Verzegeld kweekvlees ligt in Nederlandse vriezers

Voedselinnovatie Kweekvleesverkenners hadden gehoopt kweekvlees, in het lab gekweekt vlees van dierlijke stamcellen, dit jaar in Nederland op kleine schaal te introduceren. Maar daar krijgen ze geen toestemming voor.

Foto Bart van Overbeeke

In Nederlandse vriezers liggen pakketjes kweekvlees, klaar om geproefd te worden. Maar het mag niet. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit heeft ze verzegeld. Kweekvleesverkenners zijn teleurgesteld. Zij hadden gehoopt kweekvlees, in het lab gekweekt vlees van dierlijke stamcellen, dit jaar in Nederland op kleine schaal te introduceren, maar stuitten op wetten en bezwaren.

Vorig jaar augustus zocht het Californische foodtechbedrijf Just contact met Ira van Eelen, dochter van de man die in 1999 in Nederland als eerste het patent op de techniek kreeg. Just (in 2011 opgericht als Hampton Creek) hoopte ‘clean meat’ via Nederland in Europa te kunnen introduceren.

Gesprekken met de ministeries van Landbouw en Economische Zaken, eind 2017, wekten bij Just en Van Eelen de indruk dat als een kweekvleesproduct voor 1 januari 2018 in Nederland zou worden verkocht, het bedrijf toestemming zou krijgen het Nederlandse publiek op kleine schaal kennis te laten maken met kweekvlees.

Kweekvlees wordt gezien als ‘novel food’, een nieuw soort voeding, net als insecten. Sinds 1 januari is voor dit soort innovaties goedkeuring van de Europese voedselautoriteit EFSA nodig om het te mogen verkopen. Just hoopte nog net op tijd te zijn voor een overgangsregeling om een lange EFSA-procedure voor te zijn.

Voor elf euro per pakketje kochten horeca-ondernemer Paul Riteco en sciencemuseum Nemo daarom een paar pakjes. Nemo kocht een worstje voor zijn collectie, Riteco wilde ermee experimenteren. „Maar op 23 januari kreeg ik een telefoontje van het agentschap van Economische Zaken (EZ) dat Nederland geen mogelijkheden zag voor kweekvlees in Nederland”, zegt Ira van Eelen. Het kweekvlees zou toch de novel food-procedure moeten doorlopen, een traject dat jaren kan duren.

Een woordvoerder van Economische Zaken licht toe dat het agentschap alleen het proces begeleidt van buitenlandse bedrijven die hier willen investeren en dat Van Eelen uit de diverse eerdere contacten mogelijk een te optimistische conclusie heeft getrokken. „Just is naar het ministerie van Volksgezondheid verwezen voor de reguliere procedure van goedkeuring, dat is onderdeel van de normale wet- en regelgeving.”

Veiligheid garanderen

Volgens Van Eelen kreeg ze na januari geen reacties meer. „Van al die ambtenaren die zo enthousiast waren, hebben we niets meer gehoord.” Totdat in maart de NVWA zich meldde bij Nemo in Amsterdam en restaurant Lab-44 in Zaandam, „om te zorgen dat het kweekvlees niet aan gasten wordt geserveerd zolang de veiligheid van het product niet is gegarandeerd”, zegt de NVWA nu desgevraagd.

„Voordat kweekvlees op de markt gebracht mag worden moet de veiligheid van dit nieuwe product wel gegarandeerd zijn. Als consumenten kweekvlees eten, moeten ze er zeker van kunnen zijn dat het veilig is en dat ze er niet ziek van worden.” Het museum mag het wel in depot houden voor educatieve doeleinden en het tonen aan bezoekers.

Just gaat intussen verder met zijn producten op de markt te brengen buiten Europa. „We missen als kennisland een kans om voorop te lopen,” zegt Van Eelen. „Nederland heeft zoveel in voedselinnovatie en in kweekvleesonderzoek geïnvesteerd, het zou zo’n goed land zijn geweest om dit op te zetten en uit te rollen.”

Een ander bedrijf dat hoopt kweekvlees op de markt te brengen is Mosa Meat, waaraan de Maastrichtse hoogleraar Mark Post is verbonden. Dit bedrijf verwacht dat het nog minstens tien jaar duurt voordat kweekvlees commercieel verkocht wordt. Van Eelen hoopt dat het sneller kan. „In de strijd voor een beter klimaat en dierenwelzijn is haast geboden. Ik begrijp dat Just niet wacht tot Nederland er klaar voor is.”