‘In één oogopslag zag ik: dit is een Rembrandt’

Interview Jan Six

Jaren van Rembrandt-studie betaalde zich uit voor kunsthandelaar Jan Six. Op een Londense veiling ontdekte de nazaat van de in 1654 door Rembrandt geportretteerde Jan Six een onbekend meesterwerk van de schilder. „Het was klik-klik-klik.”

Jan Six: „Het is prachtig om als handelaar geld te verdienen. Toch zit de lol ’m voor mij in de speurtocht.” Foto Salih Kilic

Als puber nam Jan Six (1978) nooit vriendjes mee naar huis. Vanaf zijn elfde woonde hij in het familiehuis aan de Amstel in Amsterdam, een kolossaal grachtenpand behangen met schilderijen van oude meesters, onder meer het beroemde portret van zijn verre voorvader Jan Six, in 1654 door Rembrandt geschilderd.

„Leg dat maar eens uit aan klasgenoten”, zegt Six. Lange tijd moest hij niks van al die schilderijen hebben.

En zie hem nu eens zitten in zijn besloten kunsthandel, te midden van de omvangrijkste particuliere Rembrandt-bibliotheek ter wereld. Kasten vol met boeken. En wanden gevuld met groene overslagdozen, gevuld met op onderwerp gerubriceerde informatie over Rembrandt. Waaronder de belangrijkste aantekeningen die Rembrandt-vorser Ernst van de Wetering de afgelopen vijftig jaar heeft gemaakt.

Rembrandt, ‘Portret van Jan Six’, 1654. Collectie Six

Op zijn zestiende begon Six voorzichtig belangstelling te krijgen voor de kunst thuis aan de muur. Hij ging rondleidingen geven door zijn ouderlijk huis en raakte zo in gesprek met conservatoren en hoogleraren. Door die discussies, waarvan hij soms veel opstak, kreeg hij de smaak echt te pakken.

Na een studie kunstgeschiedenis werkte hij vijf jaar bij Sotheby’s, op het laatst als hoofd van de afdeling oude meesters. In 2009, op zijn dertigste, stapte hij op bij het veilinghuis en begon Jan Six Fine Art, een in oude meesters gespecialiseerde kunsthandel.

De afgelopen jaren heeft hij vele anonieme schilderijen aan bekende meesters kunnen toeschrijven. Ontdekkingen die publicitair in het niet vallen bij de onbekende Rembrandt – een portret van een jongeman – die vanaf woensdag een maand lang in de Hermitage te zien zal zijn.

‘Soms kneep ik in mijn arm: ben ik nou zo slim of zijn zij zo dom?’

Six kocht het anderhalf jaar geleden bij Christie’s in Londen. Hij schreef er een boek over: Rembrandts Portret van een jonge man.

Trots toont Six, een jongensachtige bijna-veertiger, zijn ontdekking, die dan nog hangt in de toonzaal van zijn Amsterdamse kunsthandel. Ontspannen, en met de nodige bravoure, doet hij zijn verhaal.

Lees meer over de toeschrijving: Die kanten kraag: dit moet van Rembrandt zijn

U zag het schilderij in een veilingcatalogus. Wat viel u op?

„Het was een dagveiling, met de minder belangrijke geachte schilderijen. Voor handelaren zitten daar vaak interessante werken tussen, waar minder goed onderzoek naar is gedaan. Bij het bewuste schilderij veerde ik op. Waarom stond daar ‘Circle of Rembrandt’ bij? Dit was toch een Rembrandt?”

In een oogopslag herkende u zijn hand?

„Ja. Het was meteen klik-klik-klik. Na jaren kijken, lezen en vergelijken heb ik daar veel gevoel voor gekregen. Vooral de observerende blik van de jongeman viel me op; hij maakt echt contact met je. Dat gebeurt zelden bij zeventiende-eeuwse portretten. Dat typeert de portretten van Rembrandt.”

Bij Christie’s komen alle grote handelaren en verzamelaars. Waarom zag u als enige dat het een Rembrandt was?

„De juiste vraag is: waarom heeft de rest het niet gezien? Als anderen het schilderij ook hadden herkend, was het voor miljoenen verkocht. Wat meespeelt, denk ik, is dat Rembrandts werk uit die periode niet goed is beschreven. Er is geen consensus. Dat biedt kansen.

