Hier zijn ook mannen feminist

IJsland

IJsland staat bekend als het meest vrouwvriendelijke land ter wereld. Hoe feministisch is het land en hoe is dat zo gekomen? ‘Op mijn school ben je niet cool als je geen feminist bent, ook niet als jongen.’

FreeTheNipple -actie bij het IJslandse parlement in juni 2015. Foto Bragi Kort/ Getty Images

Dit verhaal begint met twee tepels op Twitter. Ze waren van de IJslandse Adda Smaradottir, destijds 16 jaar. Ze sprak die middag in de feministische club van haar middelbare school over borsten: waarom worden die zo geseksualiseerd? Hun moeders liepen vroeger topless in het zwembad. Mannen hebben toch ook gewoon borsten, maar dan zonder vet erin? „We concludeerden dat de normalisering van porno jongens en meisjes leert dat het vrouwenlichaam enkel het seksuele genot dient”, zegt Adda in een koffietentje in de IJslandse hoofdstad Reykjavik.

Foto Maral Noshad SharifiAdda Smaradottir

Diezelfde avond, in maart 2015, discussiëren ze verder op IJslands Twitter. Een jongen deelt een foto van zijn tepels. Adda doet hetzelfde. „Ik dacht: als hij het mag, mag ik het ook.” Twintig minuten later gaat ze een stap verder: hup, een foto van haar borsten.

Ze legt haar handen op haar voorhoofd en schudt haar hoofd. „Ik had meteen spijt.”

Ze rent naar de slaapkamer van haar vader, haar moeder is overleden, maakt hem wakker en vertelt wat ze heeft gedaan.

Adda durft de volgende dag niet naar school. Aan de ene kant schaamt ze zich, maar ze voelt zich ook machtig. Het voelt goed om in het openbaar te bewijzen dat zíj – en niet het opgestoken vingertje van de maatschappij – bepaalt wat ze met haar lichaam doet. Toch is ze bang. Wordt ze nu geslutshamed? Kan ze straks nog wel een baan vinden? Ze zet die avond haar Twitter uit.

De volgende dag krijgt ze schouderklopjes van klasgenoten. „Twitter bleek die nacht te zijn ontploft.” Foto’s van honderden IJslandse vrouwenborsten op Twitter, met daarachter de hashtag: #FreeTheNipple. „Ik kon het niet geloven”, zegt Adda.

Waarom zouden vrouwen geen straatnaam verdienen?

Ragnheidur Haraldsdottir,antropoloog

Ze doet die hele week haar verhaal op tv. Haar vader, die eerst bang was dat ze in de problemen zou komen, is nu ook trots. „Jonge vrouwen zeiden eindelijk te begrijpen hoe verschillend alle borsten eruit zien.” Bij feministische acties lopen Adda, die nu 19 jaar is, en andere feministen zonder shirt over straat. Laatst deden ze een rondvraag in haar klas, negentig procent zei feminist te zijn, ook de jongens. „Onze ideeën over het vrouwelijk lichaam zijn nu mainstream”, zegt Adda. „Op mijn school ben je niet cool als je geen feminist bent, ook niet als jongen.”

Free the Nipple-bewegingen zijn er over de hele wereld, maar ze worden zelden geïnitieerd door middelbare scholieren. Dat dit in IJsland wel gebeurt, is geen toeval: Adda groeide op in een land dat bekendstaat als een van de meest feministische ter wereld. In 1980 kreeg IJsland de eerste direct gekozen vrouwelijke president: Vigdis Finnbogadottir. In 2009 werd de IJslandse Johanna Sigurdardottir de eerste openlijke lesbische premier, en ook nu heeft het land met 337.000 inwoners een vrouw als premier: Katrin Jakobsdottir.

Het land pioniert ook met feministische wetten: bedrijven die vrouwen minder salaris betalen dan mannen kunnen binnenkort een boete van 408 euro per dag krijgen. Vorig jaar riep het World Economic Forum, dat jaarlijks de ‘genderkloof’ meet, IJsland voor de negende keer op rij uit tot beste land voor vrouwen.

Hoe ziet zo’n feministische samenleving er uit? En waar komt het IJslandse feminisme eigenlijk vandaan?

Lees ook over feminisme in Denemarken: ‘Wij zijn geen hoeren als we ons lichaam laten zien’

Vissers

Foto Maral Noshad SharifiFrida Valdimarsdottir, voorzitter van de IJslandse vrouwenbeweging.

