Eindelijk is Mandemakers echt de baas in Waalwijk

Stadiondeal Net als veel gemeenten worstelt ook Waalwijk met zijn betaaldvoetbalclub. Het stadion van RKC Waalwijk is nu in handen van keukenmagnaat Ben Mandemakers. Dat kostte de gemeente wel 6 miljoen.

Foto’s Rob Huibers

‘You’ll never wolluk alone’ zeggen ze bij voetbalclub RKC Waalwijk – het stadje heet Wolluk in de lokale tongval. Toch staat de Brabantse ploeg er op deze maandagavond in april vrijwel alleen voor. Vanavond is de thuiswedstrijd tegen Fortuna Sittard, koploper van de Jupiler League. Van de ruim 7.500 stoeltjes in het Mandemakers Stadion is nauwelijks een kwart bezet. De thuisclub moet het hebben van de businessclub op de vip-stoeltjes en een handvol ‘ultras’ die met gemak worden overstemd door de fans van Fortuna. RKC, vier jaar geleden nog actief op het hoogste niveau, staat na drie mislukte seizoenen op rij nu voorlaatste.

„Ik vind het knap dat we er nog zijn”, zegt Martin Notté als de wedstrijd is begonnen. Hij is directeur van een regionaal accountantskantoor en voor „een paar duizend euro per jaar” sponsor van RKC. Ondanks de bijdrage van Notté en zijn vrienden van de businessclub vecht RKC al jaren tegen faillissement. Slechte resultaten leidden tot dalende bezoekersaantallen, slinkende tv-inkomsten en geldgebrek – een wetmatigheid die andersom ook opgaat. Het is de realiteit van profvoetbal in de onderste regionen: in Roosendaal, Den Bosch, Haarlem, Emmen, Veendam, Sittard, Maastricht en Venlo kunnen ze erover meepraten.

„Met deze opkomst kan het niet uit”, zegt Notté, knikkend naar de lege stoeltjes aan de overkant. Wie niet beter wist, zou de situatie uitzichtloos noemen.

Maar er is hoop. Want keukenboer en hoofdsponsor Ben Mandemakers heeft vorig jaar het stadion gekocht. Dat droeg al zijn naam, maar was van de gemeente. „Ben is eindelijk écht de baas”, zegt de 81-jarige Toon van Heeswijk, die naar eigen zeggen bij het RKC-meubilair hoort. „Dus volgend jaar wordt alles beter.”

Hoe groot het optimisme ook is, de deal is controversieel. Het stadion is voor een zacht prijsje via een projectontwikkelaar in handen van Mandemakers beland, binnen een half jaar na de verkoop. De gemeente Waalwijk, die al decennia de gammele balans van RKC overeind houdt, lijdt 6 miljoen verlies op de verkoop. Een kritische inwoner van Waalwijk diende bij de EU een klacht over ontoelaatbare staatssteun in.

Het stadion van RKC Waalwijk, dat nu ook eigendom is van hoofdsponsor Mandemakers.

Foto Marcel van Dorst

26 jaar hoofdsponsor

Om half acht ’s ochtends springen de acht fonteinen voor het enorme kantoor van de Mandemakers Groep aan. Het geklater draagt ver over het uitgestorven industrieterrein. Ben Mandemakers vangt zelf in de lege ontvangsthal zijn bezoek op. Hij begint graag vroeg. Vaak heeft hij er op dit uur al een inpandige sportsessie met zijn personal coach opzitten.

Koffie. Mandemakers steekt van wal. „Eén ding dat je nooit in je leven moet doen is gaan houden van een voetbalclub.”

26 jaar geleden liet hij zich overhalen om één jaar hoofdsponsor te worden van RKC Waalwijk, die toen nog in de eredivisie speelde. Dat kostte hem 250.000 gulden, zegt hij. Een flink bedrag, maar het beviel hem goed. „Naar het voetbal gaan werd echt een familiemoment. En ik kreeg zulke leuke reacties.”

Het lukte de club niet om een andere hoofdsponsor te vinden, dus bleef Mandemakers het maar. Achttien jaar geleden liet hij zijn naam op het stadion zetten. Zijn rol is alleen maar gegroeid. Mandemakers geeft advies, koopt via de investeringsgroep De Bailleur spelers aan en stort waar nodig geld bij. En nu is hij ook huurbaas. „Wij als familie hebben een enorme binding met RKC. We willen maar één ding: RKC moet blijven bestaan.”

