Choi Eun-hee werd gekoppeld door Kim Jong-il

In deze rubriek elk weekeinde een necrologie van iemand die recent is overleden. De Zuid-Koreaanse filmster Choi Eun-hee (1926 -2018) was zó goed dat Noord-Korea haar ontvoerde.

Dong-A Ilbo/AFP

Choi Eun-hee moet zich aanvankelijk gelukzalig gevoeld hebben, in 1978, op het strand van het Hongkongse Repulse Bay. Dagenlang was ze in de watten gelegd door zakenlieden die beloofden haar in het slop geraakte acteercarrière een doorstart te geven. Maar Choi, een van de grootste Zuid-Koreaanse actrices van de jaren zestig en zeventig (beschouwd als het gouden tijdperk van Zuid-Koreaanse cinema), werd in een boot geduwd en gedrogeerd.

Toen ze ontwaakte, keek ze in het lachende gezicht van de Noord-Koreaanse dictatorszoon Kim Jong-il. Ze bleek te zijn ontvoerd om propagandafilms te maken voor de communistische ‘Volksrepubliek’.

In Zuid-Korea zijn hele generaties verliefd geworden op het sublieme acteerwerk van Choi. De in 1926 in Gwangju geboren vrouw maakte in 1947 haar filmdebuut in Een nieuwe eed. In de jaren erna speelde ze twee hoofdrollen en werd ze in korte tijd een van de meest gewilde actrices van het land.

Zo ontmoette ze haar grote liefde Shin Sang-ok (1926-2006), die werkte als productieassistent en vanaf de jaren vijftig als regisseur aan de weg timmerde. Het tweetal vond elkaar in een gedeelde obsessie voor film. Na de Koreaanse oorlog (1950-1953) trouwden ze en richtten samen de filmstudio Shin Films op. Ze produceerden meerdere kaskrakers en wonnen tal van prijzen.

Hun talent ontging ook filmfanaat Kim Jong-il niet, die dolgraag speelfilms van die kwaliteit in wilde zetten voor het communistische bewind van zijn vader , Kim Il-sung (1912-1994).

PhotoQuest/Getty Images

In de jaren zeventig voerde de Zuid-Koreaanse dictator Park Chung-hee de filmcensuur op. De vrijgevochten kunstenaar Shin bleef de grenzen van de censuur opzoeken en overschrijden, en verloor uiteindelijk zijn filmlicentie. Daarmee viel ook Chois acteerwerk weg. Toen Shin vreemdging met een jongere actrice, scheidde Choi van hem en ging haar eigen weg.

Hopend op betere tijden reisde ze in 1978 naar Hongkong, waar ze in de val gelokt werd door Noord-Koreaanse geheime agenten. Omdat zijn ex-vrouw wel erg lang wegbleef, ging Shin ook naar Hongkong. Hij werd op hetzelfde strand gekidnapt.

Kim Jong-il verwelkomde het tweetal in het ‘arbeidersparadijs’ en liet weten dat ze films voor het regime van zijn vader gingen maken. Shin moest politieke indoctrinatiesessies volgen, die een tweeledig doel dienden: hem te hersenspoelen en hem wegwijs te maken in de propaganda.

In 1979 deed Shin een vluchtpoging, die mislukte, waarna hij jaren in een Noord-Koreaans strafkamp doorbracht. Hij kwam in 1983 vrij en werd direct verplaatst van de hel op aarde naar de hedonistische feestjes van de Kims. Daar zag hij voor het eerst in vijf jaar Choi weer.

Kim Jong-il besloot dat ze zouden hertrouwen. Het stel sprak af dat ze het spel zouden meespelen. Ze hoopten zo meer bewegingsvrijheid te krijgen en het land te kunnen ontvluchten.

Het tweetal maakte jarenlang films die het regime verheerlijkten, maar die alleen gemaakt konden worden door iemand die niet in Noord-Korea was opgegroeid, een van alle verbeeldingskracht ontdaan land. Het beroemdste voorbeeld is de bizarre, op Godzilla gebaseerde speelfilm Pulgasari, tot op de dag van vandaag een cultclassic. Shin werkte er dag en nacht aan, in de hoop dat de film zo goed zou worden dat Pyongyang hem dolgraag aan de rest van de wereld zou willen laten zien. En inderdaad leidde de film ertoe dat Kim Jong-il Shin opdroeg een kantoor op te zetten in Wenen, van waaruit Noord-Koreaanse films geëxporteerd konden worden. In 1986 vlogen Shin en Choi naar Oostenrijk, vergezeld door een groep Noord-Koreaanse bewakers.

Toen hun entourage even niet oplette , sprongen Choi en Shin in een taxi, die hen met gierende banden naar de Amerikaanse ambassade bracht. Na bijna tien jaar gevangenschap waren ze eindelijk weer vrij.

In plaats van terug te gaan naar Zuid-Korea verhuisden ze naar de VS; in hun vaderland dachten veel mensen dat ze vrijwillig naar Noord-Korea waren uitgeweken om voor veel geld professionele propaganda te maken.

In de jaren negentig keerden ze toch terug – Zuid-Korea was inmiddels een democratie. Shin ging weer werken als regisseur, maar kwam nooit meer fatsoenlijk aan de bak. Choi, die in 130 films had gespeeld, zou nooit meer acteren. Wel schreef ze een autobiografie. Het stel bleef vooral bekend vanwege hun gijzelingsdrama. Na hun vrijlating bleven ze getrouwd.

In 2006 werd Shin ernstig ziek. Op zijn sterfbed grapte de regisseur dat hij ondanks alles Kim Jong-il toch dankbaar was, omdat die hem en Choi weer bij elkaar gebracht had.

Choi overleed vorige maand, na een kort ziekbed op 91-jarige leeftijd in een Zuid-Koreaans ziekenhuis.

Suggesties voor deze rubriek zijn welkom op necrologie@nrc.nl.
    • Casper van der Veen