Turkse lira duikt na weer slecht nieuws

Turkse economie Turkijes kredietwaardigheid is dieper in junkstatus geraakt, de inflatie stijgt en grote bedrijven komen in de problemen. Geldhandelaren vrezen dat de regering te veel cadeautjes weggeeft. Het gevolg: overstimulering.

Een wisselkantoor in Istanbul houdt de koers van de lira ten opzichte van andere valuta bij. Foto Ozan Kose / AFP

Een onooglijk achterafstraatje in de grote bazaar van Istanbul is het symbolische hart van de Turkse financiële wereld. Terwijl toeristen zich vergapen aan de kleurrijke handelswaar die is uitgestald in de eeuwenoude bazaar, proberen tientallen geldhandelaren even verderop dollars en euro’s te kopen op de informele valutamarkt. Ze schreeuwen voortdurend orders door hun vele telefoons. Te midden van de kakofonie zitten vier mannen aan een laag tafeltje thee te drinken.

Het was vorige week maandag nog een relatief rustige handelsdag. Zeker vergeleken met de week ervoor, toen de koers van de lira maar liefst 5 procent daalde ten opzichte van de dollar. „Dat was een ongelooflijk verlies aan waarde”, zegt Osman Ataç (56), die al dertig jaar als geldhandelaar werkt in de bazaar. Net als zijn collega’s weigert hij een pak te dragen. „We houden van onze vrijheid en willen niet werken in een kantoor. In plaats van met computers werken we hier met mensen.”

De duikvlucht van de lira volgde op een week vol slecht nieuws. Maandag 30 april waarschuwde het IMF dat de Turkse economie „duidelijke tekenen van oververhitting” vertoont na de onstuimige groei van 7,4 procent vorig jaar. Dinsdag duwde Standard & Poor’s de kredietwaardigheid van Turkije dieper in een junkstatus (BB-), vanwege het risico op een harde landing. En donderdag kwam de Turkse centrale bank met cijfers waaruit bleek dat de inflatie in april was gestegen tot 10,8 procent.

Volgens Ataç reflecteert de koers van de lira de zorgen over de onevenwichtige en kredietgedreven groei. Die is voornamelijk het gevolg van overstimulering. Vorige week presenteerde de regering een nieuw stimuleringspakket, met voor 5 miljard euro aan douceurtjes. Zo krijgen 12 miljoen gepensioneerden twee keer een cheque van 1.000 lira (200 euro), vlak voor de verkiezingen van 24 juni. „De Turkse regering blijft de economie aanjagen in aanloop naar de presidentsverkiezingen en aanvaardt economische onevenwichtigheden”, aldus Standard & Poor’s.

De Turkse economie ging van een bijna-recessie naar snelle groei en dat riep vragen op. Lees ook: Supergroei Turkse economie stuit op wantrouwen

De bouw is hard geraakt

De downgrading maakt het duurder voor Turkije om geld te lenen. De rente op Turkse staatsobligaties met een looptijd van tien jaar steeg naar 14 procent. Dit vormt een bedreiging voor de financiële stabiliteit van het land, zeker in combinatie met de scherpe daling van de lira. Want de zwakke munt maakt het moeilijker voor de overheid en voor bedrijven om hun schulden in vreemde valuta af te lossen. En die zijn de laatste tien jaar verdubbeld tot zo’n 450 miljard dollar (53 procent van het bbp). Alleen al de staatsschuld bestaat voor 40 procent uit vreemde valuta.

De zwakke lira verhoogt de kosten voor bedrijven en verkleint hun winstmarge. Dat leidt steeds vaker tot problemen. Eind vorig jaar bleef de Turkse telecomgigant Ojer Telekomunikasyon AS in gebreke bij de aflossing van een lening van 4,5 miljard dollar. Het bedrijf trof een regeling met de bank om een faillissement af te wenden. Daarna vroeg Yildiz Holding, de grootste voedselproducent van Turkije (en eigenaar van Verkade), om de herstructurering van 6,5 miljard dollar aan schuld. En vorige maand volgde Dogus Holding, een van de grootste bedrijven van Turkije.

