Vredesverdrag met FARC inzet van Colombiaanse presidentsrace

Colombia

In de eerste kiesronde om het presidentschap lijken een linkse ex-guerrillero en een rechtse technocraat de meeste kans te maken.

Colombianen lopen voorbij een advertentie van presidentskandidaat Gustavo Petro. Foto Joaquin Sarmiento/AFP

Ruim 1,5 jaar nadat een vredesverdrag tussen de regering en guerrillabeweging FARC een eind maakte aan 52 jaar burgeroorlog, kiest Colombia zondag een nieuwe president. De stembusgang lijkt een krachtmeting te worden tussen links en rechts en tussen voor- en tegenstanders van het akkoord met de FARC. De twee meest kansrijke kandidaten om de tweede ronde (op 17 juni) te halen, zijn elkaars complete tegenpolen.

Ivan Duque belooft een aantrekkelijk klimaat voor buitenlandse investeerders, wil de ‘war on drugs’ opvoeren en zou het liefst het akkoord met de FARC ontmantelen.

Foto Fernando Vergara/AP

De rechtse technocraat Ivan Duque (41) belooft een aantrekkelijk klimaat voor buitenlandse investeerders, wil de ‘war on drugs’ opvoeren en zou het liefst het akkoord met de FARC ontmantelen. Het verdrag opzeggen, is lastig. Maar hij zou er wel alles aan kunnen doen de haperende implementatie van het akkoord verder te vertragen. Duque kan volgens de peilingen wel eens meer dan 40 procent van de stemmen binnenhalen.

Hoewel Duque de politieke ervaring van de oudere Petro mist, geniet hij de steun van zijn invloedrijke leermeester, oud-president Álvaro Uribe (2002-’10). Duque’s politiek ster is snel gerezen, maar zijn critici stellen dat hij dient om Uribe via de ‘achterdeur’ weer te laten regeren. De ultrarechtse oud-president, tegen wie een strafrechtelijk onderzoek loopt voor banden met extreem-rechtse paramilitairen, is nog populair - vooral onder tegenstanders van het vredesakkoord. Uribe heeft Petro eerder van FARC-sympathieën beticht.

Gustavo Petro wil een socialer beleid, hogere belastingen voor de rijken en de klasse-ongelijkheid aanpakken.

Foto Henry Romero/Reuters

Petro sloot zich op zijn 17de aan bij een andere linkse guerrillabeweging, M-19, maar maakte geen deel uit van de gewapende tak. Na jaren op de vlucht te zijn geweest voor het leger (waarbij hij een tijd als vrouw verkleed ging) werd hij alsnog opgepakt, opgesloten voor 18 maanden en naar eigen zeggen gemarteld.

Toen M-19 demobiliseerde in de jaren tachtig, trad Petro toe tot de politiek en werd burgemeester van Bogotá. Hij wordt gezien als ervaren politicus en is zowel geliefd als gehaat. Zijn tegenstanders waarschuwen dat hij Colombia zal veranderen in een soort Venezuela en Cuba. In het verleden liet Petro zich positief uit over wijlen Hugo Chávez, maar van het huidige regime in Venezuela nam hij afstand. Petro’s aanhang ziethem als personificatie van een moderner links, waar na het wegvallen van de marxistische FARC weer ruimte voor lijkt. Naast het FARC-akkoord is een andere belangrijk verkiezingsthema, zoals overal in de regio, corruptie. Evenals de influx van Venezolaanse vluchtelingen.

Overige kandidaten zijn de onafhankelijke politicus Sergio Fajardo (61), die op 16 procent staat in de peilingen. Fajardo transformeerde als burgemeester het ooit zo gewelddadige Medellín tot economische modelstad. Een minderheid van de stemmen gaat naar verwachting naar oud-vicepresident Germán Vargal Lleras en de liberaal Humberto de la Calle, oud-vredesonderhandelaar. De huidige president Juan Manuel Santos, die de Nobelprijs voor de Vrede kreeg, is niet herkiesbaar.

Lees ook: Lees ook: Colombiaanse kiezers keren zich af van FARC-akkoord
    • Nina Jurna