‘Weet u wat het is? Ik vertel gewoon de waarheid’

De twijfel bij de rechtbank over de geloofwaardigheid van Holleeder was donderdagmiddag voelbaar. Al eerder gaf De Neus leugens toe.

Foto ANP

“Weet u wat het is”, vraagt Willem Holleeder retorisch als hij donderdagochtend voor de zoveelste keer wordt doorgezaagd over het nooit gevonden Heinekenlosgeld. „Ik vertel gewoon de waarheid.”

Maar welke waarheid is dat? Is dat de waarheid van voor 2007 of is dat de waarheid van nu? Het is een relevante vraag in de strafzaak tegen Willem Holleeder. Bijna 35 jaar na de ontknoping van de Heinekenontvoering vertelde Holleeder dat hij al die tijd over het losgeld heeft gelogen. Terwijl een getuige vertelde dat het geld werd geïnvesteerd in vastgoed op de rosse buurten van Amsterdam en Alkmaar, hield Holleeder stug vol dat dat niet waar was.

Pas aan het begin van dit proces heeft hij die leugen over het geld toegegeven. Holleeder vertelde dat hij miljoenen heeft overgehouden aan de ontvoering. En toen hij toch bezig was, bekende Holleeder meteen een tweede leugen: een deel van het geld investeerde de Neus bij vastgoedbaron Wim Endstra. Toen hij in 2007 werd vervolgd voor afpersing van Endstra, ontkende hij bij hoog en laag dat hij zelf geld had geïnvesteerd bij de vastgoedbaron. Dat was dus ook niet waar.

Inleidende beschietingen

Na de inleidende beschietingen in de strafzaak, die bijna vier maanden hebben geduurd, is de rechtbank nu toe aan de vijf afzonderlijke zaaksdossiers die op de tenlastelegging van Holleeder staan. Voor de eerste, de moord op Cor van Hout in 2003, behandelde de rechtbank de geschiedenis vanaf de Heinekenontvoering in 1983.

Dit college contemporaine geschiedenis van de Amsterdamse onderwereld bleef hangen bij de vraag wie het verborgen Heinekengeld nou heeft opgegraven. Is dat Willem Holleeder geweest, die zelf heeft verklaard dat hij het heeft opgegraven in de Lage Vuursche nadat hij was ondergedoken in Parijs? Of was dat zijn oude helper Thomas van der Bijl, de man die na de ontvoering in 1983 zijn auto beschikbaar stelde voor de vlucht naar de Franse hoofdstad voor Holleeder en zijn zwager Cor van Hout.

Thomas van der Bijl heeft in 2005 een gedetailleerde verklaring afgelegd over het losgeld, en zijn verhaal wordt door een drietal andere getuigen op grote lijnen bevestigd. Maar Willem Holleeder houdt vol dat hij zelf heeft gedaan.

Niet te controleren

Het lijkt geen hele relevante vraag, omdat inmiddels door iedereen wordt aanvaard dat het geld na de ontvoering is geïnvesteerd. En toch stond de rechtbank er nadrukkelijk bij stil. Zo nadrukkelijk dat Holleeders advocaat Sander Janssen zich op enig moment hardop afvroeg: waarom zou meneer Holleeder hier nou over liegen? Janssen stelde dat Holleeder de verklaring van Van der Bijl op andere punten onderschrijft. Dus waarom zou de Neus Van der Bijl dan op dit punt afvallen? Het woord geloofwaardigheid viel. En daar lijkt dit inderdaad allemaal om te draaien.

Officier van justitie Lars Stempher zag zijn kans en beantwoordde de vraag van advocaat Janssen met een vraag aan Holleeder. Kunt u vertellen wie u geholpen hebben bij dat opgraven zodat we uw verklaring op dit punt bij hen kunnen controleren? Holleeder antwoordde op zijn Holleeders: hij noemt geen namen, zei hij, omdat die mensen anders „last krijgen, met de media en zo”. Hij vertelde alleen dat een van zijn helpers dood is. Daarmee gaf hij het Openbaar Ministerie een kans voor open doel: uw woorden zijn niet verifieerbaar.

Officier van justitie Stempher vervolgde: het lastige is dat u met een bepaalde stelligheid de waarheid presenteert, die vaak niet is te controleren. „Soms geef ik misschien te snel antwoord en dan word ik daar op afgerekend”, antwoordde Holleeder.

Dat gebeurde bijvoorbeeld tot twee keer toe tijdens de verhoren van Peter R. de Vries. Afgelopen dinsdag moest Holleeder schielijk een beschuldiging van meineed aan het adres van de misdaadjournalist intrekken.

Lees meer over de zaak dinsdag: Peter R de Vries: Holleeder loog over telefoontje

Collegetour

Stempher liet niet los. Neem nou het programma Collegetour waar u in 2012 een interview aan gaf, ging hij verder. „U zei daar: het kan zijn dat ik niet alle vragen beantwoord maar als ik antwoord geef, is dat de waarheid. Daar vertelde u dat het losgeld was verbrand en u er niks mee van doen had.” Holleeder reageerde opnieuw op zijn Holleeders: „Het is wat anders of ik bij Collegetour zit of dat ik hier bij de rechtbank zit. Als iemand in de kroeg iets vraagt over dat losgeld, zeg ik ook dat het is verbrand.” Stempher: „Ja, maar bij de rechtbank loog u er in 2007 ook over.”

De Neus kwam toen met het excuus dat hij al eerder heeft gebruikt: ik heb toen gelogen om mijn zussen te beschermen die werden verdacht van witwassen van de erfenis van Cor van Hout dat een deel van het Heinekengeld omvatte. „Weet u wat het is”, vatte Holleeder samen, „ik vertel gewoon de waarheid”.

Er vloeide donderdagmiddag nog geen bloed omdat het allemaal ging over kwesties waarvoor Holleeder niet terechtstaat. Maar de twijfel bij de rechtbank over de geloofwaardigheid van de Neus was donderdagmiddag voelbaar.

    • Jan Meeus