‘Ik maak me echt zorgen over de VS’

Frank-Walter Steinmeier President Duitsland

De Duitse president is op bezoek in Nederland. Hij ziet het belang van een verenigde EU toenemen.

Frank-Walter Steinmeier in 2015, toen nog minister van Buitenlandse Zaken. Foto Dominik Butzmann/HH

Het Amerikaanse besluit om het nucleaire akkoord met Iran eenzijdig op te zeggen ondermijnt het gezag van de VN-Veiligheidsraad. Het gevaar dreigt dat nu meer landen kernwapens gaan ontwikkelen. Dat zegt de Duitse president Frank-Walter Steinmeier, die deze dinsdag en woensdag een officieel bezoek aan Nederland brengt, in een interview per e-mail met NRC. Steinmeier wordt ontvangen door de koning, en hij dineert met premier Rutte in het Catshuis.

Volgens de Duitse president dreigt de Amerikaanse opstelling het fundament van de Duitse en de Europese buitenlandse politiek te ondergraven. Steinmeier was acht jaar minister van Buitenlandse Zaken, en in die rol was hij intensief betrokken bij de totstandkoming van het atoomakkoord. Als staatshoofd moet hij enige afstand tot de dagelijkse politiek bewaren, maar over de toestand in de wereld spreekt hij zich duidelijk uit.

Kan Europa ondanks president Trump nog vertrouwen op het trans-Atlantische partnerschap?

„Wij Duitsers hebben ontzettend veel aan de Verenigde Staten te danken: onze democratie, onze vrijheid en ook onze welvaart. Dat willen en zullen we niet vergeten. Maar ik maak me echt zorgen over de trans-Atlantische betrekkingen. Mede door de fundamentele verschillen over de juiste omgang met het nucleaire akkoord en over de vrije wereldhandel.

„De eenzijdige terugtrekking uit de nucleaire deal is een ernstige tegenvaller voor de internationale diplomatie. Er wordt daardoor niets verbeterd, maar het creëert wel veel nieuwe risico’s. Met name groeit het gevaar van acute spanningen en escalatie van de vijandelijkheden in het toch al explosieve Midden-Oosten. En het vergroot het gevaar dat ook andere landen aan een nucleair bewapeningsprogramma gaan beginnen. Bovendien voelen de hardliners in Iran zich nu gesterkt.

„Pijnlijk is ook dat het gezag van de Veiligheidsraad en de Verenigde Naties als geheel is aangetast. Zij hadden de overeenkomst als gemeenschappelijk standpunt van de wereldgemeenschap onderschreven. Als de politieke leiding van de VS zich niet langer als onderdeel van een internationale gemeenschap ziet, maar de wereld beschouwt als arena van concurrerende staten, komen de pijlers van het Duitse en ook Europese buitenlandse beleid in gevaar. Daarop moeten we samen een antwoord zien te vinden.”

In de EU is een kloof ontstaan tussen noord en zuid, en ook tussen west en oost. Ziet Duitsland, als macht in het midden, het als zijn taak Europa weer samen te brengen?

„Voor ons Duitsers is een verenigd Europa het enig juiste antwoord op onze geschiedenis en op onze ligging in het midden van dit continent. De eenheid van de EU is voor ons een kwestie van existentieel belang. We voelen ons met het project-Europa diep verbonden en we voelen ons verantwoordelijk. De EU hangt echter af van ál haar leden. Alleen samen kunnen we Europa vormgeven. Als Duits staatshoofd zie ik het daarom als deel van mijn verantwoordelijkheid deze Europese eenheid te propageren en te bevorderen – ook en juist wanneer dat van Duitsland bereidheid eist tot het sluiten van compromissen.”

Acht noordelijke EU-lidstaten, waaronder Nederland, vrezen dat de EU na de Brexit te veel naar Franse smaak hervormd wordt. Kunt u deze landen geruststellen?

„Weliswaar gebeurt er zonder Frankrijk en Duitsland weinig in de EU. Maar hoe belangrijk deze twee landen ook zijn, zonder de andere EU-leden krijgt Duitsland noch Frankrijk iets voor elkaar in Europa. En we willen ook beslist niemand passeren.

„De president van Frankrijk heeft het debat over de toekomst van Europa een nieuwe impuls gegeven. Dat was belangrijk en ik ben hem daarvoor dankbaar. Zijn concrete voorstellen verdienen serieuze aandacht en verlangen een antwoord.

„Het is duidelijk dat we het binnen de EU niet over alles eens zullen zijn. Het hoort erbij dat uiteenlopende perspectieven en belangen met elkaar in botsing komen. Belangrijk is dat we daarbij het doel van een verenigde en slagvaardige EU niet uit het oog verliezen. De vraag die ons als leidraad moet dienen is: Wat voor Europa hebben we over vijf of tien jaar nodig om onze liberale, open, vreedzame samenlevingen te behouden? En natuurlijk is de stem van Nederland in die debatten van groot belang.”

Bestaat er binnen de EU nog zoiets als nationale soevereiniteit, of moeten we zoals Macron spreken van Europese soevereiniteit?

„Die twee horen bij elkaar. Een sterk Europa is voor elk van onze lidstaten – of het nu Duitsland, Nederland, Frankrijk of Slovenië is – de voorwaarde om in deze wereld überhaupt nog te kunnen handelen. En dat bedoelt president Macron. De Europese soevereiniteit is niet in tegenspraak met nationale soevereiniteit. Integendeel, ze vult de nationale soevereiniteit aan, vergroot haar zelfs, vooral daar waar het oplossen van problemen op nationaal niveau niet meer mogelijk of voldoende is.”

U heeft gewaarschuwd voor een snel groeiende vervreemding tussen het Westen en Rusland. Is dat niet onvermijdelijk, zolang Rusland het internationale recht zo weinig respecteert?

„Het is waar: Rusland is op zoek naar zijn identiteit door zich van Europa te isoleren. Het land is als partner lastiger dan we ons dat na 1990 aanvankelijk hadden voorgesteld of gewenst. Maar het is en blijft een buurland van Europa. Ik ben ervan overtuigd dat we er geen goed aan doen ons als antwoord op de Russische houding van onze kant alleen op isolatie te richten. Verstandig buitenlands beleid houdt ook in dat er telkens weer naar initiatieven en ingangen moet worden gezocht. Vervreemding is geen toestand, maar een proces. En daarop kunnen we invloed uitoefenen.”