IJsland zou al vanouds veel waardering hebben voor de vrouw. Het verhaal gaat dat veel IJslandse mannen, vissers, vroeger wekenlang van huis waren. De moeders waren thuis vader én moeder, ze kregen veel respect van hun kinderen. „Jaren later hebben onze feministen veel afgekeken van andere westerse landen en zijn die toen op een gegeven moment voorbijgestreefd”, zegt Frida Valdimarsdottir. „Als ik nu in die landen kom, schrik ik vaak van hoe de samenleving naar feministen kijkt, alsof het een scheldwoord is.”

Valdimarsdottir (40) is voorzitter van de IJslandse vrouwenbeweging, die een kantoorgebouw deelt met een politieke partij, de Canadese ambassade en andere ngo’s. In IJsland wordt feminisme inmiddels gezien als strijd voor de gelijke behandeling van mannen en vrouwen, zegt ze, iets waar niemand het mee oneens kan zijn. „IJslanders zien het niet per se als strijd voor meer rechten van vrouwen.”

Dat ook jongens zich feminist noemen, zoals in Adda’s klas, lijkt iets van de laatste tijd. Twintig jaar geleden was Valdimarsdottir actief in de feministenclub op háár middelbare school. „Wij werden ge-háát”, zegt ze. Een avond, in de kroeg met klasgenoten, loopt er een jongen op haar af, hij rukt haar biertje uit haar hand en gooit het over haar heen. „Jij mannenhater, dit is wat jullie verdienen”, zei hij toen. „Nu zou diezelfde jongen zichzelf waarschijnlijk feminist noemen.”

Wolvin

Foto Maral Noshad SharifiRagnheidur Haraldsdottir (26), gespecialiseerd in onderzoek naar namen.

„Zie je de namen van deze biertjes?” De 26-jarige Ragnheidur Haraldsdottir wijst naar de biertap van Hlemmur Square, een foodhall in het centrum van Reykjavik. „Laten we de Ulfrun nemen”, zegt ze snel – dat betekent wolvin. „Er kwam zoveel kritiek op alle mannelijke biernamen dat we nu eindelijk vrouwelijke hebben.”

Haraldsdottir studeerde antropologie aan de Universiteit van IJsland en heeft onderzoek gedaan naar namen – een belangrijk onderdeel van de IJslandse cultuur. IJsland doet niet aan familienamen. De achternaam van iemand bestaat meestal uit de voornaam van de vader, gevolgd door son bij jongens en dóttir bij meisjes. „Steeds meer mensen kiezen er nu voor om hun achternaam te veranderen in de voornaam van hun moeder.”

Eens in de zoveel tijd zorgt een namenkwestie voor ophef. In 2012 vroegen mensen zich af waarom alle straten in het centrum vernoemd zijn naar belangrijke IJslandse mannen, vertelt Haraldsdottir. „Wij hebben zoveel vrouwen om trots op te zijn, waarom zouden zij geen straatnaam verdienen?” De gemeente Reykjavik besloot vier straten te vernoemen naar de eerste vier vrouwen die zitting namen in de gemeenteraad van Reykjavik: Katrinartun, Thorunnartun, Gudrunartun, Brietartun.

En laatst was er de hamburgerkwestie. Hamborgarafabrikkan, een populaire keten, had alle burgers naar mannelijke zangers en sporters genoemd. Waarom, vroegen sommige IJslanders. Er kwamen nieuwe burgernamen.

„We zijn een klein land”, zegt Haraldsdottir. „Veel mensen kennen elkaar, dus als we iets willen veranderen dan gaat dat vrij snel.” Als er iets geregeld moet worden – gelijke salarissen, veertig procent vrouwen in het bestuur, feministisch onderwijs – geven vrouwen, die goed vertegenwoordigd zijn in de politiek, het eerste zetje. Sinds 1975 zijn er vier grote stakingen georganiseerd door vrouwen. ’s Middags stopten duizenden vrouwen massaal met werken en stonden op straat, gewoon om te laten zien: wij doen ertoe, luister naar ons. Feminisme is hier geen niche-ding. IJslandse feministen vinden het belangrijk hun betrokkenheid te tonen, ze zeggen: We stand on the shoulders of giants.

IJslandse mannen zijn de feministen dankbaar.

