Na de Brexit toch maar het Noorse model?

Noorwegen De Britten overwegen na de Brexit toetreding tot de Europese Vrijhandelsassociatie, met Noorwegen, Zwitserland, Liechtenstein en IJsland. Welkom in grijs gebied tussen douane-unie en interne markt.

De Zweedse grens met Noorwegen. Het oponthoud is minimaal. Foto Alamy Stock Photo

Vijftien auto’s die op een woensdagmiddag om 14.01 uur stapvoets door een berkenbos slingeren in het niemandsland tussen Zweden en Noorwegen. Zo ziet de grens van de Europese douane-unie eruit op de E18 tussen het Zweedse Töcksfors en het Noorse Ørje.

Om 14.06 uur bereik ik de als blokhut vermomde controlepost van de Noorse Toll, de douane die toeziet dat reizigers niet te veel Zweedse alcohol, vleeswaren, meel of snoepgoed meenemen. „Wat komt u doen in Noorwegen?”, vraagt een douanier met een blonde paardenstaart. Mijn paspoort hoeft ze niet te zien, beide landen zijn immers lid van het Schengenverdrag. Het antwoord („Ik ben journalist en wil kijken hoe de grens eruit ziet”) stelt haar niet gerust en ze zegt vriendelijk dat ik mijn auto aan de kant moet zetten.

14.09 uur. Achterklep omhoog. Tas openritsen. 14.12 uur. Papieren van de huurauto uit het handschoenenkastje opdiepen. Perskaart tonen. „Heeft u sigaretten bij zich?”, vraagt ze. Nee. Dat heb ik niet. „U mag doorrijden. Welkom in Noorwegen. Takk.”

Buiten de bubbel

14.18 uur. Ik trek op, langs een rij in beslag genomen witte bestelbusjes met Letse en Litouwse kentekens. Die zijn van smokkelaars. Ze verstevigen de vering, zodat het niet opvalt als ze tot de nok toe volgestouwd zitten met drank. Langs de grensweg naar Ørje loopt een hek. Camera’s kijken toe.

Scandinavië is ver buiten mijn gewone werkterrein. Normaliter volg ik de Brexit vanuit het Verenigd Koninkrijk. In Londen praat ik geregeld met Britse politici, die afwisselend voor een zachte Brexit of een harde breuk zijn.

Het gevaar dreigt om in de ‘Westminster bubbel’ te worden gezogen, waar een eigen werkelijkheid geldt, waar over de economische verhouding van het Verenigd Koninkrijk met de Europese Unie gepraat wordt in containerbegrippen. ‘Zwitserland’ is een optie, net als ‘Canada’ of het meer ambitieuze ‘Canada plus plus plus’.

Dat betekent dat de politicus in kwestie denkt dat het goed en haalbaar is als de Britten net als Zwitserland ruim honderd akkoorden op sectorniveau sluiten, om zo de Britse economie dichtbij de Europese markt te brengen, een hels karwei waar de EU van zegt dat het een eenmalige vergissing was om zo met een buitenstaander een relatie aan te gaan. ‘Canada’ staat voor een vrijhandelsverdrag, waar de Britten veel autonomie bewaren, maar slechts matige toegang tot de Europese markt krijgen. ‘Canada plus plus plus’ is een wens: niet alleen de handel in goederen, maar ook die in (financiële) diensten wordt geliberaliseerd. Handelsexperts wijzen erop dat zo’n akkoord sluiten nog nooit eerder gelukt is.

De afgelopen weken maakt ‘Noorwegen’ een comeback. Theresa May verwierp aanvankelijk de mogelijkheid dat het Verenigd Koninkrijk toetreedt tot de Europese Vrijhandelsassociatie, net als Noorwegen, Zwitserland, Liechtenstein en IJsland. Noorwegen is wel deel van de Europese interne markt, maar staat buiten de Europese douane-unie. May vindt dat Oslo zich te veel moet schikken naar Brusselse regels, zoals de erkenning van vrij verkeer van personen.

