De Giro valt in een plooi. Elke dag een beetje meer

Ronde van Italië

Chris Froome wint de loodzware etappe naar de Monte Zoncolan, voor Simon Yates. Tom Dumoulin verliest opnieuw tijd op Yates.

Chris Froome komt als eerst over de streep op de Zoncolan Foto Daniel Dal Zennaro / EPA

Er verdringen zich honderden mensen op een te klein stuk asfalt net over de finish van de veertiende etappe, bovenop de Monte Zoncolan, martelgang van een Alpencol. Het is hier niet gebouwd op zoveel volk. Mensen beuken elkaar opzij in een poging wielrenners te zien, motorrijders toeteren alsof ook zij meestrijden voor het algemeen klassement. Chris Froome, uit de dood herrezen en winnaar van de dag, wordt gelukkig voor hem door een ijzeren afrastering geleid, net als de leider in de wedstrijd, Simon Yates.

Tom Dumoulin heeft die luxe niet als hij dertig seconden later ook de finish passeert. Er valt wat motregen als zijn verzorger aan de rechterkant van de chaos een plek uitzoekt waar hij na 5,5 uur moordende wielerkoers heel even als een vaatdoek over zijn stuur kan hangen, zijn hoofd tussen zijn schouders. Na een paar tellen richt hij zich alweer op. Zijn gezicht is wit, de maximale inspanning van de voorbije veertig minuten hebben hun sporen nagelaten. Hij krijgt een zwarte handdoek in zijn nek om niet te snel af te koelen. Dan tuurt hij over het diepe dal waar de Zoncolan uitzicht op biedt in een poging zich te realiseren wat er gebeurd is. Woorden kan hij nog niet vinden.

Tijdverlies valt mee

Tien minuten later is hij stevig ingepakt met muts en handschoenen een paar honderd meter afgedaald, naar de bus van Team Sunweb. De ploegleiding staat daar te vertellen dat zijn tijdverlies opgelopen in deze rit, 31 seconden op zijn naaste belager Yates, hen reuze is meegevallen. Marc Reef en Arthur van Dongen zeiden aan de voet van de Zoncolan tegen elkaar dat het mooi zou zijn als het verlies op Yates ergens tussen de 45 seconden en de minuut zou uit komen. Reef: „Dat betekent dat hij de schade heeft weten te beperken. Ik heb er nog alle vertrouwen in dat hij kan winnen.”

Renners onderweg naar de start van de veertiende etappe.
Foto Daniel dal Zennaro / EPA
Tom Dumoulin en Chris Froome.
Foto Daninel dal Zennaro / EPA

Even verderop stapt Dumoulin onder een luifel op zijn fiets en begint hij rustig met zijn benen te draaien. Hij geeft nog geen antwoord op vragen. „Eerst even mijn broodje eten jongens”, meldt hij, om dan rechtop te gaan zitten en een sandwich met groente en iets dat lijkt op kipfilet in vier happen weg te werken, terwijl hij onverstoorbaar over de groep journalisten kijkt die voor hem als een vuurpeloton staat opgesteld. Voor de camera’s gaan draaien wil hij weten of er nog iets van het broodje tussen zijn tanden is achtergebleven. Nee? Dan kan zijn relaas beginnen.

Giro winnen wordt moeilijk

Hij is realistisch, wat heet. „Ik heb goed gereden maar wel weer tijd verloren en ik weet hoe de verhoudingen bergop liggen”, klinkt het op zijn Dumoulins – zelfbewust, zonder omwegen. „Vandaag heb ik geleerd dat de Giro winnen heel moeilijk gaat worden.”

De beklimming van de Monte Zoncolan, men vindt het de zwaarste van Europa, is hem zwaarder gevallen dan hij vooraf had ingeschat. „Dit was de zwaarste klim die ik ooit heb gedaan”, zegt hij, in de wetenschap dat hij er alles aan heeft gedaan om de schade te beperken. Hij staat nog altijd tweede, loopt in de laatste kilometers zelfs wat uit op de Fransman Thibaut Pinot, die zijn karretje op de slotklim alleen maar kon aanhaken terwijl Dumoulin in een constant tempo omhoog reed zoals we van hem gewend zijn. Voor hem geen tempoversnellingen op dit terrein. Hij klimt als een tijdrit: hard maar regelmatig. „Ik kan alleen maar tevreden zijn.”

Lees ook de reportage van redacteur Dennis Meinema over zijn eigen beklimming van de Monte Zoncolan

Natuurlijk, er kan in de resterende acht dagen nog een hoop gebeuren, dat snapt hij ook. „Er beginnen al wel wat renners in het peloton te kuchen”, antwoordt hij op de vraag of de race gelopen is.

Maar Dumoulin kan zichzelf en de wereld niet voor de gek houden. Hij rekent voor: „Er komen nog vier zware bergritten en maar één tijdrit.” Hij wil ermee zeggen: de 1 minuut 24 achterstand op Simon Yates zal hij komende dinsdag naar verwachting nog wel goed maken, maar het finale weekend in de Alpen is slopend. Vooral de rit van komende vrijdag met drie zware beklimmingen plus aankomst op de Jafferau-pas lijkt een brug te ver dit jaar. „Maar ik blijf wel vechten. Ik ga de hoop nooit opgeven.”

Froome blijft realistisch

Chris Froome heeft woorden van gelijke strekking, even later tijdens de persconferentie in een skihotel vlak onder de Monte Zoncolan. „Ik ben ontzettend blij met mijn overwinning, maar ik moet realistisch zijn. Ik sta op drie minuten achterstand. Maar ik had me ingesteld op de derde week van de Giro. Ik blijf vechten.”

Simon Yates blijft ondertussen de gevierde man. Hij draagt de roze leiderstrui zondag al voor de tiende etappe op rij. Steeds weer verschijnt hij met ingevallen maar bekuste wangen aan een bureau om te vertellen hoe het hem gaat. „Ik probeerde de rit te winnen maar Chris was te goed. Gelukkig pak ik wel weer tijd op Tom. Tijdens de beklimmingen ben ik vol vertrouwen. Dit is het terrein waarop ik excelleer. En ik heb verreweg het sterkste team om me heen.” De Giro valt in een plooi. Elke dag een beetje meer.