Recensie

Russisch programma Gelders Orkest en Orkest van het Oosten maakt indruk

Het Gelders Orkest en het Orkest van het Oosten slaan de handen ineen voor een Russisch programma. Onder specialist Nikolaj Alexeev speelde het samengestelde orkest uitmuntend.

De Nijmeegse concertzaal De Vereeniging tijdens een concert van het Gelders Orkest. Foto René Knoop

De Vereeniging in Nijmegen was zaterdagavond maar karig gevuld en daarmee hebben een hoop Nijmegenaren zichzelf tekort gedaan. Het Gelders Orkest speelde in samenwerking met het Orkest van het Oosten een geheel Russisch programma, aangevoerd door specialist Nikolai Alexeev, een leerling van Mariss Jansons.

Volks en verfijnd

De eerste maten van Rimski-Korsakovs Ouverture Groot Russisch Paasfeest maakten meteen indruk. Technisch gezien klopte het tot in de puntjes, maar vooral de sfeer was zo goed getroffen: volks, groots, verfijnd, met een onverklaarbaar aura van het bovennatuurlijke. Alexeev hield de spanning steeds vast en ontlokte zijn samengestelde orkest een diepe, bronzen klank.

Alexeev is al ruim vijftien jaar vaste gastdirigent bij het Gelders Orkest. Hij heeft er al vaker bewezen een uitmuntende Sjostakovitsj-dirigent te zijn en in het bondige, groteske, bij vlagen zeer geestige Eerste pianoconcert deed hij die reputatie gestand. Alexander Melnikov was de briljante, ontregelende solist, die de loungebarpiano van de opening haast achteloos uit zijn mouw schudde om een vingerknip later over te schakelen naar daverend, maar kraakhelder fortissimo. Melnikov maakte een wat neurotische indruk, meedeinend, gebarend, die de muziek uitstekend paste. Bij dat alles toverde hij in het Lento ook fijnzinnige poëzie uit de toetsen.

Het Eerste Pianoconcert van Sjostakovitsj, uitgevoerd door de Argentijnse Martha Argerich:

Knetterende trompet

Sjostakovitsj bedacht in zijn stuk een tweede hoofdrol voor de trompet, vandaar dat Bob Koertshuis, eerste trompettist van het Gelders Orkest, als een tweede solist vooraan bij de vleugel zat. De chemie tussen Koertshuis en Melnikov was zonneklaar. Koertshuis schitterde in de quasi-jazzy of juist knetterend strakke tegenstemmen. En met zijn eenmansfanfare aan het slot stal hij de show.

In Rachmaninovs geliefde, groot bezette Symfonische dansen viel op hoe eensgezind het samengestelde orkest opereerde, soepel schakelend tussen gemoedstoestanden en kleuren. De martiale climax van de laatste dans was fel, ruig en verleidelijk. De lege stoelen kunnen nog op herkansing, want de tournee duurt tot en met zaterdag.