Zijn bezield sponsorschap heeft niet kunnen voorkomen dat RKC degradeerde naar de Jupiler League. Het heeft ook de financiële nood van RKC niet kunnen lenigen, al moeten de verslaggevers die niet overdrijven. „Er zijn ook jaren geweest met sluitende begrotingen.” Hoe sluitend? Hij grijnst: „Vrij sluitend.”

Waar het RKC aan ontbreekt, is een achterban, zegt hij. In de buurt zitten vier grote clubs, en Waalwijk is met 47.410 inwoners maar klein. „We hebben niet het achterland. Bij NAC in Breda zit het altijd vol, dat is hier niet.” Desondanks gelooft Mandemakers in RKC. „Dit is het dieptepunt, we gaan nu weer omhoog. Ik ben het stadion enorm aan het verbouwen. Het dak was lek, er was geen warmte. Het moet weer leuk zijn om te komen. Ik beloof geen gloriedagen, maar we komen terug.”

Supporters, spelers en directieleden van RKC op een gemeenteraadsvergadering in Waalwijk.

Zwart gat

Er zijn mensen die in de actie van Mandemakers helemaal geen redding zien. Die zien een emmer geld, nog één, die de gemeente in het zwarte gat RKC kiepert.

De financiële verstrengeling van de gemeente met de club begint rond de eeuwwisseling, als het voetbalstadion nog in aanbouw is. Het moet een mooi stadion worden, passend bij de status van RKC als gevestigde eredivisieclub. Maar plots valt tv-zender Sport 7 weg, en daarmee een flinke brok inkomsten. De gemeente springt bij en koopt het stadion voor 12 miljoen gulden. Het geld, is het idee, zal via de huur terugkomen.

Nu zitten de twee aan elkaar vast. De aankoop is het begin van een „langdurige relatie”, zo verwoordt een gemeentelijk rekenkameronderzoek naar de hulp aan RKC het in 2015. Een relatie die „niet zonder hoge kosten” kan worden opgezegd.

En hoog lopen die kosten op. Want RKC Waalwijk, een club met weinig fans, weinig sponsors en een kleine kweekvijver waaruit talent kan worden gevist, begroot steevast te ruim. Net als veel andere gemeenten met een betaaldvoetbalclub vult ook de gemeente Waalwijk de gaten. Maar Waalwijk maakt het wel erg bont.

In de jaren na de aankoop gaat het telkens zo. RKC kan iets niet betalen, de gemeente verstrekt het geld en verwerkt het bedrag in een huurprijsverhoging.

Zo geeft de gemeente in 2001 3 miljoen gulden voor de verbouwingen van de stadionhoeken en 350.000 gulden voor veldverwarming. De huur stijgt.

In 2002 geeft de gemeente 35.000 euro voor een verbouwing, de huur stijgt.

In 2003 leent de gemeente 2,5 miljoen gulden aan de club, idem. In 2005 belandt een extra vetput in de huursom. In 2006 een lichtinstallatie van bijna twee ton. In 2007 veiligheidsmaatregelen ter waarde van 85.000 euro. Telkens als de gemeente geld stopt in het stadion, gaat de boekwaarde ervan omhoog. En daarmee groeit het risico voor de gemeente op verliezen bij een faillissement van de club.

Maar het model met die huurverhogingen werkt niet. Eind 2007 degradeert RKC naar de Eerste Divisie en ontvangt de club minder geld. De hoge huur kan ze niet meer opbrengen. In 2008 heeft RKC een huurachterstand van bijna 6 ton, eind 2009 gaat dat al richting 8 ton. In 2010 dreigt RKC failliet te gaan.

De gemeente houdt de club met allerlei creatieve ingrepen op de been. Direct geld doneren mag niet, dat is staatssteun. Na alle eerdere verhogingen, gaat de huur nu plots omlaag. Ook koopt de gemeente voor 3 ton een kunstgrasveld van RKC.

