Hoe Macrons revolutie er na een jaar voorstaat

Frankrijk

Deze maandag is Macron precies een jaar president. Een toets op vijf hoofdthema’s van zijn revolutie van het radicale midden.

Hij geleidde zijn voorganger naar de uitgang, werd in een open jeep over de Champs-Élysées gereden en ging aan het werk – om niet meer op te houden. Deze maandag is het precies een jaar geleden dat de sociaal-liberaal Emmanuel Macron aantrad als president van Frankrijk. Maar voor hem is het een dag als alle andere, zei hij tegen Le Figaro. „Het is een symbolische datum, niet een reflectiemoment voor het presidentschap.” Hij is aan het hervormen en hervormt nog wat door. Wat heeft dat tot nu toe opgeleverd?

1. Economie

Zonder noemenswaardig verzet slaagde Macron erin de Franse arbeidswetgeving te versoepelen. De achterliggende gedachte: als bedrijven beter weten wat het kost om bij zwaar weer van personeel af te komen, dan nemen ze in goede tijden makkelijker mensen aan. Zo zou Frankrijk concurrerender moeten worden.

Het is nog te vroeg om het effect van deze ‘Loi Travail’ op het werkloosheidscijfer te zien. Dat daalt, maar is met 8,9 procent nog altijd hoog. Het aantal buitenlandse investeringen in Frankrijk lag in 2017 op het hoogste niveau in tien jaar, maar ook dat is deels conjunctureel.

Inmiddels discussieert het parlement over deel twee van de economische hervormingen: het beter beschermen van werknemers (en dus niet van banen) via omscholing en werkloosheidsuitkeringen voor zelfstandigen en mensen die een eigen bedrijf willen beginnen. Een door Macrons minister van Arbeid Muriel Pénicaud gewenste belasting op kortlopende arbeidscontracten wordt vooralsnog door werkgeversorganisaties geblokkeerd.

Later dit jaar beginnen potentieel explosieve onderhandelingen over pensioenhervorming. Macron wil een universele pensioenregeling en een eind aan alle uitzonderingssituaties, zoals bij spoorbedrijf SNCF. De staking daar is een test voor Macrons hervormingscapaciteit.

2. Internationaal en Europa

„France is back”, zeggen Macrons ministers en diplomaten in het buitenland. Het land wil gezien worden. In de traditie van De Gaulle praat Macron met iedereen, ook met polariserende leiders als Trump en Poetin. Veel concreets heeft dat nog niet opgeleverd. Ondanks Macrons inspanningen („Let's make our planet great again”), stapte Trump uit het klimaatakkoord van Parijs en, afgelopen week, uit de deal met Iran. Nu komt het er op aan om de (economische) gevolgen hiervan voor Frankrijk te beperken. Daarvoor is EU-samenwerking onontbeerlijk.

Hoewel Macron nieuw enthousiasme over Europa losmaakt, heeft hij in Brussel nog niet veel klaargespeeld. Het Élysée ziet de aanscherping van de detacheringsregeling, om arbeidskrachten uit goedkopere EU-landen te ontmoedigen, als zijn belangrijkste succes.

Om de geloofwaardigheid van Frankrijk in Brussel te herstellen, hield Macron het Franse begrotingstekort in 2017 voor het eerst in tien jaar (!) onder de in EU-verband afgesproken 3 procent. Later deze maand maakt de Europese Commissie bekend dat Frankrijk de procedure voor landen die zich niet aan de regels houden, kan verlaten. Dat zou Macron meer slagkracht moeten geven. Maar de door hem bepleite institutionele hervormingen voor de eurozone (een parlement, een minister van Financiën, een begroting) stuiten nog steeds op Duits verzet.

Lees meer over een jaar Macron: France is back. Macron biedt hoop, maar niet aan álle Fransen

3. Politieke vernieuwing

Vanuit het niets bouwde Macron vanaf 2016 En Marche! Vanuit alle Franse uithoeken stuurden zijn comités suggesties voor het verkiezingsprogramma naar Parijs. De politieke burgerbeweging bestaat nog wel, maar van de oorspronkelijke ‘bottom-up’-democratie is sinds Macrons aantreden weinig over. Critici in de oppositie beklagen zich over zijn „verticale leiderschap”: belangrijke beslissingen worden in kleine kring in het Élysée genomen, ministers hebben weinig bewegingsvrijheid en gevoelige maatregelen (zoals de hervorming van de SNCF) worden per decreet doorgevoerd.

