Omnisportvereniging Feyenoord moet meer mensen laten sporten

Multisportclub Feyenoord Er is in Rotterdam een stap gezet naar wat de grootste multisportvereniging van het land moet worden. Wat zou die precies inhouden?

De omnisportvereniging Feyenoord moet 5.000 extra sporters opleveren in tien jaar. Daarnaast hoopt Feyenoord aansluiting te vinden met naastgelegen wijken.Foto Koen van Weel/ANP

Vrijdagmiddag tekende profvoetbalclub Feyenoord met vier Rotterdamse verenigingen uit andere sporten een intentieverklaring voor de oprichting van een multisportclub, vanaf komend seizoen. Doel is dat zij gaan samenwerken op het gebied van sociaal-maatschappelijke projecten, talentontwikkeling, topsport en breedtesport.

1 Welke clubs doen er mee?

Handbalvereniging HARO/Snelwiek, hockeyclub Feijenoord, zaalvoetbalvereniging TPP en basketbalclub Forward Lease Rotterdam. Opzet is dat zij onder de naam Feyenoord gaan spelen, met de logo’s van de voetbalclub en – op termijn – in dezelfde shirts.

Er was eerst sprake van acht clubs die mee zouden doen met het project, met ook atletiek, volleybal, judo en zwemmen. Maar het bleef bij deze vier. „Je moet ergens beginnen”, zegt Jan de Jong, algemeen directeur van Feyenoord. „Er zal nog wat koudwatervrees zijn bij verenigingen: moet ik dat nu al doen? Die kijken eerst de kat uit de boom.” Hij hoopt dat er op termijn meer clubs zullen aansluiten. De Jong: „Iedereen is welkom.”

2 Waarom doet Feyenoord dit?

Een multisportclub is een van de onderdelen in het project Feyenoord City, dat voorziet in een grootschalige gebiedsontwikkeling in Rotterdam-Zuid met onder meer de plannen voor een nieuw stadion (422 miljoen euro). De stad draagt in totaal voor 137 miljoen euro bij, waarvan 40 miljoen aan aandelen in het stadion.

Een van de voorwaarden voor de financiële steun is dat het project ook sociaal-maatschappelijk zijn waarde heeft voor Rotterdam-Zuid, ofwel: meer bewegen en sporten. De sportparticipatie op Zuid (bijna 200.000 inwoners) blijft met 54 procent achter bij het landelijke percentage van 70, staat in de haalbaarheidsstudie naar Feyenoord City van november 2016.

Via de multisportclub hoopt Feyenoord doelgroepen die nu nog niet sporten te activeren. Beoogde effect, zo staat in de studie: 5.000 extra sporters die structureel wekelijks sporten, in tien jaar. In de plannen staat dat dit de „grootste multisportclub” van Nederland moet worden, met 100.000 leden binnen tien jaar.

Maar Feyenoord City is niet de enige reden dat er een multisportclub is opgestart, benadrukt De Jong. „Als Feyenoord City niet zou bestaan, en als we het niet zouden hebben over een nieuw stadion, dan zouden we dit ook gedaan hebben.” De club wil meer „aansluiting” met de naastgelegen wijken. De Jong hoopt meer mensen bij de club te kunnen betrekken via de multisportclub: „Dat je niet alleen op zondagmiddag naar Feyenoord kijkt, maar ook bij Feyenoord kan sporten.”

3 Is dit uniek in de Nederlandse sportwereld?

Nee. Er bestaan meer omnisportverenigingen, zoals het Utrechtse Kampong, naar eigen zeggen de grootste in Nederland met meer dan 5.000 leden (voetbal, cricket, hockey, squash, tennis, Jeu de Boules). En de Philips Sport Verenigingen – begin vorige eeuw opgericht, in 2004 ontbonden – bestond uit meerdere sportverenigingen. Voetbalclub NAC Breda zette in 2000 een professionele basketbaltak op, maar deze werd na twee jaar alweer opgeheven vanwege financiële problemen. Dit concept met een betaaldvoetbalorganisatie die het voortouw neemt, is op dit moment wel uitzonderlijk in de Nederlandse sportwereld. In het verre verleden werd er bij de Rotterdamse club overigens ook aan atletiek en honkbal gedaan.

In Zuid-Europese landen zijn multisportclubs gebruikelijker. In de Feyenoord City-rapporten wordt onder meer verwezen naar Barcelona (100.000 leden) en Benfica (160.000 leden). En Armand Salomon, projectleider van de multisportclub en coach van de basketbalploeg, verwijst naar het Italiaanse S.S. Lazio. „Daar stoppen ze alles in. Als ze weer bedenken dat er een nieuwe sport ‘kantklossen omvergooien’ is, dan komt dat bij die multisportclub. Dat zullen wij nooit doen. Wij kijken naar normale sporten. American football en atletiek zouden er bijvoorbeeld ook prima bij passen.”

4 Blijven de clubs autonoom opereren?

Ja. Het blijven aparte entiteiten, onder de vlag van Feyenoord. „Feyenoord de voetbalclub gaat niet opeens over hockey”, zegt De Jong. „Wat we willen delen zijn de maatschappelijke projecten. En het shirt en het logo. En ze kunnen aanhaken bij onze topsportcultuur en daar dingen van opsteken.” Financieel blijven de clubs ook zelfstandig. Salomon verwacht dat Feyenoord de andere clubs kan ondersteunen op organisatorisch gebied, en qua communicatie, marketing en ticketing.

5 Wat hopen de vier andere clubs dat het ze oplevert?

Naamsbekendheid, sponsors, fans. De basketbalclub heeft nu bijvoorbeeld twintig seizoenkaarthouders, zij hopen daarin te gaan groeien. Salomon: „Sinds de geruchten over Feyenoord er zijn, zien we bij de trainingen af en toe mensen met een Feyenoordshirtje binnenkomen.” Ook bij potentiële sponsors merkt hij dat er meer interesse is. „Oh, zeggen ze dan, wacht even, wanneer gaat dat gebeuren? Dan willen ze wel praten.”

Abdul Marbah, secretaris en coach van de zaalvoetballers van TPP, vertelt dat sinds de plannen bekend zijn, zo’n vijf goede spelers contact hebben opgenomen met de club. Ze overwegen over te stappen. „Ze denken: Feyenoord, prachtige naam.”