Opinie

    • Maarten Schinkel

Wie schulden wil, heeft nu alle macht

Wie herinnert zich de Ninja’s nog? Tien jaar geleden, in de aanloop naar de kredietcrisis, kreeg in de Verenigde Staten iedereen en zijn huisdier een hypotheek om een huis mee aan te schaffen. De voorwaarden waren dermate licht, dat deze leningen gaandeweg Ninja-hypotheken werden genoemd. Je hoefde geen inkomen te hebben, geen werk en geen aanbetaling te doen. No income, no jobs or assets: Ninja.

Dat was niet alleen een teken dat de financiële industrie blind leningen wegzette om de commissies op te strijken - en daarna de zondvloed. Het illustreerde ook het machtsverschil tussen degenen die wilden lenen en degenen die krediet wilden verschaffen. Normaal ligt, zeker bij kleinere bedragen, de macht bij de crediteur. Maar als de drang om uit te lenen maar groot genoeg is, dan verschuift de macht naar de debiteur.

In het bedrijfsleven waren er destijds zogenoemde covenant-lite-leningen. Dat waren bedrijfskredieten waar de lener wist te bedingen dat er hoegenaamd geen voorwaarden waren. Normaal let de crediteur erop dat het bedrijf niet zomaar nog meer nieuwe leningen aangaat. Normaal ziet hij toe dat de totale schuld van het bedrijf niet meer is dan, bijvoorbeeld, vijfmaal de jaarlijkse bruto inkomsten. En normaal past de crediteur goed op dat de lening die hij heeft gegeven voorrang heeft boven andere verplichtingen van het bedrijf, mocht het in de problemen komen of failliet gaan.

Covenant-lite maakte daar destijds een einde aan. Crediteuren hadden steeds minder te vertellen en konden nauwelijks eisen stellen. De kredietcrisis maakte hardhandig een einde aan deze praktijk. Maar let op: convenant-lite is weer helemaal terug. Al meer dan een jaar zien advocaten en andere adviseurs dat dit leningstype weer oprukt. En niet alleen in de VS. Ook in Europa, ook in Nederland.

De reden is simpel: er is te veel geld op zoek naar een doel. Dat drijft de aandelenkoersen op, het drijft de huizenprijzen op, het drijft de marktrentes omlaag. En het veroorzaakt net als toen een machtsverschuiving van de crediteur naar de debiteur. Anders gezegd: u mag blij zijn dat ik geld van u leen.

Het vakblad Private Equity News kwam een paar maanden geleden met een bericht op basis van cijfers van kredietbeoordelaar Standard & Poor’s. Daaruit blijkt dat, in 2016, 33,1 miljard euro aan covenant-lite leningen werden verstrekt in de EU. Dat is vorig jaar meer dan verdubbeld tot 78,6 miljard euro. In 2011 was het cijfer nog nul. Van alle leningen die voor hefboom-transacties (bijvoorbeeld zwaar gefinancierde bedrijfsovernames) werden gedaan, was maar liefst viervijfde ‘cov-lite’.

Kredietbeoordelaar Moody’s houdt intussen bij wat de gemiddelde voorwaarden zijn voor bedrijfsleningen. Deze ‘covenant quality index’ is inmiddels zo verslechterd dat zowel de Bank voor Internationale Betalingen als het Internationaal Monetair Fonds aan de bel heeft getrokken.

Voor de betrokken bedrijven hoeft dit op het eerste gezicht niet onprettig te zijn. Zij lenen tegen bijzonder gunstige voorwaarden. Maar de huidige praktijk betekent wel dat ze kunnen worden volgehangen met krediet.

Voor de financiers daarentegen is er niet erg veel economische tegenwind nodig om in de problemen te komen. Want eens slaat de conjunctuur weer om. Eens keert de ‘kredietcyclus’. Gewone verhandelbare bedrijfsleningen, ‘corporate bonds’, hebben volgens Bloomberg in Amerika de ergste koersdalingen, gerekend over honderd dagen, achter de rug sinds 2000. In de VS stijgt de officiële rente al, in Europa nog lang niet. Maar toch, eens denken we weer: wat? Een paar honderd miljard aan Europese cov-lite-leningen? Hoe kon dit in godsnaam gebeuren? Wel: het gebeurt nu.

Maarten Schinkel schrijft over economie en financiële markten.
    • Maarten Schinkel