Column

Tijd voor een vrouw als directeur in Cannes?

Coen van Zwol Het filmfestival van Cannes staat op veel fronten onder druk. Te weinig films gemaakt door vrouwen in competitie, Hollywood dat zijn films op andere festivals in première laat gaan. Maar daardoor is er wel ruimte voor arthouse, films met een boodschap en nieuwe namen.

‘Filmfestival Cannes in existentiële crisis’, kopt filmvakblad Variety. ‘The thrill is gone’, constateert The Hollywood Reporter, die vele tekenen van verval noteert. Waar zijn de torenhoge reclameborden voor Hollywoodfilms, parfums en dure sieraden gebleven? Waar zijn de filmsterren? Waar zijn de decadente feesten met oesters en champagne? Waar zijn de stunts: Sylvester Stallone die in een tank over Boulevard de la Croisette dendert om The Expendables 3 te promoten?

Waar zijn überhaupt de Hollywoodfilms? Op het punt van blockbusters behelpt Cannes zich met Solo, A Star Wars Story, die vorige week al in Los Angeles te zien was. Variety wijdt het aan arrogantie: omdat ‘iedereen zijn film in Cannes wil hebben’, werd de Amerikaanse filmwereld verwaarloosd. Die gemakzucht wreekt zich nu Hollywood zijn Oscarkandidaten liever in de etalage zet bij de herfstfestivals van Venetië en Toronto. De filmpers roept daar ook niet zo hard boe, een nare Franse hebbelijkheid.

Is die uittocht een probleem? Of moet je zeggen: tot ziens Hollywood, neem gelijk Harvey Weinstein mee? Het niveau van de filmcompetities lijdt er dit jaar niet merkbaar onder. Misschien is het zelfs een welkome correctie voor het grootste filmfestival ter wereld, dat altijd de juiste balans zoekt tussen filmkunst en louche klatergoud. Nu zwaait de pendel weer richting wereldcinema, arthouse, boodschapfilms, nieuwe namen.

Voor festivaldirecteur Thierry Frémaux is dat in zekere zin terug naar af. Bij zijn aantreden in 2001 schokte hij het Franse filmestablishment door Hollywood en genrefilms te omarmen en animatiefilm Shrek in competitie op te nemen.

Frémaux staat op veel fronten onder druk. In de vrouwenkwestie ging hij dit jaar ogenschijnlijk tegenstribbelend door de bocht. Toen in het jaar na #MeToo maar 3 van de 21 films in de hoofdcompetitie door vrouwen bleken te zijn geregisseerd, wees Frémaux positieve discriminatie af. Even later beloofde hij dat bij gelijke geschiktheid vrouwen de voorkeur krijgen. Maandag, nadat 82 powervrouwen zusterlijk over de rode loper hadden gemarcheerd naar de feministische oorlogsfilm Les filles de soleil, tekende hij een ‘gender parity pledge’: filmselectie en bestuur van Cannes worden transparant en proportioneel. „We moeten onze geschiedenis en gebruiken kritisch tegen het licht houden”, aldus een deemoedige festivaldirecteur. Frémaux wekt met zijn optreden de indruk dat het is afgedwongen.

Inzake Netflix ziet het er voor Cannes beter uit. Deze week onthulde Frémaux dat hij vorig jaar bijna op staande voet werd ontslagen door zijn met Franse bioscoop- en televisiebelangen doordrenkte bestuur. Dat was razend omdat Frémaux zonder ruggespraak twee Netflixfilms in competitie selecteerde, die niet in de Franse bioscoop werden vertoond. Netflix wees op zijn beurt hautain Frémaux’ voorstel van de hand om zijn films voortaan dan maar buiten competitie te vertonen en trok op de valreep vijf films terug.

Daar heeft Netflix nu spijt van. Qua aandacht maakt het weinig uit of je in Cannes voor Gouden Palmen meedoet: rode loper is rode loper. Bovendien gunt de filmwereld de impopulaire ‘disruptor’ toch geen prijzen. In dit Amerikaanluwe Cannes had Netflix het rijk alleen gehad. In Venetië en Toronto moet het straks opboksen tegen alle Amerikaanse kwaliteitsfilms die zichzelf Oscarkansen toedichten.

Zo is Cannes 2018 een jaar van verandering en nieuwe kansen. De aimabele Frémaux betreurt misschien dat hij twee jaar geleden niet de lucratieve overstap naar filmconcern Pathé maakte. Na 18 festivals is het tijd om over een opvolger na te denken. Een vrouw wellicht?