Als bevriende buren

Ondanks de bezwaren van 10 Downing Street, nam het Hogerhuis een motie aan die May oproept de Noorse optie te heroverwegen. Bij Labour en de Tories is een lobby gaande van pragmatici die een lans breken voor Brits lidmaatschap van het handelsblok van nauw verwante buitenstaanders. De hernieuwde interesse in de optie Noorwegen komt doordat Mays plannen om douanezaken te regelen zijn vastgelopen. De Noorse premier Erna Solberg droeg bij aan het sentiment door tegen de Financial Times te zeggen dat zij bereid is te praten over Britse deelname. „Ik denk dat wij daar goed mee om kunnen gaan. Het zou onze onderhandelingspositie versterken”, aldus Solberg.

Premier May wil geen douane-unie met de EU. Een meerderheid van het parlement riep haar in april op dit te heroverwegen

Zie je wel, het is wel degelijk mogelijk om geen EU-lid te zijn en toch een nauwe economische relatie te koesteren, zeggen Britse politici, meestal voorstanders van uittreden, dan. Kijk naar de grens, Noren en Zweden drijven daar handel, het oponthoud is minimaal en mensen gaan daar prima met elkaar om. „Misschien kunnen wij het niet precies zoals Noorwegen regelen, maar het zou mooi zijn als wij in ieder geval de Noorse dynamiek kunnen vatten: op goede voet met de EU leven, als bevriende buren”, zegt een Labour-politicus in een achtergrondgesprek.

Het klopt dat Noren die de grens oversteken prima met de lokale Zweden omgaan, constateer ik een half uur voor mijn ondervraging door de Noorse douanier. Ik maak een wandeling door Töcksfors. Het dorpje zelf is klein, maar wordt omringd door gigantische supermarkten. Ze heten EuroCash en XXL Outlet. Ze bestaan niet om de 1.100 inwoners van het Zweedse stadje te bedienen. Het Noorse achterland is de doelgroep.

Op een parkeerplaats voor Kötthallen, ofwel Vleeshal, staan Britt (78) en Leif Christianson (80) hun stationwagen in te laden. „Dat doen we een paar keer per jaar. Voor de Kerst, voor Pasen. Wij wonen in Oslo maar hebben een buitenhuis in het Noorden waar wij de feestdagen doorbrengen. Dan slaan wij groots in”, zegt Christianson. Wat ze kopen? „Veel lam. Steaks. Die zijn goedkoper en beter. Dat geldt ook voor snoepgoed en meel. Soms scheelt het wel de helft.” Ze weten precies hoeveel ze in hun achterbak mogen laden. „Tien kilo vlees per persoon. Het is dus handig om met zijn tweeën het reisje te maken.”

Bij de Coop Extra in het Zweedse Storlien, vlakbij de grens, hangt ook een Noorse vlag.

Foto Alamy Stock Photo

Wie met een Britse Brexitbril, zoals ik, de grensovergang bekijkt, schrikt. Met de beste wil van de wereld kun je de grensovergang tussen Noorwegen en Zweden niet beschrijven als ‘onzichtbaar’, zoals de grens tussen de Britse provincie Noord-Ierland en EU-lid Ierland. En Noorwegen heeft veel nauwere banden met de EU dan het Verenigd Koninkrijk waarschijnlijk zal hebben, na uittreden. Noorwegen is onderdeel van Schengen, neemt alle relevante regels en standaarden van de interne markt over. Het enige verschil is dat Noorwegen geen onderdeel is van de Europese douane-unie.

Worsteling met de EU

Op zijn hoekkantoor legt directeur Ulf Sverdrup van het Noorse Instituut voor Internationale Zaken NUPI uit dat er zeker parallellen zijn tussen de Noorse en Britse worsteling met de EU. Net als het Verenigd Koninkrijk legde Noorwegen tweemaal EU-lidmaatschap voor aan de kiezers. In het tweede referendum, in 1994, koos 52 procent van de Noren om buiten de Unie te blijven, tegen 48 procent die voor toetreding waren. Dat is dezelfde verhouding als tijdens het Britse Brexitreferendum.

„Wel buiten de EU, maar volop geïntegreerd. Dat was volgens de politiek in 1994 de beste manier om de referendumuitslag tot zijn recht te laten komen”, zegt Ulf Sverdrup. „Dat was een akkoord tussen de conservatieven en de sociaal-democraten, tussen werkgevers en de vakbonden.”

