Ombudsman: nieuw zorgstelsel werkt nog slecht

Zorginstanties hebben volgens de Ombudsman niet het overzicht “van de gehele situatie van de burger”. Het gevolg: hulpbehoevenden weten niet bij wie ze moeten zijn.

Een wijkverpleegster aan het werk. Foto Koen Suyk/ANP

Het nieuwe zorgstelsel werkt voorlopig nog slecht. Van alle verbeteringen die de in 2015 doorgevoerde vernieuwingen hadden moeten opleveren, “is nog te weinig terecht gekomen”, schrijft Nationale Ombudsman Reinier van Zutphen in een maandag verschenen rapport.

Sinds drie jaar zijn gemeenten verantwoordelijk voor de zorg aan jongeren, langdurig zieken en ouderen. Deze zogenoemde decentralisatie was bedoeld als kostenbesparing. Daarnaast moest het nieuwe stelsel ervoor zorgen dat hulpbehoevenden al hun zorg voortaan bij één aanspreekpunt konden regelen.

‘Overzicht ontbreekt’

Maar in de praktijk vallen de resultaten dus tegen, constateert de Ombudsman. De zorginstanties werken volgens Van Zutphen vooral “vanuit hun eigen perspectief”. Een “overzicht van de gehele situatie van de burger ontbreekt”. Daarnaast komen burgers door de nieuwe wetten die met het zorgstelsel meekwamen - de Wmo voor persoonsgebonden budgetten en de Wlz voor langdurig zieken - nog voor veel onduidelijkheden te staan.

Gevolg van de problemen is volgens Van Zutphen bijvoorbeeld dat burgers niet weten bij welke instantie ze precies moeten aankloppen als ze zorg nodig hebben. En ze worden geregeld van het kastje naar de muur gestuurd. “De Nationale Ombudsman ziet keer op keer dat de overheid systemen ontwerpt die niet goed aansluiten op de dagelijkse realiteit van burgers. Dat is nu ook weer het geval”, aldus de Ombudsman.

Alle zorg in één hand, dicht bij de burger. Met die wens hevelde het Rijk zorgtaken naar gemeenten over. Maar de ambtenarij erachter is nog net zo verkokerd als vroeger, schreef NRC in maart.

Om de problemen op te lossen, moeten zorginstellingen volgens de Ombudsman meer samenwerken. Hij stelt ook voor om mensen die nog niet weten onder welke zorgwet ze vallen, een overbruggingsbudget te geven. Van Zutphen heeft zijn suggesties besproken met het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, de zorgverzekeraars en de gemeenten. Die zeggen met de voorstellen aan de slag te gaan.