Brieven

Brieven

De aankondiging van het artikel van Salman Rushdie (Schrijver, laat de lezer weer geloven in de werkelijkheid, 19/5) wekte al mijn bevreemding: „Nu de waarheid is kaal geslagen, moeten schrijvers de lezers tonen wat echt is.” Een kaal geslagen waarheid, wat is dat nu weer? Op een aangeklede, laat staan een gemaskerde waarheid zit niemand te wachten: die wantrouwen we. De echte waarheid is per definitie kaal, onverhuld en onverbloemd. Zij bestaat uit constateerbare, registreerbare, verifieerbare feiten.

Gewoonlijk zijn niet schrijvers maar wetenschappers er op uit feiten vast te stellen en te verklaren. Schrijvers, zeker degenen die literatuur willen scheppen, willen de lezer boeien, soms amuseren, soms shockeren, soms mobiliseren, maar lang niet altijd informeren. Hun werken worden doorgaans gepresenteerd en beschouwd als fictie, dat wil zeggen verzinsels. Niemand heeft daar ook bezwaar tegen. Literatuur mag vol zitten met onwaarheden, dromen, nepnieuws en fysische onmogelijkheden; dat is geen probleem, tenzij de auteur de indruk wekt niet slechts zijn persoonlijke verbeelding maar de voor iedereen onmiskenbare en onontkoombare werkelijkheid weer te willen geven.

Natuurlijk zijn er ook wetenschappers die goed schrijven, maar de kwaliteit van hun werk valt of staat niet met hun schrijfstijl; zij worden primair beoordeeld volgens het criterium: worden hier feiten beschreven, constateerbare zaken waar alle mensen in hun leven rekening mee moeten houden?

Salman Rushdie wil schrijvers iets laten doen waartoe de meesten zich niet geroepen voelen en wat het publiek ook niet van hen verwacht; de burgers laten lezen wat de waarheid is.