Sverdrup betoogt dat de Britten zo snel mogelijk een fundamentele keuze moeten maken: wat voor land willen wij zijn? Willen wij Singapore aan de Noordzee worden? Willen wij een Europees sociaal model? Pas als er consensus is, heeft het zin om over de verhoudingen met de EU te praten. Sverdrup: „Het mag geen besluit zijn van een smaldeel van de Tories.”

Noren wilden de eigen landbouw en vissers beschermen en doen dus niet mee aan het Europese landbouw- en visserijbeleid. Ze zijn in staat hun markt voor deze producten af te schermen door buiten de Europese douane-unie te blijven, waardoor ze invoertarieven kunnen heffen.

Dat klinkt Brexiteers allemaal als muziek in de oren. Toch waarschuwt Christophe Hillion, een Franse hoogleraar Europees Recht aan Universiteit Leiden die in Oslo woont, dat de relatie alleen functioneert omdat Noorwegen in de kern pro-integratie is, een andere grondhouding dan de eurosceptische Brexiteers. „De Noren zijn onderdeel van de interne markt, zonder formele invloed op de totstandkoming van de regels. Als Noorwegen serieuze en legitieme bezwaren heeft tegen een regel neemt Brussel dat als gevolg serieus”, zegt Hillion.

De casus Noorwegen laat zien hoe ingewikkeld het is en hoeveel moeite het kost om slechts over een heel klein deel van de economie enige soevereiniteit te hebben. Noorwegen heeft een eigen buitenlands handelsbeleid, is zelf volwaardig lid van de Wereldhandelsorganisatie. Hillion: „Als ik Brexiteer was, zou ik mij niet blind willen staren op de teruggewonnen soevereiniteit.” Die staat toch onder druk door vrijhandel, door internationale harmonisatie voor productstandaarden en technische eisen.

De grootste prijs die het Verenigd Koninkrijk zal betalen om economisch dichtbij, maar feitelijk buiten de EU te staan, is niet financieel. „Op het moment dat de Britten uittreden, verliezen zij hun stem. Dat is kostbaar”, zegt Sverdrup. De Noren weten dat. Zij hebben slechts beperkte invloed op Europese regels. Alleen in de beginfase, als technische experts zich bij de Commissie buigen over nieuwe voorstellen, kunnen ze direct invloed uitoefenen.

Als wetgeving in wording het Brusselse proces doorlopen heeft, moeten de buitenstaanders unaniem instemmen om de regels van de interne markt toe te passen. Doen ze dat niet, dan kan de Commissie economische tegenmaatregelen treffen. Sverdrup: „Het Verenigd Koninkrijk was een van de machtigste landen binnen de EU. Na de Brexit zal het een lobbynatie worden”.

Knokken om aandacht

Sverdrup verwacht dat het moeilijker wordt voor de Britten om invloed uit te oefenen dan Noorwegen. Een vergelijking. Toen de Noren de verhouding met de EU regelden was de Europese discotheek slecht bezocht. Voor de deur stond geen rij. Nu is dat anders. Er staan 27 leden op de dansvloer. De club geniet wereldwijde faam. Niet alleen staan aspirantlidstaten voor de deur, maar ook China, Google en Apple. Sverdrup: „De Britten moeten knokken om aandacht.”

Wie een paar dagen in Oslo met academici, diplomaten en ambtenaren praat, krijgt snel het idee dat het voor de Britten een enorme opgave is om net als de Noren op goede voet met de EU te staan. Hillion: „Dit is niet alleen voor het Verenigd Koninkrijk, maar ook voor de EU een constitutioneel moment.”

De EU zal er alles aan doen om duidelijk te maken wat de kernprincipes zijn, dat er niet van afgeweken kan worden. Het is in de ogen van veel Europese landen ondenkbaar dat een buitenstaander aan tafel meepraat. De autonomie van besluitvorming is heilig. Ieder Brits voorstel dat dat ondermijnt, is problematisch. Economische ratio — de EU en de Britten blijven nauw verwant want dat is goed voor handel — kan als gevolg daarvan ondergeschikt zijn aan het overlevingsinstinct van de EU.