Het helpt niet. In 2014 dreigt weer faillissement. Dat zou de gemeente 9 miljoen kosten, houdt de verantwoordelijke wethouder de gemeenteraad voor. De boekwaarde én de lening van de gemeente zijn dan in één klap weg. Dat geld heeft de gemeente niet, zeker niet met de decentralisatie van de zorg voor de deur.

Dus redt Waalwijk noodgedwongen RKC nog een keer. De huur gaat weer omlaag, schulden worden omgezet in leningen en de gemeente zet het stadion voor 2 miljoen euro minder in de boeken. Het geld wordt uit de algemene reserves gehaald. „Daar staan we dan weer”, zegt gemeenteraadslid Frank den Braven voor Groenlinksaf in de raadsvergadering van september 2014. „Voor de vijfde keer in veertien jaar wordt politiek Waalwijk gevraagd om RKC in leven te houden.”

Lees meer over de problemen in 2014: Kan het nog erger in Waalwijk?

Gekrenkt

Voor de gemeente is dan al lang duidelijk: ze moet zo snel mogelijk van het stadion af. „Ontvlechting” heet die ambitie in beleidstaal, ontworsteling is een passender term. Want zolang de gemeente eigenaar is van het stadion, is ze zowel huurbaas als schuldeiser. Bij geldproblemen van RKC zit ze dus klem.

Vraag is: wie wil een stadion kopen waarin een club speelt die structureel op te grote voet leeft? Er is maar één logische kandidaat: de lokale keukenmagnaat, hoofdsponsor en naamgever van het stadion, Ben Mandemakers. Maar die weigert nog zaken te doen met de gemeente. Daarvoor is zijn trots te zeer gekrenkt, vertelt hij op zijn kantoor.

Dat komt door een akkefietje van een paar jaar eerder. Na een zoveelste reddingsactie was Mandemakers rond 2010 een korte periode commissaris bij RKC. Hij stelde naar eigen zeggen met een zakenrelatie uit de regio „orde op zaken” en bedacht een plan om de boel financieel recht te trekken. „Ik dacht: ik koop dat stadion, dan kan de huur omlaag.”

Mandemakers bood „tussen de 4,2 en 4,5 miljoen”, zegt hij nu. Maar het bod – waar een eis bijkwam om een stuk grond elders in Waalwijk te ontwikkelen – heeft de gemeenteraad nooit gehaald. De reacties waren zo negatief dat Mandemakers zijn bod al introk voor het officieel werd. De keukenboer was op eigen gewin uit, dachten veel Waalwijkers. Mandemakers, zichtbaar gepikeerd: „Wat een onzin was dat! Het is de grootste teleurstelling die ik heb meegemaakt.” De hoofdsponsor heeft zich na het incident jarenlang nauwelijks nog in het stadion vertoond.

RKC-fans volgen de raadsvergadering over extra steun aan hun club op de publieke tribune.

Toch meldt zich in het najaar van 2016 onverwacht een partij die het stadion wil kopen: Peters Projectontwikkeling (PPO) uit Schaijk, 50 kilometer verderop. Het bedrijf, tot dat moment op geen enkele manier met RKC of Waalwijk verbonden, biedt 3 miljoen. Dat is 2,5 miljoen euro voor het stadion en nog eens een half miljoen voor de vordering van bijna 3 miljoen die de gemeente heeft op RKC. PPO belooft de schuld van de club direct weg te strepen, bovendien gaat de huursom flink omlaag. De particuliere schuldeisers, inclusief Mandemakers, strepen ook hun vorderingen door.

Het is een geweldige deal voor RKC, dat in één klap van zijn schuld af is én de vaste lasten omlaag ziet gaan. Ook Peters heeft het goed bekeken, blijkt 9 maanden later, als Mandemakers het stadion alweer overneemt voor een onbekend bedrag en direct een opdracht geeft aan PPO om een stuk bedrijventerrein te ontwikkelen. Mandemakers heeft alsnog het stadion in handen, „voor veel goedkoper dan wat ik toen de gemeente bood.” Een vooropgezet plan is het niet, bezweert Mandemakers. Hij kocht het omdat zoon Stefan, commissaris bij RKC, er zo op aandrong. „Toe pap”, had die gezegd, „koop jij het nou.”

