Een migrant uit Pakistan zit te bellen in het tentenkamp in het park tegenover het stadhuis van Sarajevo, 17 mei 2018. Een dag later werd het kamp ontruimd door de Bosnische politie.

Foto Amel Emric/AP

Nabir uit Kashmir zit al in Sarajevo

De migrantenstroom via Griekenland richting EU groeit weer. Deze keer dreigt Bosnië een flessenhals te worden.

Een groepje jonge mannen ligt in het gras voor het station van Sarajevo. „We komen uit Kashmir”, zegt Mohammad Nabir. „We wachten op vrienden die uit Servië komen.” Hun eindbestemming kennen ze nog niet. Eerst maar even Bosnië uitraken richting EU-lidstaat Kroatië.

De mannen behoren tot de meer dan 4.000 migranten die sinds januari aankwamen in Bosnië-Herzegovina. Meer dan de helft bereikte het Balkan-land in de afgelopen maand: met de zomer op komst, neemt de instroom fors toe.

Vluchtelingen verzamelen hun bezittingen tijdens de ontruiming van het tentenkamp tegenover het stadhuis in Sarajevo, 18 mei 2018. Foto Amel Emric/AP

Grenshekken en de verhoogde aanwezigheid van grenspolitie versperren vandaag de grenzen tussen Servië en EU-lidstaten als Hongarije en Kroatië. Het gevolg is dat migratieroutes door de westelijke Balkan zich verlegden richting Bosnië, een van de armste landen in de regio.

Bovendien steeg het aantal mensen dat Griekenland bereikte ten opzichte van 2017, hoewel het nog steeds om veel lagere getallen gaat dan de honderdduizenden die in 2015 aankwamen. 10.700 mensen betraden dit jaar de EU via de Griekse eilanden, een stijging met meer dan de helft.

Maar de opvallendste toename vond plaats aan de landgrens tussen Griekenland en Turkije: die werd sinds januari gebruikt door meer dan 6.100 mensen, negen keer zoveel als in dezelfde periode vorig jaar. De landgrens valt niet onder het vluchtelingenakkoord tussen de EU en Turkije, dat voorziet in deportatie richting Turkije van migranten die niet in aanmerking komen voor asiel.

Vluchtelingen in een verlaten gebouw in Bihac, Bosnië.
Foto Amel Emric/AP
Een vluchteling speelt met een baby in een verlaten gebouw in Bihac, Bosnië.
Foto Amel Emric/AP
Jonge vluchtelingen spelen voor een verlaten gebouw in Bihac, Bosnië.
Foto Amel Emric/AP

De migranten in Bosnië komen uit Zuid-Azië, het Midden-Oosten en Afrika. Er zitten veel volwassen mannen bij, maar ook gezinnen met kinderen. Velen maakten gebruik van een nieuwe route die vanuit Griekenland, via Albanië en Montenegro richting Bosnië loopt. Anderen kwamen uit Servië. Daar verbleven ze vaak al maanden, na een tocht door Macedonië of Bulgarije. Een opvallende groep zijn Iraniërs, die sinds eind 2017 gebruik maken van een akkoord tussen de Servische en Iraanse regering over visa-vrij reizen.

De Montenegrijnse route is het onherbergzaamst: woeste bergen, wilde dieren. Maar ook andere Bosnische grensgebieden zijn gevaarlijk, dankzij overgebleven mijnenvelden uit de Bosnische oorlog tussen 1992 en 1995. Die proberen migranten te omzeilen met behulp van Youtube-video’s waarop ze betrouwbare routes markeren.

Mensen helpen een vluchtelinge die onwel werd nadat haar bus werd tegengehouden en terug gestuurd door de Bosnische politie vlakbij Konjic, Bosnië, 18 mei 2018. Foto Dado Ruvic/Reuters

De Kroatische politie stuurt vluchtelingen regelmatig terug volgens verklaringen van migranten en mensenrechtenorganisaties, zelfs als ze asiel aanvragen. Daarbij zouden agenten vaak geweld gebruiken. Senad Okanovic, directeur van een medisch centrum in grensplaatsje Velika Kladusa, zegt dat hij bij een tiental migranten verwondingen zag die overeenkomen met hun getuigenissen over politiegeweld.

De Bosnische overheden worstelen met het stijgende aantal mensen op hun grondgebied. „Bosnië vreest de rol van Servië als flessenhals op de Balkan-route over te nemen”, zegt Peter van der Auweraert, coördinator van de intergouvernementele Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) in de Balkan.

Door de beperkte Bosnische opvangcapaciteit dreigde een „humanitaire crisis” te ontstaan in Sarajevo, zegt hij. Enkele honderden migranten hadden hun tenten opgeslagen in een parkje tegenover het Moorse stadhuis. Dat is inmiddels ontruimd en omgespit: de regering liet de migranten per bus overbrengen naar een nieuw opvangcentrum in het plaatsje Salakovac.

Vluchtelingen uit Syrië, moeder en kind, voor hun tent in het tentenkamp tegenover het stadhuis in Sarajevo.
Foto Amel Emric/AP
Een Bosnische agent kijkt toe hoe vluchtelingen aan boord gaan van een bus, nadat hun tentenkamp tegenover het stadhuis is Sarajevo is ontruimd door de politie, 18 mei 2018.
Foto Amel Emric/AP
Het vluchtelingenkamp in Salakovac, vlakbij Mostar.
Foto Dado Ruvic/Reuters

Niet iedereen wil naar Salakovac. Op enkele honderden meters van het ontruimde park klautert een man uit een van de gebroken ramen van een bouwvallig flatgebouw. Zijn vriend sleurt waterflessen aan die ze kregen in de moskee aan de overkant van de straat. De man heet Abdul en komt uit Palestina, zegt hij. Het is moeilijk te verifiëren: een familienaam wil hij niet geven en ook Noord-Afrikanen doen zich soms voor als Palestijnen in de hoop gemakkelijker politiek asiel te krijgen.

Migranten via opvang van de straat houden, is belangrijk, zegt Van der Auweraert, om de tot nu toe tolerante sfeer niet te doen omslaan. Maar in het politiek en etnisch verdeelde Bosnië werkt niet iedereen mee.

Milorad Dodik, de nationalistische president van het Servische landsdeel, verklaarde geen opvangcentra toe te zullen staan op zijn grondgebied. Hij schildert de migranten, die Bosnië meestal vlug willen verlaten, af als bedreiging voor de Servisch-Bosnische natie. „We willen geen veranderingen in de toekomstige structuur van onze bevolking”, verklaarde Dodik, „Het Westen moet dit probleem maar oplossen.”

    • Roeland Termote