Dat betekent dat de Britten twee opties overhouden: of op grote afstand staan middels een handelsverdrag, of meedoen aan integratie op de voorwaarden van de EU, zoals Noorwegen dat doet. Een tussenvariant waar de Britten wél hun eigen handelsbeleid voeren, niet de rechtsmacht van het EU-hof erkennen, wel meedoen aan voor hen interessante EU-agentschappen lijkt onmogelijk. Hillion: „Zelfs als de voorstanders van een zachte Brexit in Londen aan het langste eind trekken, zal de relatie nogal anders zijn dan de Noorse verhouding met de EU.”

Een voorbeeld hoe onmogelijk de Britse wensen in Noorse ogen zijn, is de discussie over de douane-unie. Er lijkt zich een prille meerderheid in het Lagerhuis af te tekenen die wenst dat na de Brexit het Verenigd Koninkrijk tóch deelneemt aan een douane-unie met de EU.

Er wordt geopperd dat handel zo ‘frictieloos’ kan blijven en er geen noodzaak is voor douanecontroles op de grens tussen Noord-Ierland, een Britse provincie, en Ierland. „Zo werkt het niet”, zegt een Noorse diplomaat. „Er is een groot grijs gebied tussen de douane-unie en de interne markt. Zonder de regels van de interne markt over te nemen, die eisen stellen aan goederen, zullen controles nodig blijven.”

Denktankdirecteur Sverdrup erkent dat het moeilijk is. Toch wil hij waken voor te veel negativisme. „Natuurlijk is het mogelijk om buiten de EU succesvol te zijn”, zegt hij. Noorwegen is een land dat wereldwijd soft power heeft, dat meerdere ingewikkelde vredesprocessen stimuleerde en faciliteerde. Noorwegen zet zich wereldwijd in om te redden wat er van het regenwoud over is. Precies zo’n moreel verheven en nobele rol zien Brexiteers voor het Verenigd Koninkrijk weggelegd.

Noorwegen kan die rol op het wereldtoneel spelen dankzij oliereserves en een goed gevuld staatsinvesteringsfonds dat die projecten bekostigt. „Dat is het voordeel van Noorwegen. Het Verenigd Koninkrijk heeft weer andere unieke eigenschappen die het land in staat stellen succesvol te zijn”, zegt Sverdrup. Londen als financieel centrum en speelplaats voor rijken. Vermaarde universiteiten. Talentvolle academici. Een omvangrijke creatieve sector. Een gerespecteerd rechtssysteem. Engels als voertaal. Sverdrup: „Als het de Britten lukt om een redelijke overgang te regelen en tot een modus operandi te komen met de EU, kan het Verenigd Koninkrijk een succesvol land blijven.”

Brexiteers willen dat het VK wereldkampioen vrijhandel wordt. Lees ook: Dromen van een nieuwe rol als economische spil

Aan de koffie in Ørje weet men bij lunchroom Bakergaarden zeker dat Noorwegen niet bij de EU moet horen. Besluiten die op grote afstand worden genomen. Een te coulant migratiebeleid. Zorgen over de kosten. Brrrr. Nee, aan lidmaatschap moeten ze hier niet denken. Tegelijkertijd, hebben ze eveneens moeite de voordelen op te noemen van de Noorse rol als buitenstaander.

Gun Helen (51) bestiert de lunchroom. Pas als een vrouw met haar dochtertje de deur uit zijn, zegt ze hoe het zit. „Alles is hier zo duur. Voor je boodschappen moet je in Zweden zijn”, zegt Helen. „Die vrouw die net vertrok, is de eigenaar van de buurtwinkel. Zij haat de grote supermarkten in Zweden.”

Iedereen in Ørje weet dat Flexit, een lokale kampioen die afvoerbuizen, stofzuigers en ventilatiesystemen maakt, de nieuwe fabriek nét over de grens in Zweden heeft gebouwd. Iedereen in Ørje weet dat arbeidskrachten daar goedkoper zijn, dat de markt die Flexit kan bedienen vanuit Töcksfors zonder enige grenscontrole vele malen groter is dan vanuit Ørje, ook al is het geografische verschil miniem. Iedereen weet dat buiten de EU staan, hoe dichtbij ook, serieuze gevolgen heeft.

De kans op een no deal-Brexit bestaat ook nog steeds. Lees verder: Dat wordt weer eindeloos wachten bij de grens

Bekijk ook de video over hoe de Brexit de handel kan beïnvloeden:

    • Melle Garschagen