Mannetjeshonden

Valdimarsdottir begint over feminisme in het onderwijs. De IJslandse opvatting is dat er op alle niveaus aandacht aan moet worden besteed. In de kinderopvang leren kinderen hun eigen grenzen aan te geven en die van anderen te respecteren. Op de middelbare school zijn er lessen over IJslandse feministen, wie ze zijn, wat ze hebben bereikt. Ook leren kinderen daar over seksisme, seksueel misbruik in de sportwereld, de seksualisering van vrouwen in reclames. „Op steeds meer scholen is gender studies een verplicht vak.” En het effect is merkbaar, vertelt Haraldsdottir. Haar nichtje van vijf zei tegen haar ouders geen Puppy Patrol meer te willen kijken, een kinderprogramma met honden die de wereld redden. Want: het zijn allemaal mannetjeshonden en het enige meisje draagt alleen maar roze.

Er is nog iets dat erg belangrijk is geweest voor de acceptatie van de IJslandse gelijkheidsstrijd, zeggen alle vrouwen en mannen die we spreken: ouderschapsverlof.

Sinds 2001 krijgen (in het geval van een heteroseksueel stel) vrouwen drie maanden zwangerschapsverlof en mannen drie maanden verplicht ouderschapsverlof – en samen krijgen ze nog drie maanden extra te verdelen, zegt Valdimarsdottir.

„Door deze wet zagen veel vaders hoe fijn en belangrijk het was om tijd met hun gezin door te brengen, in plaats van iedere dag tot laat op het werk te zitten om een mooie auto te kunnen kopen.” IJslandse mannen zijn de feministen dankbaar, zegt ze. En dat laten ze zien.

Zoals president Gudni Johannesson. Begin dit jaar las hij in een belangrijke toespraak een gedicht voor van Elisabet Jökulsdottir. Zij schreef dat sommige van haar vrienden – sinds de #MeToo-discussie – bang zijn dat ze niks meer mogen doen. Waarom is het een probleem dat mensen elkaar eerst om toestemming vragen als ze iets van een ander willen, vraagt zij zich af in haar gedicht. Je zegt toch ook: mag ik de tandpasta, mag ik de melk’ en ook ‘mag ik je hoed lenen?’

„Het was niet de eerste keer dat onze president het voor vrouwen opnam”, zegt Valdimarsdottir. Volgens haar doet hij dat keer op keer.

Nagellak

Foto Maral Noshad SharifiThorsteinn Einarsson (34), manager in een jeugdcentrum en feminist.

Wat vinden IJslandse mannen van al die feministische geluiden in hun land? „We begrijpen steeds beter waar die feministen het over hebben”, zegt Thorsteinn Einarsson.

De 34-jarige single vader van twee werkt al twaalf jaar in een jeugdcentrum in Reykjavik. Op zijn linkerpols heeft hij een tattoo van een uitgerekte driehoek. „Ik was vroeger zo’n hippe voetbaljongen. Mijn vrienden en ik moesten niks van feministen hebben”, zegt hij. Einarsson wilde van tevoren de vragen van het interview weten en leest zijn antwoorden op van zijn telefoon. „Mijn Engels is niet zo goed.”

Op een dag hadden ze een dragshow in zijn jeugdcentrum, vertelt Einarsson. Hij wilde niet meedoen. Zich verkleden als vrouw? Het leek hem gek en onprettig. Uiteindelijk gaf hij zich toch over; hij liet zich opmaken, zijn nagels werden gelakt in de regenboogkleuren. Het was eigenlijk best leuk, zegt hij nu. „Maar mensen lieten mij de weken erna niet met rust.” Bij het tankstation, in de supermarkt, vrienden, familie, wildvreemden, allemaal maakten ze een opmerking over zijn nagellak. ‘Moet je ons iets vertellen?’ zeiden ze dan. Als experiment liet hij het extra lang zitten. „Ineens merkte ik hoe gek het is dat mensen bepaalde karakteristieken aan een geslacht verbinden. Ineens was ik niet meer mannelijk, terwijl ik gewoon een lakje op mijn nagels had. Waarom?”

Hij besloot veertig tienerjongens in zijn jeugdcentrum hetzelfde te laten doen, de landelijke media pikten het op. Sindsdien houdt Einarsson zich bezig met het thema toxic masculinity, ‘giftige mannelijkheid’, een van de agendapunten van IJslandse feministen. Hij denkt na over al die verwachtingen die er van ‘echte mannen’ zijn, en niet van vrouwen.

