Opinie

    • Ellen Deckwitz

Terugkeer

Ellen

Afgelopen weekend keerde ik terug uit Indonesië en scheel van de jetlag schoof ik dinsdagmiddag aan op een terras. Toen mijn vrienden vroegen hoe mijn reis was, stond ik met mijn mond vol tanden. Ik had echt geen idee, behalve dat ik blij ben weer kraanwater te kunnen drinken en niet meer in een nikab van muskietenspray naar buiten hoef.

Doorgaans weet ik wel wat ik na een vakantie moet vertellen, er is toch een aantal verplichte punten dat je afgaat. Allereerst zeg je dat het mooi was, omdat het anders zonde van het geld is. Je geeft vervolgens het bedienend personeel een cijfer, roemt het landschap en recenseert de lokale bevolking plus je medetoeristen. Tot slot zeg je iets over het eten en dat monument [VUL HIER NAAM IN] het mooiste is wat je ooit hebt gezien. Er zijn maximaal twee negatieve anekdotes (vaak worden op dit punt schreeuwende Russen en belachelijk dure cola aangehaald) toegestaan. Er is na zo’n trip eigenlijk vrij weinig vertelruimte voor de grauwere kant: de heimwee, de lokale armoede, het gekibbel met je reisgenoot en de wisselende kwaliteit van het sanitair.

Maar mijn reis naar Java was geen vakantie. Het was een tocht langs de plekken en kampen waar mijn familie heeft geleefd, om te horen wat de oorlog voor hen én voor de Indonesiërs betekende. Het werd een voortdurende confrontatie met de gevolgen van de koloniale periode, de Japanse bezetting, de hongersnood en de politionele acties. Omdat het geen standaardtrip was, kan ik geen gebruikmaken van de narratieven waarin je doorgaans een reisverhaal propt. Van een reis verwacht je toch een blij verslag, en niet dat je met een huilende Javaan in de armen stond omdat hij KNIL’ers zijn vader zag doodschieten.

Niet dat je met een oudtante sprak die tijdens de bersiap haar beste vriendin, een wit meisje, in de achtertuin vond, de darmen uit het lijf gerukt.

Voordat je op reis gaat, bestaan er twee versies van het land dat je bezoekt. Allereerst de versie uit de verhalen die je tegenkomt in reisgidsen, reclames en romans, een samenballing van stereotypen en andermans ervaringen. Ten tweede is er het land zoals het is, dat ten goede en ten slechte zal botsen met je verwachtingen. Normaal gesproken schuiven deze twee tijdens het bezoek in elkaar, waarbij de laatste versie overheerst. Maar tijdens mijn reis bleek er geen synthese mogelijk. Misschien trekt dat nog bij, maar momenteel overheerst het gevoel dat er nog steeds twee Indonesiës zijn. Het ene heb ik bezocht, het andere is onvindbaar, misschien wel voor altijd.

Ellen Deckwitz schrijft op deze plek een wisselcolumn met Marcel van Roosmalen.

    • Ellen Deckwitz