‘Een Polenverbod is de oplossing niet’

Overlast Tiel In Tiel wonen duizenden Polen. Dat leidt soms tot wrijving. „Waarom zo negatief? Wij Polen werken keihard voor jullie.”

Annette de Graaf is eigenaar van bar Rodon, waar veel Polen komen. „Een uitlaatklep voor de hardwerkende Polen.” Foto John van Hamond

Twee grote mannen met kaalgeschoren hoofden lopen in trainingspak door het centrum van Tiel. Ze schelden er in het Pools op los. „Natuurlijk boezemt dat bewoners hier angst in”, zegt Patrick (27), een Poolse arbeidsmigrant die vanaf een terras toekijkt. Hij woont al vijf jaar in de buurt van Tiel en groet elke vijf minuten een Poolse bekende. „Maar een ‘Polenverbod’, dat is de oplossing niet.”

Een huis met tien tot dertig Polen? Vier moet het maximum zijn, vindt Tiel

Tiel was de afgelopen week voorpaginanieuws in Polen. Twee cafés in de Betuwse plaats kwamen met een nieuwe huisregel: alleen toegang voor Nederlandssprekenden. Tv-zender Polsat News berichtte er uitgebreid over. Want in de praktijk zou de eis vooral Polen treffen.

Discriminatie, vond ook burgemeester Hans Beenakker (VVD). In zijn gemeente wonen naar schatting drie- tot vierduizend Polen, zo’n 10 procent van de bevolking.

Na druk vanuit de gemeente en veel media-aandacht trok de eigenaar van de cafés de huisregel een dag later weer in. Christjan Ernste had alleen maar ruzie tussen Polen en Nederlanders willen voorkomen. „Dat ontstaat vaak door de taalbarrière”, zegt hij op het terras voor een van zijn cafés.

Tiel kampt al langer met overlast van arbeidsmigranten. Begin april kwam het gemeentebestuur daarom met plannen voor een maximum van vier arbeidsmigranten per woning. In één zogeheten ‘Polenhuis’ wonen soms tien tot dertig mensen, vaak middenin een woonwijk. Gevolg: lawaai, parkeerproblemen.

Nauwelijks tijd voor de kroeg

Het werk voor arbeidsmigranten ligt in Tiel, omgeven door fruitboomgaarden en distributiecentra, voor het oprapen. Wie zijn die Polen daar, die in tientallen bestelbusjes van uitzendbureaus naar hun werk rijden?

Mariusz (26) en Damian (21) zitten aan de Waalkade in de zon te wachten op Poolse vrienden. Ze willen niet met hun achternaam in de krant, evenmin als negen andere Polen die NRC aanspreekt in Tiel, om problemen met hun werkgever te voorkomen.

Poolse supermarkt in het centrum van Tiel. Foto John van Hamond

Ze zijn net klaar met verpakkingswerk in het nabije distributiecentrum van Albert Heijn. „Soms slapen we zes uur”, zegt Mariusz. „De ene dag draaien we een middagdienst, tot elf uur ’s avonds, om de volgende ochtend om zeven uur alweer te beginnen.” Tijd om naar de kroeg te gaan, hebben ze nauwelijks. „Op vrije dagen slapen we uit”, vertelt Mariusz. Hij verdient 10,95 euro bruto. Damian krijgt voor hetzelfde werk 8,50 euro, omdat hij jonger is. „Veel meer dan we in Polen zouden verdienen”, zegt Mariusz, die daar als postbode werkte.

Bogusia betaalt 200 euro per week voor haar kamer, waar ze samen met haar man slaapt. Ze werken beiden in Nederland. In het huis wonen meerdere Polen. Op haar shirt staat 'Leef gezond, denk positief'. Foto John van Hamond

Aan de rand van de stad staat een deels vervallen boerderij. Bewoonster Bogusia (54) dweilt de vloer van de woning, waar nog achttien Polen via een uitzendbureau wonen. Ze is hier net twee maanden, met haar man, spreekt alleen Pools en Russisch en weegt zes dagen per week aardbeien in een fabriek. „Dankzij dit werk kan ik de studie van mijn twee kinderen betalen”, zegt ze glimlachend. Ze studeren economie en techniek in Krakau.

Toen Bogusia in Nederland aankwam, zag ze er in de kassen „alleen Polen die keihard voor jullie werken”, zegt ze. „Waarom zijn Nederlanders dan zo negatief over ons?”

Het huis, met biljart, tv en elf koelkasten in de keuken, wordt wekelijks geïnspecteerd door het uitzendbureau, vertelt Bogusia. Daarom houdt ze het goed schoon. Feestjes laat ze niet toe. De deur van haar kamer, die ze met haar man deelt, kan niet op slot. „We hebben weinig privacy”, zucht ze. De kamer is nog geen negen vierkante meter. „We betalen hier honderd euro per persoon per week voor.” Ze weet niet of dat veel of weinig is. Het wordt ingehouden op haar loon en dát is vele malen hoger dan wat ze in Polen verdiende als inpakster in een vleesfabriek.

Op de volle terrassen in Tiel hoor je tegen het einde van de middag geen Pools. Wel bij de Poolse supermarkt in het centrum en bij Bar Rodon in de avond. De enige Poolse kroeg van Tiel zit naast het plaatselijke bordeel in een onopvallend donker steegje.

„Deze plek is een uitlaatklep voor de hardwerkende Polen”, vertelt Annette de Graaf (54), die een jaar geleden de Poolse kroeg begon. Het zijn juist de Nederlanders voor wie ze zich schaamt in Tiel. „Af en toe heb je hier Nederlandse mannen van mijn leeftijd, die de hele avond met open mond de Poolse meisjes nastaren. Als je wilt wippen, moet je hiernaast zijn.”

Wel begrijpt De Graaf de onrust onder buurtbewoners. „Ik zou naast mijn huis ook geen tien Polen in een huis voor vier willen hebben”, zegt ze. „Laat de uitzendbureaus hen goed huisvesten: vier Polen in een huis voor vier. Die zou ik graag als buur hebben.”

De volgende morgen komt Patrick aangereden in een Porsche met open dak. Geen nieuwe, wel zelf verdiend – hard werken, weinig uitgeven. Hij woont op een camping, met zijn ouders, verdient ongeveer 13 euro per uur bij een fruitsapjesbedrijf. Daar heeft hij een vast contract voor 40 uur per week. „Ik verdien niet meer dan iemand die voor het uitzendbureau werkt, maar heb wel meer zekerheid.” Door zijn werk is hij ook bevriend geraakt met Nederlanders.

Lees ook deze column van Jutta Chorus over Poolse arbeiders in Tiel: Eén column = twee ontslagen Polen

‘Poolse getto’s in het Westland’

In het algemeen vindt Patrick dat Poolse arbeidsmigranten zich beter moeten gedragen, en dat de uitzendbureaus beter voor hun personeel moeten zorgen. Hij praat volop over „Poolse getto’s” in het Westland, vrienden die met z’n achten op één kamer woonden, en hij klaagt over een woonlocatie met Polen achter zijn camping, waar elke woensdag tot diep in de nacht gefeest wordt. Daarom is het goed dat de gemeente met regels komt, vindt hij. „Laat ze maar met maximaal vier wonen in één huis. Dat dwingt de uitzendbureaus mensen een betere plek te geven.”

Patrick brengt morgen een schoolvriend, die hier ook werkt en met wie hij een camper deelt, naar Schiphol. De vriend gaat naar Japan, met vakantie. Lachend: „Dat had niet gekund als we in Polen waren gebleven.”