Toch kan dit nieuwe ‘bonapartisme’ geen verrassing zijn: filosoferend over het presidentschap zei Macron eind 2016 al dat de Fransen hun president altijd als koning zijn blijven zien. Maar het heeft tot de ongekende situatie geleid dat het landsbestuur minder politiek is geworden: er lekt minder informatie uit, ministers (merendeels technocraten) spreken nog vooral over hun eigen portefeuille en het debat in het parlement is door de grote meerderheid van (vaak onervaren) En Marche-leden zakelijker geworden. De obers van het parlementaire buffet klagen dat door de nieuwe zakelijkheid de alcoholconsumptie dramatisch is afgenomen.

Om het vertrouwen in de politiek te herstellen, zijn regels voor parlementariërs aangescherpt: ze mogen geen familieleden meer in dienst nemen, hun gunstige pensioenregeling is versoberd, onkostendeclaraties worden gecontroleerd, en het aantal termijnen dat ze dezelfde zetel bekleden is beperkt. Een grondwetsherziening moet het aantal parlementsleden beperken en voorziet erin dat een deel van de zetels via evenredige vertegenwoordiging verkozen wordt teneinde een representatiever afspiegeling te krijgen.

4. Banlieue

Na maanden suspense maakte Macron eind 2016 in de Parijse voorstad Bobigny bekend dat hij kandidaat voor het presidentschap was. Dat was niet toevallig: tijdens al zijn bezoeken aan de banlieue probeerde hij te laten zien dat hij geen afstandelijke representant van de elite is en wel degelijk oog heeft voor sociale problemen. Naast het „kalmeren” van het debat over integratie en islam, was zijn belangrijkste belofte: halvering van klasgrootte op lagere scholen in probleemwijken zodat leerlingen beter Frans leren lezen en schrijven.

In onwaarschijnlijk korte tijd heeft minister van Onderwijs Jean-Michel Blanquer, een weinig charismatische ex-topambtenaar, dat plan afgelopen zomer uitgevoerd. Al in september bij aanvang van het schooljaar waren 2.500 klassen in lastige wijken teruggebracht tot 12 leerlingen. Omdat schoolgebouwen niet altijd groot genoeg zijn, leidde dat soms wel tot twee leerkrachten in één klaslokaal.

Een andere belofte die vooral voor de banlieue van belang is: het terugbrengen van wijkagenten om zo kleine criminaliteit en radicalisering sneller aan te pakken. In dertig probleemwijken wordt nu geëxperimenteerd met de ‘police de sécurité du quotidien’, in 2020 moet dat aantal verdubbeld zijn. Om de hoge jeugdwerkloosheid te bestrijden, kunnen werkgevers forse premies krijgen als ze iemand uit een probleemwijk in vaste dienst nemen.

5. Immigratie

Als presidentskandidaat zei Macron dat Frankrijk bij de opvang van vluchtelingen een voorbeeld moest nemen aan Duitsland. Bondskanselier Merkel heeft in 2015, toen Duitsland bijna een miljoen asielaanvragen accepteerde, „onze collectieve waardigheid” gered, zei hij. Macron pleitte voor „ferm en menselijk” asielbeleid, „zonder mensen op straat”.

Juist een nieuwe asielwet heeft tot de eerste opstand bij En Marche! geleid. Een van oorsprong links smaldeel vindt dat minister van Binnenlandse Zaken Gérard Collomb, een ex-socialist, meer ferm dan menselijk is. Zijn asielwet voorziet in kortere termijnen voor uitsluitsel over de aanvraag, maar verlengt het aantal dagen dat uitgeprocedeerde mensen vastgezet kunnen worden. Ondertussen leven duizenden migranten nog altijd op straat, vooral in Parijs. Politieagenten zouden tentjes en slaapzakken van migranten vernietigen.

Maar volgens opiniepeilingen vindt een ruime meerderheid van de Fransen Macron nog altijd te soft. Resumerend vindt de rechtse oppositie hem te links en vindt de linkse oppositie hem te rechts. Zo zal Macron zijn revolutie van het radicale midden ongeveer bedoeld hebben.

Lees ook: Macron kan Europa nog niet naar zijn hand zetten
    • Peter Vermaas