In maart hield hij een socialemedia-actie die viral ging. Onder de hashtag #toxicmasculinity liet hij mannen vertellen over situaties waarin ze last hadden van de druk om een échte man te zijn. „Veel mannen biechtten op dat ze weleens rondjes rijden met hun auto als ze moeten huilen, zodat niemand ze thuis ziet.” Jongens vertelden dat ze vroeger gepest werden omdat ze niet op voetbal maar volleybal wilden. Een man schreef op sociale media dat zijn baby was overleden en hij excuses aanbood aan vrienden nadat hij in hun bijzijn had gehuild.

Lees ook over feminisme: Strijd van de suffragettes was niet voor niets

Het is niet zo dat álle IJslandse mannen gek zijn op feministen, weet Einarsson, maar het wordt wel normaler nu meer mannen zich erover uitspreken.

Arni Matthiasson ziet dat ook. Hij volgt al decennialang de feminisme-discussie in IJsland, en schreef hier columns over voor Morgunbladid, een IJslands dagblad. „Ik heb meegemaakt hoe de IJslandse samenleving is veranderd”, zegt Matthiasson (62). „Stel, ik kom op een feestje met mannen van mijn leeftijd en iemand maakt een seksistische of racistische grap. Dan lacht iedereen – behalve ik”, zegt hij. Als zijn zoon van 42 hetzelfde meemaakt „worden mensen heel ongemakkelijk”, zegt Matthiasson. „En mijn kleinzoon en zijn tienervrienden maken dit soort grappen echt niet meer.”

Hij zegt dat veel IJslandse mannen zich hebben gerealiseerd dat de strijd van feministen hun leven beter heeft gemaakt. De terugslag van anti-feministen uit de rechtsradicale en rechts-extreme hoek, die je in andere landen ziet, heb je hier niet zo, zegt hij. „Mannen begrijpen hier denk ik beter dat die ‘giftige mannelijkheid’ een grotere bedreiging voor hun status en gezondheid vormt dan feminisme.”

Katja

Foto Maral Noshad SharifiHreindis Ylva Gardarsdottir Holm.

Op 26 mei zijn er lokale verkiezingen in IJsland. Een van de kandidaten in de hoofdstad is de 29-jarige Hreindis Ylva Gardarsdottir Holm. Ze is theaterdocent, acteur, in de zomer stewardess en staat op de lijst voor Vinstri Graen; de IJslandse Groenlinks en de partij van de premier, die 11 van de 63 zetels vult in het IJslandse parlement. Zes jaar lang woonde en werkte ze in Londen, vorig jaar verhuisde ze terug naar Reykjavik. Onder de vleugels van premier Katrin Jakobsdottir werd ze in een jaar klaargestoomd voor de lokale politiek. „Het is zo belangrijk om iemand die op jou lijkt op een hoge positie te zien, en Katja” – zo noemt ze de premier – „was die persoon voor mij”.

Gardarsdottir Holm, die op haar telefoon een sticker heeft met ‘Sorry, ik date alleen feministen’, merkte in Londen tot haar verbazing dat vrouwen zich voor feministische opvattingen denken te moeten verontschuldigen. Misschien heeft het met de geschiedenis te maken dat dit in IJsland anders is, zegt ze, hardop denkend. „Religie heeft geen grote rol gespeeld in ons verleden, en we hebben hier geen oorlogen gehad. Hierdoor konden we ons misschien beter met thema’s als feminisme bezighouden.”

Ook in IJsland valt nog wel iets te verbeteren, zeggen de vrouwen. Er is nog steeds geen fifty-fifty verhouding van mannen en vrouwen in het politieke bestuur. „Slechts zeven procent van de IJslandse films wordt geregisseerd door vrouwen”, zegt Valdimarsdottir. En Gardarsdottir Holm zegt dat er weliswaar belangrijke wetten zijn aangenomen, maar dat er nog iets in de mindset van mensen moet veranderen. Als voorbeeld noemt ze een misbruikschandaal in de IJslandse sportwereld: een vrouw had een klacht ingediend over een sportman die haar zou hebben misbruikt. Door de leiding werd er niets mee gedaan, omdat hij een grote wedstrijd had en belangrijk was voor het team. „In onze hoofden zien we mannen en vrouwen nog steeds niet als gelijken”, zegt ze. „En dat is het moeilijkst te veranderen.”

    • Maral Noshad Sharifi