Brieven

Brieven

Afgelopen tijd heb ik in Bangalore, de hoofdstad van de Indiase staat Karnataka, gewerkt. De plaats ook die bekend staat om het ongestraft gebruik van de claxon om je een weg te banen door de verkeerschaos. Deze kakofonie is een soort deken over de stad, je went eraan, maar het blijft vervelend.

Ik keek daarom reikhalzend uit naar Nederland, alwaar tenminste consequent gehandhaafd wordt tegen nodeloos verkeerslawaai, waardoor iedereen kan genieten van de relatieve rust op straat, het sportveld of in de vrije natuur. Niets blijkt echter minder waar, want mijn terugkeer viel samen met de start van het motorseizoen op de Nederlandse wegen en iedereen mag dat weten ook, want het snerpende geluid van snel optrekkende motoren gaat door merg en been. Natuurlijk gun ik motorrijders hun rijplezier, maar niet tegen elke prijs. Blijkbaar kunnen deze tweewielige weggebruikers al jaren hun gang gaan in de zomermaanden, er wordt niet tegen opgetreden.

Onbewust dacht ik aan dat beeld van die drie aapjes van Confucius. Eentje met zijn handen voor zijn ogen, de ander met zijn handen tegen zijn oren, en de laatste met zijn handen voor zijn mond. Hoe vreemd eigenlijk dat de politie zo’n handelswijze voorstaat in zo’n expliciet voorbeeld van onwelvoeglijkheid?!

    • Rene Beerepoot