„Ook stoppen veel mensen met denken als ergens de naam van een gerenommeerd veilinghuis op staat. Maar de experts daar hebben vaak onvoldoende tijd voor grondig onderzoek.”

Toch heeft Christie’s het schilderij twee jaar onder zich gehad voordat het werd geveild.

„Een raadsel waarom ze Van de Wetering niet hebben gebeld. De naam ‘Rembrandt’ stond nota bene achterop het schilderij. Ik zou meteen een vliegticket hebben gekocht om Van de Wetering te raadplegen. Het afgelopen jaar kneep ik me soms in de arm: ben ik nou zo slim, of zijn zij nou zo dom? Dat ik zo snel een van de grootste Nederlandse handelaren in oude meesters ben geworden, komt doordat veilinghuizen als Sotheby’s en Christie’s steken laten vallen.”

U wordt rijkelijk beloond voor uw inzicht en speurzin.

„Het is prachtig om als handelaar geld te verdienen. Toch zit de lol ’m voor mij in de speurtocht, bijdragen aan de kennis over Rembrandt, en – hoe kinderachtig dat ook klinkt – in het gelijk krijgen.”

Een investeerder hielp u de aankoop mogelijk te maken. Tot hoe ver kon u bieden?

„Heel ver. Geen honderd miljoen, dat is het schilderij niet waard. Maar geloof me: ver.”

Een paar miljoen?

Hij knikt.

Volgens Van de Wetering was het schilderij ooit vier keer zo groot.

„Ja. Je kunt zien dat het is verkleind. Dat geldt overigens voor praktisch alle oude schilderijen. Ze zijn herbedoekt, voorzien van een nieuwe plank, geretoucheerd, versneden. Cruciaal is of dat stoort. Of een schilderij er onaantrekkelijker door wordt. In dit geval niet. Binnen tien jaar is het een van de iconische beelden die niet meer zijn weg te denken uit Rembrandts oeuvre.”

Zestien experts delen uw toeschrijving, schrijft u in uw boek. Hebben zij het portret gezien?

„Ja, ze hebben allemaal de restauratie-studio bezocht. Al pratende met de experts kwam ik steeds verder met mijn onderzoek. Mijn boek is gelardeerd met hun ideeën. Het is een Gesamtidee.”

Nooit een sceptische expert ontvangen?

„Zeker wel. Maar die kwam niet verder dan: ‘Mijn buikgevoel zegt dat het geen Rembrandt is.’ Daar kan ik niets mee. En het doet geen recht aan hoe serieus we de wetenschap hebben genomen. Met alle mogelijke technieken is dit portret onderzocht en vergeleken met erkende Rembrandts.

„Sceptici zijn welkom. Laat ze met argumenten komen waarom dit géén Rembrandt is.”

U verwacht geen felle discussie?

„Nee. Neem alleen al Ernst van de Wetering. Hij schiet nooit vanuit de heup. Ernst heeft er een jaar over gedaan om zijn gedachten te ordenen.”

Meerdere vooraanstaande kunsthistorici zijn recent onderuitgegaan met toeschrijvingen.

Ietwat kriegelig: „Nogmaals, ik heb anderhalf jaar lang met experts van over de hele wereld gesproken. De onderzoeksinformatie is vergeleken met het onderzoek van het Rijksmuseum naar Rembrandts portret van Marten Soolmans (de recente aankoop door Frankrijk en Nederland, red.). Uit die vergelijking blijkt hoe identiek de twee schilderijen zijn.”

Is het schilderij te koop?

„Ik ben handelaar, dus ik ga het verkopen. En ja, natuurlijk bied ik het als een Rembrandt aan. Het schilderij heeft de zegen van Ernst van de Wetering. Voor handelaren en veilinghuizen was dat tot nu toe altijd voldoende om niet te twijfelen aan de echtheid van een Rembrandt.”

Hoeveel cijfers telt de vraagprijs?

Six trekt een lange neus: „Dat zou je wel willen weten, hè.”

Kijkt u uit naar de presentatie van uw vondst?

Six knikt. „Hoe vaak ik wel niet op mijn fiets naar de restaurator reed en dacht: kon ik het maar van de daken schreeuwen. Het voelt als de afsluiting van een proces en het begin van een prachtige toekomst.”

    • Arjen Ribbens