Met name de bouw, een belangrijke motor achter de economische groei van de afgelopen jaren, is hard geraakt. Ferdi Erdogan, voorzitter van de Associatie van Producenten van Bouwmateriaal (IMSAD), zei vorige maand op een congres dat bouwbedrijven kampen met betalingsproblemen en vertraging van nieuwe projecten. „Er zijn nog geen faillissementen, maar daar zullen we in de tweede helft van het jaar wellicht indicaties van zien”, aldus Erdogan. „Het financieringsmodel moet dringend worden opgelost.”

De problemen in de bouw sijpelen door naar producenten en leveranciers. Vanwege de hoge rente en het gebrek aan geld is er bij 30 procent van de betalingen sprake van ruilhandel: aandelen in vastgoed voor bouwmateriaal. „Er is een probleem met incasso’s”, zei Erdogan. „Aannemers kunnen of niet verkopen of ze kunnen hun geld niet krijgen. Producenten krijgen ook hun geld niet. Daarom gaan ze over op ruilen. Producenten zetten vervolgens hun leveranciers onder druk. Deze keten is niet langer houdbaar, hij zal op een bepaald moment breken.”

Ook Turkse banken hebben het moeilijk. Ziraat Bank, de grootste bank van Turkije, meldde vorige week dat zijn winst in het eerste kwartaal van 2018 met 20 procent was gedaald ten opzichte van een jaar eerder. Tegelijkertijd is het aantal leningen onder toezicht verviervoudigd van 2,4 miljard naar 10,6 miljard. Bij de derde grootste bank, Akbank, is het aantal problematische leningen gestegen naar 22,3 miljard. Dat komt vooral door de daling van de lira, die het terugbetalen van leningen in vreemde valuta duurder maakt.

De bron van alle kwaad

Turkije is niet het enige land dat kampt met hoge inflatie en een dalende munt. Net als andere opkomende economieën profiteerde Turkije na de kredietcrisis van de grote hoeveelheid goedkoop geld dankzij de lage rente in de VS en Europa. Maar daar komt een einde aan nu de Amerikaanse centrale bank geleidelijk de rente verhoogt. Dit leidt tot problemen in opkomende markten die afhankelijk zijn van buitenlands geld. Voormalig IMF-topman Stanley Fischer zei vorige week dat ze rap moeten handelen aangezien de dollar sneller stijgt dan verwacht.

Normaal gesproken zou de centrale bank ingrijpen. Dat gebeurde vorige week in Argentinië, waar de rente met 13 procent werd verhoogd om de val van de peso te stoppen. Maar er zijn ernstige twijfels over de onafhankelijkheid van de Turkse centrale bank. Erdogan is een uitgesproken tegenstander van hoge rentes, die volgens hem juist leiden tot hoge inflatie. Deze onconventionele economische theorie is deels geworteld in de islam, waar rente geldt als ongepast. Daarbij heeft hij nauwe banden met grote bouwbedrijven, die juist belang hebben bij lage rente.

Het gevolg is dat de centrale bank onder politieke druk steeds halve maatregelen neemt. Onlangs verhoogde de bank de rente met 0,75 procent, maar dat was niet genoeg om de lira te stabiliseren. Toen Erdogan vorige week een spoedvergadering bijeenriep met zijn economische adviseurs en de president van de centrale bank, hoopten de markten op een significantere ingreep. De lira maakte prompt een paar procent goed ten opzichte van de dollar. Maar de ingreep bleef uit.

In plaats daarvan herhaalde Erdogan vrijdag zijn kritiek op hoge rentes. „Mijn overtuiging is dat rentes de bron van al het kwaad zijn”, zei hij op een congres van de Turkse Unie van Goederenbeurzen. „Rentes zijn de oorzaak van inflatie. Inflatie is een gevolg, niet een oorzaak. We moeten de rentes verlagen. Als mijn volk zegt ‘ga door op dit pad’, zal ik zegevieren in de strijd tegen de vloek van de rentes.”

In reactie vervolgde de lira zijn val.