Vestia: hoe smeergeld leidde tot systeemfalen

Reconstructie

Na zes jaar begint deze week het strafproces rond woningcorporatie Vestia. De hoofdverdachten werden rijk met derivaten – en toen voltrok zich een ramp.

Foto ANP / Ilvy Njiokoktjien

In 2012 was Nederland het middelpunt van een van de grootste speculatieschandalen ter wereld: het derivatendebacle rond woningcorporatie Vestia met een schade van 2,7 miljard euro. De grootste corporatie van Nederland met landelijk 90.000 woningen dreigde om te vallen en andere corporaties mee te sleuren.

Het was een krachtmeting met een leger aan zakenbanken, gevolgd door een parlementaire enquête over alle schandalen in de sociale huisvesting. Er zijn drie boeken over de Vestia-affaire geschreven. Wie weet volgt ooit nog eens een theatervoorstelling of speelfilm: een thriller.

Het strafproces

Zes jaar na dato begint donderdag in Rotterdam het strafproces tegen zeven verdachten. Justitie heeft de wijdvertakte affaire teruggebracht tot een overzichtelijke fraudezaak met zeven zittingsdagen.

De twee hoofdverdachten zijn oud-kasbeheerder Marcel de V. van Vestia (51) en tussenpersoon Arjan G. (47) van FIFA Finance. Zij moeten zich verantwoorden voor ongeveer 20 miljoen euro aan commissies op derivaten (renteverzekeringen) die ze stiekem via Vestia opstreken. Ze worden beiden onder meer verdacht van omkoping, oplichting en witwassen, Arjan G. ook van belastingfraude.

Het proces is gebaseerd op justitiële onderzoeken rond drie corporaties. Het onderzoek naar Vestia heet ‘Klaproos’, ‘Egelantier’ is het onderzoek naar Portaal uit Utrecht en De Woonplaats uit Enschede.

Speculatie met derivaten

De Vestia-affaire als geheel legde het systeemfalen binnen de sociale huisvesting bloot. Tot aan de ramp was de corporatie van enig bestuurder Erik Staal hét voorbeeld voor de sector. Door overnames van noodlijdende corporaties en een hoge bouwproductie was Vestia groter en groter geworden. Staal pochte met de financiële kennis en lage rentelasten van Vestia. Zijn kasbeheerder Marcel de V. gold als een financieel genie en kreeg alle vrijheid om zelfstandig per telefoon miljoenendeals met banken te sluiten.

Lees ook: Waarom Vestia derivaten kocht waarvan eigenlijk niemand begreep hoe ze werkten, en waarom de toezichthouder niet ingreep

In werkelijkheid dankte Vestia haar lage rentelasten aan explosieve derivaten. Marcel de V. bleek door de jaren heen in totaal voor 23 miljard euro aan derivaten afgesloten te hebben. Zulke verzekeringen op langlopende leningen zijn eigenlijk bedoeld om het risico van renteschommelingen te dempen. Maar Marcel de V. speculeerde juist op de renteontwikkeling en speelde zelf ook voor bank door in derivaten te handelen.

Wat Marcel de V. daarbij voor Vestia verhulde, is dat hij en Arjan G. van FIFA miljoenen verdienden aan de contracten. Arjan G. legde als intermediair het contact met de banken voor de derivaten. Hij kreeg daarvoor een royale commissie, waarvan hij de helft naar Marcel de V. doorsluisde. Op de contracten werd FIFA niet als intermediair genoemd. De enkele keer dat het wel gebeurde, lieten Marcel de V. en Arjan G. het contract aanpassen.

Van alle miljoenen liet de kasbeheerder onder meer zijn woonboerderij in Hazerswoude-Dorp verbouwen en legde hij een dure wijncollectie aan. Arjan G. kocht een villa in Blaricum, ging op jachtreizen en nam een Landrover Discovery erbij.

Dreigende systeemcrisis

Acht jaar lang leefden Marcel de V. en Arjan G. zo in luxe en leek alles goed te gaan. Maar hun een-tweetje had uiteindelijk catastrofale gevolgen voor Vestia. Toen de rente tijdens de kredietcrisis niet steeg maar juist scherp daalde, eisten de banken vanaf eind 2011 honderden miljoenen als onderpand voor de derivaten.

