Nieuw in Indonesië: jonge gezinnen plegen aanslagen

Terreur

IS-aanhang in Indonesië is diffuus georganiseerd en moeilijk aan te pakken.

Politie in Surabaya houdt verdachte van de aanslag maandagmorgen onder schot. Foto Didik Suhartono/Reuters

Wéér een gezin. Maandagmorgen pleegde een familie van vijf een aanslag bij een politiebureau in Surabaya, de tweede stad van Indonesië. Volgens de politie overleefde een meisje van acht de explosie. Ze zat op één van de twee brommers waarmee de daders kwamen aanrijden. Er vielen tien gewonden, de vier daders kwamen om.

En Surabaya was nog niet eens bijgekomen van de schok van een dag eerder. Zondagochtend pleegde een gezin van zes één van Indonesiës dodelijkste aanslagen sinds jaren. In drie kerken, verspreid over de stad, bliezen ze zichzelf op. Er vielen daarbij zeker dertien doden, onder wie de zes daders. Ruim veertig mensen raakten gewond.

In een voorstad van Surabaya ontplofte ook een bom – voortijdig, in een appartement – waarbij drie leden van één gezin omkwamen.

Het komt in Indonesië hard aan dat de aanslagplegers, voor het eerst, kinderen bij hun geweld betrekken. Zondag nam de moeder haar twee dochters mee de dood in, de jongste was negen. De twee zonen gebruikten een motor voor hun aanslag en de vader blies zichzelf bij een derde locatie op met een autobom.

IS eiste de aanslag van zondag op. Volgens de politie was de vader het hoofd van een lokale cel van het Indonesische terreurnetwerk Jamaah Ansharud Daulah (JAD). Dat is een overkoepelende naam voor IS-aanhangers in Indonesië. Eén van de grote namen erachter is Aman Abdurrahman, een extremist die al jaren vanuit zijn cel radicale opvattingen verspreidt.

Abdurrahman studeerde aan een door Saoedi-Arabië betaalde universiteit in Jakarta. In 2004 werd hij voor het eerst opgepakt omdat tijdens een les in explosieven maken per ongeluk een bom ontplofte. In 2014 sprak Abdurrahman vanuit de cel steun uit voor het kalifaat dat de IS in Syrië had uitgeroepen. Hij vertaalde tientallen IS-artikelen naar het Indonesisch en verspreidde die op radicale websites.

President Joko Widodo noemde de aanslag in Surabaya zondag „barbaars” en zei dat hij de politie opdracht had gegeven „dit soort netwerken” te onderzoeken en te ontmantelen. Dat lukte de politie na 2002 bij de dodelijke bomaanslagen op Bali goed. Maar de IS-aanhang in Indonesië is nu diffuser georganiseerd dan de terreurnetwerken na de eeuwwisseling.

De nationale baas van de politie legde zondag een verband tussen de aanslagen in Surabaya en een opstand van vorige week in de zwaarbewaakte gevangenis waar ook Aman Abdurrahman vast zit. Veroordeelde terroristen en IS-aanhangers wisten er wapens uit een opslagruimte te halen. Zes bewakers kwamen om het leven en het duurde langer dan een dag voor de anti-terreurdienst de situatie onder controle had. De aanslagen in Surabaya zijn volgens de nationale politiebaas een „vergelding” omdat de opstandelingen nog vastzitten.

De politie zei aanvankelijk dat de aanslagplegers van zondag terugkeerders uit Syrië waren. Later trok ze dat weer in. Van de daders van maandag was dit nog niet duidelijk. Maar net als in veel andere landen waarschuwen terreurdeskundigen in Indonesië al langer voor het gevaar van teruggekeerde IS-gangers die er bij thuiskomst nog altijd radicale gedachten op na zouden houden. Vanuit Indonesië vertrokken vaak complete gezinnen naar Syrië om zich samen in het kalifaat te vestigen. Die gezamenlijkheid lijkt nu een lugubere extra dimensie te hebben gekregen.

Kenmerkend voor Indonesische Syriëgangers: ze gingen met de hele familie, geloofden in het ideaalplaatje uit de IS-propaganda, schreef correspondent Annemarie Kas eind vorig jaar. Lees daarover: ‘Indonesiërs zijn nogal goedgelovig’
    • Annemarie Kas