Van minibots tot vlaktaks: Italië’s plannen gaan ver

Italiaanse economie Het idee van een parallelle munt gold tot voor kort als een zeer extreem idee, maar is met de mogelijke komst van de Lega-Vijfsterrenregering in Italië plotseling mainstream geworden.

Riccardo Antimiani/ANSA

‘Instrumenten zoals mini-overheidsleningen.’ Van alle revolutionaire plannen van de beoogde coalitie tussen de Italiaanse Lega en de Vijfsterrenbeweging is dit misschien wel het meest explosieve. Al meer dan een jaar circuleert in Italië het idee om een parallelle munt in te voeren. Maar waar dit tot voor kort alleen opgeld deed in de meer extreme hoeken van de politiek, is het met de mogelijke komst van de Lega-Vijfsterrenregering plotseling mainstream geworden. Bovenstaand citaat komt uit de officiële tekst die de twee partijen vrijdag vrijgaven.

Het idee, dat drie jaar geleden eveneens werd overwogen door de Griekse minister van Financiën Yanis Varoufakis, is om zeer kortlopende staatsleningen uit te geven, die op te knippen in kleine stukjes en daar vervolgens overheidsuitgaven mee te betalen. Denk aan salarissen, uitkeringen en dergelijke. De ontvangers van dit bijzondere geld kunnen er dan op hun beurt weer overheidsdiensten mee terugkopen. Een Italiaanse staatslening staat bekend als een Buoni Ordinari del Tesoro, kortweg BoT. In kleine stukjes geknipt wordt dat een ‘mini-BoT’.

Op papier is het een creatieve vondst die, in een of andere vorm in de geschiedenis wel vaker is toegepast als een overheid in acute geldproblemen kwam. Er circuleren op internet al amateurontwerpen van mogelijke minibot-bankbiljetten, al is de keuze voor zowel anti-fasciste Oriana Fallaci (de coupure van 20) als Mussolini’s hofdichter Gabriele d’Annunzio (500) op zijn minst opmerkelijk. Maar alleen het zien van dergelijke biljetten maakt dat het hele plan plots erg tastbaar wordt. En mocht het allemaal fout gaan met Italië en de euro, dan plak je er ‘lire’ op en kan moeiteloos tot een officiële nationale valuta worden overgegaan.

Formeel is de minibot geen geld, en het is de vraag hoe hij zich verhoudt tot de euro en alle regels rond de Europese munt. Maar er zal zeker een zaak te maken zijn van het feit dat Italië in wezen zal doen aan eigen geldschepping. De Financial Times wees er bovendien al op dat minibots een forse speculatie kunnen veroorzaken. Zij worden in de praktijk vermoedelijk wat minder waard dan een euro, kunnen dus door slimme handelaren worden opgekocht en opgepot en vervolgens terugverkocht aan de staat. Anders dan bij geld zijn er geen duidelijke regels over grote cashbetalingen of witwassen. Zo kan de minibot evengoed de opmaat zijn tot een golf van fraude en andere zaken die het daglicht moeilijk verdragen.

Vlaktaks

De andere plannen van Lega en Vijfsterrenbeweging bevatten onder meer een invoering van een vlaktaks met tarieven van 15 procent en 20 procent. De verhoogde pensioenleeftijd die in 2011, te midden van de eurocrisis, werd doorgevoerd, wordt weer verlaagd. En er komt een soort bijstand-annex-basisinkomen voor arme Italianen. Samen met andere plannen leidt dit tot een enorme stimulering van de Italiaanse economie. Er circuleren al schattingen die de 100 miljard euro ruim te boven gaan. Dat is tussen de 5 en 6 procent van het Italiaanse bruto binnenlands product.

Aangezien het Italiaanse begrotingstekort dit jaar 1,6 procent bedraagt, gaat Italië, mits al deze plannen doorgaan, de maximum-begrotingsnorm van de eurozone van 3 procent ruim overschrijden. Daarmee samen hangt dan ook de uitgesproken wens van de twee beoogde coalitiegenoten voor meer nationale soevereiniteit, naar een terugkeer van het Europa van vóór het verdrag van Maastricht.

In wezen mag het coalitieplan worden opgevat als een radicale breuk met wat voorheen met de Italiaanse economie is geprobeerd. Gevangen in de euro, waar devaluaties zoals voorheen niet meer mogelijk zijn, was de enige mogelijkheid om concurrerend te blijven het diepgaand hervormen van de economie. Dat is niet gelukt. In de jongste ranglijst van het World Economic Forum over de concurrentiekracht van landen (2017-2018) prijkt Italië op een 43ste plaats, ruim onder landen als India en Rusland.

Wat beide coalitiegenoten nu beogen is een kickstart van de economie met lastenverlichtingen en hogere uitgaven, ten koste van een oplopende staatsschuld. Maar die staatsschuld is al enorm, en de ruimte die verder op te laten lopen is uiterst beperkt. Daar zijn twee tegenargumenten voor gegeven. Het eerste is dat, met de extra economische groei die het plan moet veroorzaken, het plan zichzelf terugverdient en de staatsschuldquote vanzelf zal dalen.

Het andere argument is inmiddels gesneuveld. Dat behelsde het afschrijven van 250 miljard aan Italiaanse staatsschuld die in het kader van de steunaankopen door de Europese Centrale Bank inmiddels op de balans van de Italiaanse centrale bank, de Banca d’Italia, zijn beland. Dat voorstel, dat eerder deze week nog circuleerde, is ingetrokken. Het zou neer zijn gekomen op ‘monetare financiering’ van de staat, door middel van het laten draaien van de geldpers. Het plan zou dan ook grote spanningen binnen de eurozone hebben veroorzaakt.

Lees verder over de mogelijke gevolgen van de eurosceptische regering voor de EU: Opeens hangt er een schaduw boven Europees topjaar

Financiële markten

Het grote raadsel tot nu toe is waarom er op de financiële markten nog nauwelijks is gereageerd op de voornemens van de Italiaanse regering. Wat wél gebeurde: de rente op de Italiaanse staatsschuld is op de obligatiemarkt gestegen van 1,85 procent naar 2,19 procent voor de Italiaanse tienjarige staatslening. Dat is het hoogste in een jaar, maar in wezen valt die reactie nog mee.

Hetzelfde geldt voor het renteverschil met Duitsland, dat steeg van 1,3 procent naar 1,6 procent. Aandelen van Europese banken verloren deze week een procent of 3, met de grootste verliezen in Italië. Maar de effectenbeurzen als geheel gaven geen krimp. De beurs van Milaan is, ook na deze week, een van de best presterende van 2018.

De voorlopige conclusie moet dan ook zijn dat op de financiële markten wel waakzaamheid heerst, maar ervan uit wordt gegaan dat de soep lang niet zo heet wordt gegeten als hij vrijdag is opgediend. Of dat juist is, zal de eerstvolgende dagen en weken moeten blijken. Maar er is wel degelijk al schade. De Franse president Emmanuel Macron heeft ingezet op hervormingen van de eurozone. Een grotere onderlinge deling van risico’s bijvoorbeeld, of zelfs het in het leven roepen van een gemeenschappelijke obligatie in een of andere vorm, gedekt door de staatsschuld van de lidstaten. Duitsland en Nederland hadden daar al moeite mee. Zij kunnen gerust zijn. Al deze plannen zijn, na een weekje Italiaanse coalitiebesprekingen, zo goed als dood.

    • Maarten Schinkel