Het ministerie van Binnenlandse Zaken vreesde een gigantische kettingreactie. Als Vestia om zou vallen, zouden andere partijen garant moeten staan: eerst het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) dat borg staat voor leningen, dan andere corporaties en daarna de gemeenten Rotterdam en Den Haag en het Rijk. Dat wísten de banken; zo konden zij zonder risico zakendoen met corporaties.

De financiële toezichthouder, het Centraal Fonds Volkshuisvesting (CFV), en het WSW wezen in de paniek naar elkaar; de ander zou toch juist de derivaten in de corporatiesector controleren?

Toen het schandaal eind januari 2012 in de media ontplofte, moest Staal wel opstappen als bestuurder. Arjan G. pleegde bijna zelfmoord met zijn jachtgeweer, maar gaf zichzelf in maart aan bij justitie en bekende alles. Marcel de V. werd in april aangehouden, twee maanden vastgehouden voor verhoor, en daarna door Vestia ontslagen. Het duurde drie maanden om alle 400 derivatencontracten te achterhalen en ontwarren.

De schade: 2,7 miljard

In opdracht van het ministerie voerde een stuurgroep met Vestia harde onderhandelingen met de banken. Vestia zat klem, maar werkte aan een tegenzet.

Die volgde op 21 mei 2012 tijdens een cruciale vergadering met onder meer ABN Amro en Rabobank, Deutsche Bank, Citibank en JP Morgan, BNP Paribas en Socièté Générale. Eén minuut voor aanvang was het hypotheekrecht op bijna al het vastgoed van Vestia (ter waarde van 8 miljard euro) stilletjes overgeheveld naar het WSW. De banken waren razend: zo konden ze er geen beslag op leggen.

In juni werd een akkoord bereikt. Vestia kon alle derivatencontracten afkopen voor 2 miljard euro, waarvan andere corporaties ongeveer 675 miljoen euro moesten bijdragen. Samen met eerdere kosten om derivaten onschadelijk te maken, kwam de totale schade uit op 2,7 miljard euro. Maar was Vestia failliet gegaan, dan was de maatschappelijke schade mogelijk opgelopen tot 4 miljard.

De hoofdverdachten

De strafzaak tegen Marcel de V. en Arjan G. beperkt zich tot het geld dat zij zelf aantoonbaar verdiend hebben via Vestia. Het wordt aangenomen dat banken de commissie aan Arjan G. verrekenden met Vestia. In een civiele rechtszaak is Marcel de V. daarom juni vorig jaar veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van zeker 11,5 miljoen euro aan Vestia. De rechter hield hem wel medeverantwoordelijk voor de schade van 2,7 miljard. Marcel de V. is in hoger beroep gegaan, dat waarschijnlijk volgend jaar zal plaatsvinden.

Lees hoe Marcel de V. te werk ging: Marcels geheime neveninkomsten

Arjan G. heeft meegewerkt met justitie en de advocaten van Vestia. Hij heeft spijt betuigd en geschikt met de corporatie om het resterende geld terug te betalen.

De medeverdachten

Naast de twee mannen zijn er nog vijf verdachten in de strafzaken Klaproos en Egelantier. De vader van Arjan G. staat ook terecht omdat hij 3 miljoen euro van zijn zoon in Zwitserland probeerde veilig te stellen. De ex-echtgenote van Arjan G. is verdachte omdat ze met zijn geld onder meer de hypotheek op hun villa (1,3 miljoen euro) ineens afloste.

Zijn oud-compagnon Leroy van D. van FIFA staat ook terecht, omdat hij bijna 2,7 miljoen euro commissie zou hebben verdiend als tussenpersoon van corporaties.

Verder zou oud-bankier Jako G. ruim 53.000 euro hebben aangenomen van de mannen van FIFA om via hen zaken te doen. Jan-Hein G. van financieel adviesbureau Censum, die voor de corporaties Portaal en De Woonplaats werkte, wordt ook vervolgd. Hij zou ongeveer 7,5 ton euro via FIFA hebben gekregen.

