan te geven in hoeverre je het ermee eens bent. De antwoorden zijn eenvoudig digitaal te verwerken, maar de opzet sluit de mogelijkheid van nuancering van de stelling altijd uit. Bent u tevreden met de voorzieningen in uw woonomgeving? Verwacht u in de komende twee jaar te zullen verhuizen? Ja met sommige voorzieningen ben ik tevreden, andere niet, weer andere zijn er wel maar die gebruik ik nooit dus daar sta ik neutraal tegenover. En misschien ga ik wel verhuizen ja, maar dat houdt geen verband met de onderzochte problematiek, maar als ik invul ‘ja’ dan denkt men van wel. Enzovoort.

Het lijkt er nooit op dat er iets anders onderzocht is dan de vooronderstellingen van degenen die het onderzoek in elkaar hebben gezet. En zo gaat het met alle gedigitaliseerde levensonderdelen. Iets anders dan wat men zich kon voorstellen dat je zou willen, kunnen of moeten zit er niet in.

In De Groene, geheel gewijd aan die heerlijke nieuwe wereld, schrijft econoom Dirk Bezemer over het toenemen van consumptie en het verdwijnen van het zelf – er is geen ‘ik’ meer dat denkt – en dientengevolge van de geesteswetenschappen. Dat klinkt erg pessimistisch, maar feit is dat alles wat met cultuur en ontwikkeling te maken heeft aanzienlijk in waarde is gedaald en dat een roman bijvoorbeeld vooral heel goed wordt gevonden als iedereen dat vindt. En zelf doe ik Huxley nu ook onrecht, trouwens, want zijn boek is een roman en geen pamflet en het is beslist genuanceerder dan ik zo digitaal weergaf.

Juist dat is het punt. Het is niet zozeer de Kunstmatige Intelligentie die ons bedreigt, het is de versimpeling van wat leven zou kunnen zijn. Het is uitdagender en bevredigender om iets te veroveren dan om overal omringd te worden met ‘gemak’. Vooral geestelijk.

Marjoleine de Vos is redacteur van NRC.

    • Marjoleine de Vos