‘Il Bello’ Dumoulin is behoorlijk explosief

Ronde van Italië

Rozetruidrager Simon Yates won de elfde rit, twee tellen vóór nummer twee Tom Dumoulin. „Ik had hem niet zo dichtbij verwacht.”

De Britse rozetruidrager Simon Yates wint de elfde etappe van de Giro. Foto Luk Benies/AFP

Volgens het routeboek van de Giro, ‘Il Garibaldi’, valt het allemaal wel mee deze woensdag: de rit tussen bedevaartsoord Assisi en Osimo, een schamele 156 kilometer lang, heeft van de organisatie drie sterren gekregen. Een middelmatig moeilijk hoofdstuk, en daar was het peloton ook wel aan toe, na die monsteretappe van 239 kilometer een dag eerder, bijna gelijkwaardig aan de voorjaarsklassieker Luik-Bastenaken-Luik. Maar het werd niet middelmatig moeilijk, nee, veel meer een slagveld met een apotheose zoals je die alleen in de Giro ziet, de ronde van de chaos, zwanger van ‘spettacolo’.

Op vijf kilometer voor het einde barst het los op de Via Costa del Borgo, zo'n typische kasseienstrook in een al even typisch stadje in Italië, al eeuwen terug gebouwd op een heuvel ongetwijfeld ter verdediging van allerhande gevaar van buitenaf. Het gaat er met 16 procent omhoog richting het oude centrum, daar waar natúúrlijk de finishlijn is getrokken – vergelijk het even met de Tour de France, waar de laatste kilometers vaak voeren naar een plek waar grote supermarkten hun opslagcentra hebben. De ritten in de Giro eindigen in een kloppend hart, want dat is mooie pr, voor de betreffende nederzetting maar ook voor de wielersport.

Kinderkopjes

De Tsjechische oud-veldrijder Zdenek Stybar stuift er op de kinderkopjes vandoor, en hij krijgt de Vlaming Tim Wellens met zich mee, de man die de vierde etappe met ook zo'n kuitenbijter op het einde wist te winnen. Het gaat na drie uur koers ineens zó hard dat de door hooikoorts of anderszins fysiek ongemak geplaagde Esteban Chaves een kleuterverzetje moet ronddraaien om boven te komen. Het is onderweg naar Osimo ook zo steil dat een grijze Fiat stationcar zich een uur eerder lelijk in de eigen versnellingsbak verslikte en zowat weer richting dal rolde.

Enfin, Stybar en Wellens, en daarachter blijft het nog even rustig, als de 90 graden-bochtjes elkaar in razend tempo opvolgen. Een verwarrende rotonde in de laatste vier kilometer die vanaf links moet worden aangevlogen maakt wonder boven wonder geen slachtoffers. Even is het vlak, maar de grote Chris Froome knikkebolt al boven zijn stuurpen alsof hij een zware Alpencol aan het bedwingen is. Hij was zo relaxed, deze ochtend bij de start. Ploegleider Nicolas Portal had er ook echt nog wel vertrouwen in, maar dat zal na woensdag anders zijn. Froome verliest veertig seconden in de laatste vijf kilometer. In het algemeen klassement staat hij op 3 minuut 20. Het lijkt wel of hij terug is geworpen naar de tijd dat zijn ster nog rijzende was. Nota bene debutant Sam Oomen is hem in die rangschikking tot op twintig seconden genaderd.

Vanaf de Via Marco Polo gaat het twee kilometer voor het einde nog maar eens steil omhoog. Er is een tweede adem vereist om hier te winnen. Wellens heeft die, denkt hij, maar de versnelling die de Britse rozetruidrager achter hem uit zijn smalle kuiten klopt is te vernietigend, voelt hij op de Via Olimpia. Ook dat wegdek stijgt met 16 procent. Het is de steilere editie van de Cauberg, twee keer achtereen.

Simon Yates friemelt naar boven in een tempo dat aanvankelijk voor niemand lijkt weggelegd. Maar wie komt daar uit de buik van een naar adem happend peloton naar voren? Il Bello, Tom Dumoulin, voor wie dit toch te explosief leek, op papier dan. Kan hem het schelen, hij heeft alleen tijd te winnen op de man die dagelijks seconden van hem afsnoept – dinsdag nog, nota bene in een vlakke tussensprint. Het moet gek makend zijn om telkens net aan van Yates te verliezen, maar wel op alle terreinen.

Prestatie van formaat

In de ultimo kilometro vlakt het parcours af. Dumoulin nadert zijn tegenstander tot op een meter of vijftien. Komt het op macht aan, dan is hij in het voordeel. Maar daar is de finish al. Yates gaat zijn tweede rit winnen, Dumoulin moet twee tellen toegeven. Veel belangrijker: hij wint er acht op Thibaut Pinot en Domenico Pozzovivo, concurrenten voor het podium in Rome. Hij levert een prestatie van formaat, zeker op deze hellingshoek. „Maar wat mensen niet weten”, zegt hij na de dopingcontrole, ergens op een betoverend plein in Osimo, „is dat ik behoorlijk explosief ben.” Hij is tevreden, voelt dat hij dichter bij zijn belager in de buurt komt. En dat is de Brit met hem eens. „Ik had hem niet zo dichtbij verwacht”, zegt Yates wat later, in het bange besef dat de 47 seconden die hij nu voor ligt op Dumoulin in de 34 kilometer lange tijdrit die nog komen gaat waarschijnlijk halverwege al verdampt zullen zijn.

    • Dennis Meinema