Airbnb verbieden? Dat kan dus

Nieuw college

De coalitie is nog niet klaar, maar het beoogde college presenteert al plannen voor Amsterdam. Op één: Airbnb aanpakken.

Jarenlang stond Amsterdam wagenwijd open voor toeristen. Met touringcars, goedkope vluchten en cruiseschepen bereikten zij de stad, aangemoedigd door het stadsbestuur. Marketeers van de gemeente draaiden overuren, 128 hotels bouwde de stad er in tien jaar bij en de koffers van Airbnb-toeristen rolden ongehinderd de woonwijken in.

Aan dat laatste wil het aanstaande college van de stad een eind maken. Airbnb moet verboden kunnen worden in drukke buurten, „waar de balans is verstoord”, staat in het concept-coalitieakkoord dat GroenLinks, D66, PvdA en SP woensdag presenteerden. Is dit haalbaar?

Amsterdam trekt zo’n 20 miljoen toeristen per jaar, en verwacht groei tot 30 miljoen. Het aantal Airbnb-overnachtingen stijgt, maar precieze cijfers ontbreken. Airbnb claimt 4,5 procent van het totaal aantal overnachtingen in de stad, de gemeente schat dat dit 10 tot 15 procent is.

„We willen de stad niet laten overstromen door toeristen”, zegt wethouder Laurens Ivens (SP, wonen), tevens onderhandelaar voor het nieuwe college. „Maar er komt ook geen hek om de stad.”

Onder zijn bewind voerde de stad al een meldplicht in voor verhuur via Airbnb. Ook kwam er een maximumtermijn van zestig dagen voor woningverhuur. Overtreders wacht duizenden euro’s boete.

Het komende college wil nog een stap verder gaan. Naast halvering van de verhuurtermijn tot dertig dagen, moet in sommige buurten een volledig verbod op Airbnb kunnen komen. „Dan moet je op wijkniveau denken”, zegt Ivens, die benadrukt dat de plannen nog uitgewerkt moeten worden.

Dat het juridisch kan, bevestigt Adrienne de Moor-van Vugt, hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Universiteit van Amsterdam. „Kort geleden heeft de Raad van State geoordeeld dat voor vakantieverhuur, zoals Airbnb, een vergunning nodig is.” Dit is zelfs zo als iemand zijn woning maar één keer verhuurt aan toeristen. De gemeente mag per straat of wijk uitzonderingen maken op de vergunningplicht. Zonder vergunningen is de wijk Airbnb-vrij.

Ook hoogleraar staats- en bestuursrecht Jan Struik van de Vrije Universiteit ziet mogelijkheden voor een verbod. „Dit kan juridisch zeker dichtgetimmerd worden.” Al voorziet hij wel problemen voor de handhaving: „Er zijn veel te weinig toezichthouders.”

De gemeente moet namelijk bewijzen dat een woning verhuurd wordt. Daarvoor moet ‘woonfraude door verhuur’ gemeld worden, zegt De Moor-van Vught. „Vervolgens moet een controleur aantonen dat de woning niet gebruikt wordt als echte woning.” Toezichthouders moeten dus langs de deuren om Airbnb-verhuur te constateren. Dat kost veel tijd en geld.

Afspraken maken

Amsterdam is een „voorbeeldgemeente”, vindt Harmen van Sprang, oprichter van shareNL, onafhankelijk adviesbureau voor deel- en platformeconomie. Hij doelt op de manier waarop de gemeente met bedrijven als Airbnb omgaat. „Ze waren wereldwijd de eerste die met Airbnb in gesprek ging en afspraken maakte.” En toch loopt Amsterdam altijd achter de feiten aan, meent Van Sprang. „Deze platformen veranderen continu, daarom is ook fluïde beleid nodig.” Zo zou het komende college in rustige wijken Airbnb-verhuur kunnen toestaan voor 75 of 90 dagen per jaar.

Van Sprang en zijn collega’s praten met bedrijven als Airbnb en met gemeenten, wereldwijd. Hij ziet meer steden worstelen. „Berlijn verbood Airbnb, maar kwam daarvan terug omdat het juridisch niet haalbaar was.” Daarnaast heeft elke stad en ieder land een ander motief voor regulering: „Spaanse steden willen niet dat de verhuuropbrengsten in Amerikaanse zakken belanden, terwijl andere steden Airbnb willen reguleren vanwege de druk op de huizenmarkt of het toerisme.”

Of Airbnb verbieden tot minder toeristen leidt, betwijfelt Van Sprang. „Uiteindelijk zitten de meesten in hotels.”

    • Mark Middel