Palestijnen verliezen op alle fronten snel terrein

Geen bondgenoten Internationaal en in eigen kring verliest de Palestijnse Autoriteit aan gezag.

Een Palestijnse jongen wacht bij het grenshek met Egypte. Hij wil de oversteek samen met zijn familie maken. Foto Khalil Hamra/AP

Terwijl vorige week de Amerikaanse ambassade in Jeruzalem werd geopend, vielen in de Gazastrook zestig doden. Deze week klaagde de Palestijnse minister van Buitenlandse Zaken bij het Internationaal Strafhof in Den Haag over Israëlische nederzettingen. Prompt kondigde Israël de bouw van nieuwe huizen in Palestijns gebied aan.

Niemand twijfelt eraan dat de Palestijnen er slecht voor staan. Hoe slecht precies?

Ten eerste is hun internationale positie ronduit zwak. Kort samengevat: de Palestijnen hebben geen bondgenoten, Israël wel. De alliantie tussen de Verenigde Staten en Israël was altijd al hecht, maar is met het aantreden van president Trump nog explicieter geworden. De Arabische buurlanden zijn te druk met hun eigen interne problemen of zien meer heil in een toenadering tot Israël. Europa steunt de tweestatenoplossing nog, maar neemt geen krachtige standpunten in.

Ten tweede is het Palestijnse leiderschap ver te zoeken. De steun voor de Fatah-beweging van president Mahmoud Abbas neemt gestaag af. Nu de 82-jarige president weer ziekenhuis in, ziekenhuis uit gaat, volgens de laatste berichten met een longontsteking, komt de vraag over zijn opvolging weer op. De weinige kandidaten die enige populariteit genieten, zijn problematisch. Maar het kan niemand echt iets schelen, zei de politicoloog Mahdi Abdul Hadi tegen de Australische zender ABC. „De opvolgingskwestie zal voor niemand in de bezette gebieden verschil maken.”

De afstand tussen Palestijnse inwoners van Gaza, de Westelijke Jordaanoever, Jeruzalem en Israëlische steden wordt steeds groter. Dat komt door de Israëlische toegangsbeperkingen en de fysieke afsnijding van elkaar, maar ook door de voortdurende onderlinge strijd tussen Hamas en Fatah. De zoveelste verzoeningspoging tussen Hamas in de Gazastrook en Fatah op de Westelijke Jordaanoever, vorig jaar beklonken na bemiddeling door Egypte, wordt algemeen als mislukt beschouwd. Volgens een Palestijnse opiniepeiling van maart dit jaar zou Fatah in parlementsverkiezingen nog net winnen van de rivaliserende Hamas-beweging. Niet dat die stemmen zich snel zullen vertalen in echte stemmen – er zijn al 13 jaar geen verkiezingen geweest.

Lees ook dit interview met de Palestijnse minister van Buitenlandse Zaken: internationale gemeenschap heeft genoeg van opstelling Israël

Een nieuwe politieke beweging onder jongeren dan, die de overgrote meerderheid vormen van de Palestijnse bevolking? Daar is weinig kans op. Niet alleen werkt Israël politieke activiteiten die het ziet als vóór de Palestijnen en tégen Israël, steeds openlijker tegen, maar vooral treden zowel Hamas als de Palestijnse Autoriteit autoritair op tegen elk tegengeluid. Mensenrechtenorganisaties beschuldigen beide partijen van afluisterpraktijken en marteling in gevangenissen. Jongeren hebben het gevoel dat ze buiten het politieke proces worden gehouden.

Na de Eerste en Tweede Intifada in de jaren 90 en 2000 zijn er geen grote verzetsbewegingen meer geweest, vreedzaam noch gewapend. Er zijn kleine protesten her en der, en af en toe vlammen de protesten even op, zoals met de verplaatsing van de ambassade. Sinds 2015 plegen individuele Palestijnen met keukenmessen soms moordaanslagen op Israëliërs, maar die lijken eerder de wanhoop van jongeren te onderstrepen dan dat er sprake is van gecoördineerde actie.

Tegenover de Israëlische tactiek zo veel mogelijk facts on the ground te creëren, proberen Abbas en zijn medewerkers de staat Palestina los van onderhandelingen met Israël op zo veel mogelijk plekken internationaal erkend te krijgen. Het is sinds 2012 een ‘waarnemer’ in de Verenigde Naties, en probeert lid te worden van allerlei kleinere VN-organen. Ook deze strategie heeft echter veel weg van een wanhoopspoging.

Al heeft Abbas gezegd niet meer met de Amerikanen te willen praten, de Palestijnen zullen niet ontkomen aan bemiddeling door de VS. De Arabische staten lijken voor te sorteren op een internationale deal waarbij de VS goeddeels de voorwaarden bepalen. Na uitspraken van de Saoedische kroonprins Mohammed bin Salman die dicht bij de erkenning van de staat Israël kwamen, is ook Qatar, zelf in conflict met de andere Golfstaten, aangeschoven bij besprekingen met de VS.

Israëls bewering dat er „geen partner” is aan de andere kant van de onderhandelingstafel, lijkt steeds meer bewaarheid te worden – deels door toedoen van Israël, deels door de Palestijnse interne perikelen.

    • Jannie Schipper