Arts te lang in onzekerheid na euthanasie

Vervolging De commissies die beoordelen of een arts zorgvuldig handelt bij euthanasie, doen daar langer over dan wettelijk is vastgelegd.

Foto Viorel Margineanu

Artsen die euthanasie toepassen worden te lang in spanning gehouden door de toetsingscommissies die moeten beoordelen of zij zorgvuldig hebben gehandeld. De beoordelingscommissies slagen er vaak niet in om binnen de wettelijke termijn van zes weken (42 dagen) hun oordeel uit te spreken. Vorig jaar duurde het 52 dagen voordat een oordeel klaar was, tegenover 37 een jaar eerder. Dat blijkt uit het jaarverslag van de toetsingscommissies, dat deze donderdag wordt gepresenteerd.

Erg spannend

De tijd tussen het uitvoeren van euthanasie en het oordeel van de toetsingscommissie is voor een arts vaak erg spannend. Als de beoordelingscommissie vindt dat een arts „onzorgvuldig” heeft gehandeld, wordt de zaak doorgestuurd naar het OM. Op dat moment dreigt strafrechtelijke vervolging voor de arts. De beroepsvereniging voor artsen, KNMG, schrijft in een reactie „bezorgd” te zijn over de toegenomen ‘afdoeningstermijn’, omdat artsen op deze manier „te lang in onzekerheid verkeren.”

Dat de toetsingscommissies hun wettelijke termijnen niet meer halen, is extra wrang omdat het OM onlangs juist een strengere lijn heeft ingezet. In maart kondigde justitie aan vier strafrechtelijke onderzoeken te beginnen naar artsen die euthanasie hadden toegepast, eind vorig jaar begon zij ook al zo’n onderzoek. Het gaat in alle gevallen om zaken die door de toetsingscommissies als „onzorgvuldig” waren beoordeeld.

Uitzonderlijke gevallen

In de eerste vijftien jaar van de euthanasiewet (2002) kwamen de toetsingscommissies negentig keer tot het oordeel ‘onzorgvuldig’, maar begon het OM niet één onderzoek. Procureur-generaal Rinus Otte gaf toe dat het OM een steviger vinger aan de pols wil houden, omdat het aantal euthanasiegevallen snel uitbreidt. „Een arts moet er niet tegenop zien zich in uitzonderlijke gevallen te verantwoorden bij de rechter”, zei Otte onlangs tijdens een hoorzitting in de Tweede Kamer.

Dat de toetsingscommissies artsen langer in spanning laten, komt door de groei van het aantal euthanasiegevallen. In 2017 kregen 6.585 mensen euthanasie. Dat was 500 keer vaker dan een jaar eerder, en een stijging van ongeveer 1.000 sinds 2015. Vorig jaar is 99,8 procent van de gevallen als ‘zorgvuldig’ beoordeeld door de commissies – twaalf keer was dat niet het geval.

Psychiatrische aandoening

Uit het jaarverslag van de toetsingscommissies blijkt ook dat het aantal meldingen van euthanasie bij patiënten met een psychiatrische aandoening steeg van 60 in 2016 naar 83 in 2017. Artsenfederatie KNMG stelt in een reactie dat de beoordeling van dit soort verzoeken voor artsen „buitengewoon complex” is. De beroepsvereniging pleit er samen met de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie voor om altijd een extra consultatie te laten uitvoeren door een psychiater bij dit soort euthanasieverzoeken. In dat geval zouden drie medici het verzoek wegen: de arts die het euthanasieverzoek behandelt, een tweede arts die sowieso verplicht geconsulteerd moet worden én een psychiater.

    • Enzo van Steenbergen