Recensie

Overgave is het sleutelwoord bij meesterpianist Sokolov

Meesterpianist Grigory Sokolov (68) is een toetsenalchemist. Zijn interpretatie van Haydn is overmatig zwaar en ernstig. Maar zijn Schubert betoverde, net als elk van zijn zes (!) toegiften.

Grigory (‘Grisha’) Sokolov (68), door velen omarmd als de beste pianist ter wereld.

Je zou een karakterstudieboek kunnen samenstellen aan de hand van de temperamenten die langskomen in de serie Meesterpianisten. Neem de oude Rus Grigory (‘Grisha’) Sokolov (68), door velen omarmd als de beste pianist ter wereld. Zijn recitals in Amsterdam (dit jaar ook in Utrecht en Eindhoven) zijn een jaarlijks terugkerende, haast occulte eredienst, waarvoor het Concertgebouw zondag opnieuw stampvol zat.

Sokolov communiceert intens met zijn piano (die moet perfect zijn) en met de componisten die hij uitvoert. Sterker: je voelt aan alles dat hij leeft voor muziek. Sokolov draagt zijn intellectuele en spirituele overgave aan muziek als een eigen dimensie zelfs zo compromisloos uit, dat naar hem luisteren als een warm bad is voor al-wat-niet-lichaam-is (noem het hoe je wilt), ongeacht zijn interpretaties.

Van communicatie met het publiek is daarbij geen sprake. Drie Haydn sonates klonken voor de pauze hermetisch aaneengesloten, waardoor het volgen van delen en betogen – iets wat je tegen beter weten in toch poogde – ondoenlijk bleek, behalve voor Sokolov zelf (die vast ook uitstekend simultaan kan schaken op talrijke borden).

Wat Sokolov onder meer onnavolgbaar maakt, is zijn toucher. Hij kan met één vinger notenkrakerhard roffelen, maar uit duistere klankwolken wellen soms ook, haast alchemistisch, ranke neveltjes onaardse poëzie op. Logisch dat de gespeelde impromptu’s van Schubert - een melancholieke microkosmos vol tederheid en duisterheid, immers - meer indruk maakten dan Haydn, waarin je toch iets van speelsheid, luchtigheid en adem miste.

Beluister hier Schubert - Impromptu in As gr.t., op. 90 nr. 4, D 899 (Sokolovs eerste toegift)

Sokolov besloot – en ook dat is een heilige formule – met zes toegiften: ook dit recital duurde traditiegetrouw een volle drie uur. Overgave is daarbij het sleutelwoord. Terwijl de zaal steeds ietsje leger wordt, nemen de concentratie en vrijheid van zowel Sokolov als zijn toehoorders toe, tot je in een onopgesmukt stuk als Chopins Prelude in Des alleen nog een pure, roezige ontroering ervaart.

Chopins Prelude in Des, op. 28, nr 15. Beluister hem hier:

    • Mischa Spel