Recensie

De wrede wereld van Machiavelli

Niccolò Machiavelli De machthebbers in de Italiaanse renaissance handhaafden zich door geweld. Een nieuw boek zet Machiavelli neer als ideale schoonzoon, maar hij bewonderde de broedermoordenaars.

Houtsnede van Machiavelli door Louis Jou, begin twintigste eeuw. Ullstein Bild

Op zondag 26 april 1478 schrijdt de heerser van Florence, Lorenzo de’ Medici, aan het begin van de hoogmis de tjokvolle kathedraal in, gevolgd door zijn jongere broer Giuliano. Twee vrienden lopen wat met Giuliano te stoeien. Voor de gein, lijkt het, maar ze kijken of hij gewapend is en slaan dan toe. Ze steken zo heftig op hem in dat een van de moordenaars zijn eigen been verwondt.

Het gaat om een samenzwering van de Pazzi’s. Een woedende menigte lyncht vervolgens een van de daders, Francesco Pazzi: naakt bungelt hij uit een raam van Palazzo della Signoria. Een andere Pazzi wordt ook vermoord en, nadat hij is geëxcommuniceerd, een paar dagen later uit zijn graf gehaald om voor straf buiten de muren begraven te worden. Waarop jeugdbendes zijn lijk ’s nachts nog eens een keer opdelven, het laten aanbellen bij Palazzo Pazzi waar niemand meer open doet, om het dan in de Arno te smijten.

Welkom in de Italiaanse Renaissance. Gewelddadige games als Assassin’s Creed putten dankbaar uit deze geschiedenis en kunnen de verbeelding beter temperen dan er nog iets aan toevoegen. Dit is de wereld van Niccolò Machiavelli (Florence, 1469-1529), een tijd waarin verdragen weinig betekenis hebben en waarin macht zich slechts handhaaft bij de gratie van chantage, moordlust, achterbaksheid, plundering, bluf en wreedheid.

De ambtenaar en diplomaat Machiavelli was bij leven bekender door zijn toneelstukken dan door zijn politieke geschriften. Maar na zijn dood bezorgden juist die geschriften hem roem, zij het vooral als cynisch denker over macht.

Filosofen als Hume, Spinoza en Rousseau probeerden dat beeld later vergeefs te nuanceren. In deze traditie wil de politiek filosoof Erica Benner (1962) aantonen dat Machiavelli niet alle middelen rechtvaardigt om de macht te handhaven. Wij moeten hem niet altijd letterlijk nemen en meer oog hebben voor de meerstemmigheid in zijn werk, dat destijds met argusogen gelezen werd.

Benner heeft grote kennis van de bronnen en put veel uit brieven. Alleen maakt ze van Machiavelli in een wat kinderlijk getoonzet betoog, dat de hoofdpersoon bij zijn voornaam noemt, een briljant diplomaat met geniale politieke inzichten, miskend door tijdgenoten en gefrustreerd door pech en de domheid van zijn meerderen en vijanden. De ideale schoonzoon, een rechtschapen mens, een Socrates.

Dat werkt een beetje averechts. Want was Machiavelli niet ook een groot bewonderaar van de meedogenloze Cesare Borgia, die zijn vader, Paus Alexander VI naar de kroon stak in wreedheid, bedrog en seksuele uitspattingen? In Machiavelli’s belangrijkste boek, De heerser, wordt de ideale vorst uitgerekend vertegenwoordigd door deze onbetrouwbare broedermoordenaar, die de laatste jaren van zijn leven een zwart masker droeg om zijn door syfilis aangevreten gezicht te verbergen.

Erica Benner beschrijft overtuigend de chaos van deze roerige tijd, de opkomst en ondergang van boeteprediker Savonarola, de verwoestende veldtochten van de Fransen en de steeds wisselende bondgenootschappen. En al mijdt ze elke filosofische gedachte, ze maakt wel duidelijk hoe waardevol Machiavelli’s pleidooi is voor geloof in wetten en instituties. Zo hamerde hij aanhoudend op het belang van een eigen leger, in plaats van huurtroepen die alleen op plundering en eigen gewin uit waren.

Haar relaas doet je beseffen dat de natuurlijke toestand van een samenleving tegenwoordig eerder in Syrië, Myanmar of Libië is te vinden dan in Europa, en ook hoe lang de weg is naar een veilige en humane samenleving als de onze.

Lees ook de bespreking van de biografie van Leonardo Da Vinci, tijdgenoot van Machiavelli
    • Maarten Doorman