Erik Staal

Oud-bestuurder Staal is geen verdachte in de derivatenzaak. Hij tekende wel alle derivatencontracten en was als bestuurder verantwoordelijk. Begin 2016 maakte Vestia bekend dat Staal en de oud-commissarissen civiele rechtszaken hadden afgekocht voor 4,8 miljoen euro. Staal zou daarvan zelf 1 miljoen euro hebben betaald en de commissarissen 50.000 euro. De rest van de schikking kwam uit hun aansprakelijkheidsverzekering.

De omstreden pensioenuitkering van 3,5 miljoen euro die Staal meekreeg, mocht hij uiteindelijk houden. Toch kan Staal nog niet rustig van zijn oude dag genieten in zijn villa op Bonaire. Justitie heeft aanwijzingen dat Staal zijn schikking met Vestia heeft betaald met geld van zijn Stichting Housing Association South Africa (HASA). Staal werd vorig jaar alsnog gearresteerd op verdenking van verduistering van 1,2 miljoen euro van HASA, witwassen en valsheid in geschrifte. Het onderzoek in deze zaak loopt nog.

De accountants

Vestia voert verder civiele rechtszaken tegen accountants Deloitte en KPMG die achtereenvolgens de jaarrekeningen en derivatenportefeuille goedkeurden. De accountant van Deloitte, Piet Klop, heeft in hoger beroep volgens het tuchtrecht een waarschuwing gekregen. KPMG- accountant Marco Noorlander, die zijn handtekening zette onder de fatale jaarrekening van 2010, kreeg een berisping.

De banken

De (inter)nationale bankiers waar Marcel de V. en Arjan G. zaken mee deden zijn geen verdachten in de strafzaak. Zij ontkwamen ook aan verhoren door de parlementaire enquêtecommissie. Zolang Vestia niet gaat procederen tegen individuele banken, mogen zij niet alsnog een claim tegen Vestia indienen is de afspraak.

De enquêtecommissie oordeelde wel dat banken misbruik hebben gemaakt van het gebrek aan financiële kennis in de sector. De derivaten die zij Vestia en andere corporaties verkochten waren niet passend voor de sociale huisvesting.

Ook zijn er aanwijzingen dat sommige bankiers wel vermoedden dat Arjan G. smeergeld aan Marcel de V. via Arjan G. betaalde. Maar zij vroegen niet door, want alle partijen verdienden grof geld.

ABN Amro heeft in 2015 met Vestia geschikt voor 55 miljoen euro. Van Deutsche Bank heeft Vestia alsnog een schadevergoeding van 830 miljoen euro geëist. Deutsche Bank heeft teruggeslagen met een vergelijkbare megaclaim die volgend jaar in Londen wordt behandeld. De uitkomst van die rechtszaak is onzeker.

Credit Suisse schaarde zich als enige bank niet achter het gezamenlijke akkoord met Vestia. De Zwitserse bank, die bij transacties nooit met Arjan G. werkte, daagde de corporatie voor de rechter. In 2014 stelde de rechter Credit Suisse in het gelijk. Vestia heeft de bank uiteindelijk zo’n 80 miljoen euro moeten betalen.

Vestia

Vestia zelf is er nog niet bovenop. In 2014 begonnen de nieuwe bestuurders Arjan Schakenbos en Willy de Mooij met een streng herstelprogramma: het verkopen van eenderde van alle woningen (30.000 van de 90.000) en het schrappen van eenderde van alle arbeidsplaatsen (380 van de 1.050). In totaal heeft Vestia al 20.000 woningen verkocht.

Maar deze maand maakte Vestia bekend niet op eigen kracht te kunnen herstellen. Geld stallen om later af te lossen rendeert niet en extra aflossen levert boeterente op. Vestia hoopt daarom meer woningen mét hypotheekleningen over te dragen aan andere corporaties. Het doel is terugtrekking tot de regio Delft, Den Haag, Rotterdam en Zoetermeer. De tijd van overnames en volop nieuwbouw is voorbij.

    • Eppo König