Arsène Wenger, de vorst van het koninkrijk Arsenal

Afscheid Arsène Wenger

Arsène Wenger (68) heeft Arsenal voorgoed veranderd. Met het succes begon ook het verval, tijd om te gaan.

Na 22 jaar verlaat Arsène Wenger Arsenal. Hij boekte er successen met zijn onorthodoxe aanpak, maar een Europese prijs bleef altijd uit.Foto’s AP, Reuters, Getty

Als Arsène Wenger aan zijn aanstaande vertrek denkt, dwalen zijn gedachten niet af naar prachtdoelpunten van Dennis Bergkamp, de drie landstitels of de zeven FA Cups. Wenger denkt aan bomen. De Fransman liet in de begindagen bij Arsenal bomen planten op London Colney, de trainingsfaciliteit. „Twintigduizend. Ik kende ze als jonge boompjes. Nu zijn ze gigantisch. Ik zal ze allemaal gedag zeggen als ik vertrek”, zei Wenger donderdag op zijn laatste persconferentie. Typisch Wenger: een beetje esoterisch, een tikkeltje verheven.

Zondag om 16.00 uur speelt Arsenal uit tegen Huddersfield. Daarna is het, na 22 jaar, gedaan met Arsène Wenger bij Arsenal. Sinds hij op 20 april zijn vertrek aankondigde, stromen de loftuitingen van spelers binnen. „Ik zal hem altijd zien als mijn voetbalvader”, twitterde Robin van Persie. „Een visionair”, reageerde Thierry Henry op Sky Sports. „Hij ontgrendelde mijn brein.” In het AD zei Marc Overmars: „Wenger heeft een cultuuromslag in het Engelse voetbal gebracht.” Een weemoedige Robert Pirès sprak bij Sky over Wenger als de laatste grote trainer, die de club bestierde als een vorst zijn koninkrijk. „Soms noem ik Wenger de laatste dinosaurus.”

De nalatenschap van le professeur

Wie op een doordeweekse dag een rondje om Emirates Stadium loopt, ziet de nalatenschap van le professeur uit Straatsburg. Een Chinees koppel poseert voor huwelijksfoto’s. Beiden dragen een Arsenal-shirtje, zij over haar witte bruidsjurk, hij over zijn pak. Het was onder Wenger dat Arsenal internationaliseerde en een van de populairste clubs ter wereld werd.

Verderop dolt een groepje jongens bij het standbeeld van Henry. Ze zijn in hun smokings op weg naar een schoolgala. Ze noemen zichzelf ‘real Highbury lads’. Voor het feest even langs het Emirates, een vertrouwde plek, leek ze logisch. Onder Wenger verankerde Arsenal zich nóg steviger in de buurt Highbury.

Naast het stadion staat het buurthuis waar de club activiteiten organiseert. Als lokale scholen geld nodig hebben voor een nieuwe voetbalkooi, dan springt Arsenal bij. Er is een team voor voetballers die ledematen verloren hebben. Er zijn fondsen om jongeren uit arme gezinnen kansen te geven. Wenger steunt al jaren het vrouwenteam van Arsenal, lang voordat dat belangrijk geacht werd.

De verhalen van de onorthodoxe aanpak van Wenger zijn bekend. Toen in 1996 niet Johan Cruijff, zoals de Engelse pers speculeerde, maar de onbekende, onbeminde Arsène Wenger trainer werd van Arsenal, zette hij de boel in Noord-Londen op stelten. Wenger kwam over uit Japan, waar hij Nagoya Grampus trainde, en hanteerde een nieuwe stijl. Weg drank. Weg ontbijt met spek en eieren. Hallo gestoomde groente. Hallo controle. Hij wilde alles naar zijn hand zetten: van de temperatuur in de spelersbus tot de omvang van het trainingsveld, dat even groot moest zijn als het wedstrijdveld. In de kleedkamer moest de akoestiek zo zijn dat je de trainer met een normale stem goed konverstaan.

De speelstijl moest anders. Onder George Graham, trainer in de periode 1986-1995, was Arsenal succesvol, daar niet van. De club werd kampioen in 1991 en won drie jaar later de Europa Cup II. Maar het voetbal van boring boring – Arsenal was fantasieloos. De leuze One Nil to the Arsenal werd in die tijd geboren.

Techniek, vloeiende aanvallen, en mooie combinaties waren opeens heilig. Ajax en Borussia Mönchengladbach uit de jaren zeventig dienden als voorbeelden. Wenger spiegelde zich aan Rinus Michels en Hennes Weisweiler, zei hij ooit.