En de gemeente? Die neemt een verlies van 6 miljoen euro. Eerst die 2 miljoen afschrijving uit 2014. En nu een stadion plus lening ter waarde van 7 miljoen, die samen voor 3 miljoen worden verkocht.

SGP-raadslid Richard Tiemstra kreeg er „buikpijn” van, zei hij in de raadsvergadering eind 2016. Op de zorg heeft de gemeente juist flink bezuinigd. „Het lijkt er erg veel op dat de ontvlechting van RKC voor een belangrijk deel is betaald met geld uit de zorg.” We moesten iéts met dat stadion, zegt Groenlinksaf-lid Frank den Braven achteraf aan de telefoon. „Maar moesten we er nou echt zoveel op verliezen?”

Water bij de wijn

Affiniteit met voetbal kan Ronald Bakker, geboren Gorkummer, niet worden aangewreven. De wethouder Economische Zaken (VVD) van Waalwijk is meer van het gevaar, zo is te zien op de foto’s waarmee hij zijn werkkamer in het gemeentehuis heeft versierd. Een kaalgeschoren Ronald Bakker na een partijtje boksen. Ronald Bakker bij de stierenrennen in Pamplona. „Mijn enige voetbalervaring is uit de tijd dat ik nog bij de ME zat en we af en toe Vak S leegknuppelden bij wedstrijden van Feyenoord.” Waarom heeft Bakker, verantwoordelijk wethouder sinds 2014, RKC dan toch gered? Hij zucht. Er zijn zoveel gemeenten die er mee worstelen, begint hij zijn verdediging. „We kwamen zelfs af en toe bij elkaar. Platform voor Gemeenten met een Betaaldvoetbalorganisatie, heet die club. Net de AA. „Hoi”, zei ik dan. „Ik ben Ronald en ik zit erin voor 9 miljoen”.

Bakker beseft dat de gemeente Waalwijk „een sloot water bij de wijn” heeft gedaan. 6 miljoen is veel geld, al betaalt Waalwijk ook elk jaar 1,2 miljoen aan het theater en daar gaan minder mensen naartoe. „Maar ik was al blij dat er een koper was”. Heeft hij Mandemakers zelf nog gebeld voor een hoger bod? „Nee.” Heeft hij gezocht naar andere kopers? Niet echt. „Had ik het op Funda moeten zetten? Te koop: stadion met enig achterstallig onderhoud?”

Toe pap, koop jij het nou

Stefan Mandemakers

Bakker had RKC ook failliet kunnen laten gaan, het stadion tegen de vlakte kunnen gooien en de grond kunnen laten volbouwen met woningen. Voetbalclub RBC Roosendaal kon toch ook failliet? De wethouder heft z’n handen omhoog. „Het stadion is een splijtzwam. Als ik dat had gedaan, was ik opgeknoopt.”

Het is overigens niet zo dat Mandemakers dat nu wel mag doen. De gemeente behoudt het recht om het stadion voor 2,5 miljoen terug te kopen als er niet meer in gevoetbald wordt. En met die stijgende grondprijzen kan dat gunstig uitpakken voor de gemeente, grijnst hij.

Hij is blij dat Mandemakers het nu heeft. „Dat is goed voor het voortbestaan van RKC.” De gemeenteraad heeft zich er bij neergelegd. De melding bij de Europese Commissie over staatssteun is niet opgepakt, omdat die door een burger was ingediend, en dat mag niet.

Nuchter

De ontbijtsessie is voorbij. Ben Mandemakers moet aan het werk, zijn kantoorpand loopt vol.

Wat vindt hij er nu van dat de gemeente zoveel aan RKC heeft betaald? Hij leunt achterover. Natuurlijk heeft de gemeente „water bij de wijn” gedaan, zegt hij. Maar ik heb het meeste water erbij gedaan.”

Dat hele gedoe over vermeende staatssteun komt hem allemaal bekrompen over. „Je moet er nuchter naar kijken. Wat als meneer Mandemakers er niet was geweest? Dan werd er in Waalwijk niet gevoetbald.”

Lees ook het interview met Mandemakers uit 2017: ‘Ik had al een soort private-equityclub
    • Carola Houtekamer
    • Joris Kooiman