Wenger schitterde met buitenlandse spelers, een relatief nieuw fenomeen. Engelse trainers kenden de weg niet in Europa. In de tijd voor het Bosman-arrest (1995) mochten clubs slechts drie buitenlanders opstellen.

Winkelen in Milaan en Parijs

Wenger winkelde gretig in Milaan, Parijs, Turijn, Monaco en Amsterdam. „Toen een mij onbekende nieuwe speler in zijn eerste wedstrijden het middenveld domineerde, wist ik: hier gaan zaken opgeschud worden”, zegt Layth Yousif, 35 jaar fan en Arsenal-verslaggever van lokale krant Islington Gazette. Het betrof de Fransman Patrick Vieira, nu getipt als opvolger van Wenger.

Toen Wenger in 2006 in de Champions League tegen Real Madrid een basiselftal opstelde zonder Engelsman, werd hij bekritiseerd door Britse vakgenoten. Wenger verkwanselde de ziel van het Engelse voetbal. „Dat is regressief denken”, zei Wenger. „Ik zal nooit tegen een speler zeggen: ‘Jij bent beter, maar je hebt het verkeerde paspoort’”.

Een paspoort is voor Wenger een boekje zonder intrinsieke waarde. Hij groeide op in de Elzas, aan de Duitse grens, na de Tweede Wereldoorlog. Zijn vader Alphonse diende gedwongen in de Wehrmacht en vocht aan het Oostfront, schrijft Jasper Rees in zijn biografie Wenger: The Making of a Legend. Nationalisme is voor hem een bedreiging, een beperking die niets met de vrijheid van voetbal te maken heeft.

Schitterend voetbal, maar te weinig prijzen, te weinig realiteitszin en aandacht voor verdediging. Dat zal altijd aan Wenger kleven. Ja, in 2004 was Arsenal onoverwinnelijk. Zonder verlies won de club de landstitel. Nooit vierde Wenger echter een Europese prijs. Yousif: „Wenger dankte de gouden generatie van 2004 te snel af. Hij wilde verjongen, had een te romantisch idee hoe hij zichzelf opnieuw kon uitvinden.”

De omwenteling kwam toen werd besloten het oude Highbury-stadion in te ruilen voor een nieuw te bouwen complex. „De grootste beslissing uit de clubgeschiedenis”, noemde Wenger het besluit in 2001. Als gevolg waren de budgetten jarenlang beperkt.

Wenger geloofde dat Arsenal in een groter stadion met een jonge ploeg meer bezoekers kon trekken, meer kon verdienen en uiteindelijk steevast tot de beste voetbalploegen in Europa kan behoren. Yousif: „Die droom werd verstoord door de komst van Russische oligarchen en oliesjeiks uit de Golfstaten.”

Roman Abramovitsj kocht Chelsea, Manchester City kwam in handen van sjeik Mansour bin Zayed al Nahyan uit Abu Dhabi. Zij kochten de duurste en beste spelers. José Mourinho werd bij Chelsea binnengehaald en bleek succesvol met zijn defensieve stijl. Die stond haaks op het evangelie van Wenger, die niet alleen verzuimde de grootste talenten aan te trekken door de op hol geslagen transfermarkt, hij verloor ook spelers aan clubs die meer konden betalen of waar groter succes gloorde.

‘Hondstrouw aan zijn spelers’

In 2012 werd Robin van Persie, op de top van zijn kunnen, aan Manchester United verkocht. „Wenger is hondstrouw aan zijn spelers. In de eerste jaren dat Van Persie bij Arsenal zat en vaak geblesseerd was, was het Wenger die hem altijd steunde”, zegt Yousif. „Die loyaliteit werd niet terugbetaald. Wrang.”

Het spel verslechterde. De fans morden. De beloofde ruil, hun geliefde Highbury voor meer succes, bleef uit. Er was minder te vieren. Het Emirates werd de bibliotheek genoemd, zo stil was het er vaak.

In een recent betoog beschrijft de Britse schrijver Nick Hornby – bekend van Fever Pitch, over zijn verhouding met Arsenal – het verval. Hornby roemt de hoogtijdagen rond 2004. „Een seizoenskaart bezitten stond gelijk aan in de hemel verkeren”, schreef hij bij ESPN. Nu is dat anders. „Er zijn lege plekken, duizenden. Er is iets gestorven, en dat zal niet opnieuw tot leven komen.”

Zelf zegt Wenger dat hij Arsenal goed achterlaat. „Er is een fantastische infrastructuur.” Yousif is het daarmee oneens. „De club zit in een crisis. Dat kun je niet ontkennen. Wenger heeft Arsenal voorgoed veranderd, maar nu is het echt tijd om te gaan.”