Batterijen met een capaciteit van vijfhonderd Tesla’s

Reuzenbatterij eneco Reuzenbatterijen zijn in opmars. Europa’s grootste is van Eneco en wordt binnenkort actief. Zo wordt de stroommarkt flexibeler.

Foto Rooie Peper

Aan de Duits-Deense grens gaat over twee weken de grootste batterij van Europa het elektriciteitsnet op. Eneco en het Japanse Mitsubishi staken er 30 miljoen euro in. Die moet zorgen voor meer flexibiliteit op de Europese stroommarkt, nu zon en wind steeds belangrijker worden.

De ‘batterij’ is een witte, onopvallende loods van enkele tientallen meters lang, aangelegd naast een transformatorstation. Binnen oogt het als een datacentrum. In de gekoelde loods staan 10.000 zwarte batterijen, in 590 manshoge rekken. De batterijen, van accufabrikant LG Chem, zijn elk zo groot als een zware metalen bureaula. Samen hebben ze de capaciteit van meer dan vijfhonderd Tesla-auto’s.

Reuzenbatterijen zijn in opmars. De batterij van Eneco, in Europa nu de grootste, heeft een vermogen van 50 megawatt (MW). In Duitsland staan al enkele systemen van 15 MW, van energiebedrijf STEAG en autofabrikant Daimler. In Nederland heeft het Amerikaanse energieopslagbedrijf AES de grootste (10 MW), vlakbij Vlissingen. „We denken dat de batterij heel goed past in het nieuwe energiesysteem”, zegt Hugo Buis, directeur energieproductie en -opslag van Eneco.

Ovenklokjes van slag

Elke elektriciteitsproducent, en de beheerders van de elektriciteitsnetten, moeten vraag en aanbod op elkaar afstemmen – anders ontstaat er stuwing op het Europese net, of juist schaarste. Zo raakten dit voorjaar de ovenklokjes van slag. In een extreem geval kan er tijdelijk een stroomtekort optreden, zoals vorige week maandag in Nederland toen het onverwacht windstil was.

Dronebeeld van de reuzenbatterij van Eneco in het Duitse Jardelund. In de witte loods linksonder staan 10.000 batterijen.

Foto Rooie Peper

In het huidige, grotendeels fossiele systeem wordt er voor de afstemming van stroomvraag en -aanbod vooral aan de knoppen van gas- en kolencentrales gedraaid. In de komende twintig jaar nemen zon en wind de stroomproductie grotendeels over. Hun productie is minder voorspelbaar – en je zet een groene windmolen liever niet uit om een stroomoverschot te voorkomen. Buis: „Je wilt op een andere manier sturen.”

In de deelstaat Sleeswijk-Holstein, waar de batterij van Eneco en Mitsubishi staat, speelt dat nog sterker dan in Nederland. Tot aan de horizon draaien honderden windturbines hun rondjes. De deelstaat produceerde in 2016 al 20 procent meer stroom dan het kon gebruiken. Steeds vaker moeten Duitse windmolens enkele uren worden afgeschakeld.

Er wordt in Europa volop nagedacht over langdurige opslag van wind- en zonne-energie. Maar daarvoor zijn batterijen zoals die in het Duitse Jardelund nog lang niet toereikend. Buis: „Met een windparkje van 15 tot 20 turbines laad je deze batterij in één uur vol.” Grootschalige seizoensopslag zou dus miljarden kosten.

Ook al kan de batterij slechts een verwaarloosbaar deel opslaan van de Noord-Duitse windstroom, toch had de deelstaat Sleeswijk-Holstein 2 miljoen euro subsidie over voor de batterij. „Er is een toenemende vraag naar flexibiliteit”, zegt Maarten Abbenhuis van de Nederlandse netbeheerder Tennet, dat ook het net in Sleeswijk-Holstein beheert. De wind- en zonne-energie geven een wisselender aanbod, en zorgen in Duitsland ook voor „congestie”, zegt hij. Veel windparken in het noorden, veel stroomvretende industrie in het zuiden. Dat loopt op.

Het Nederlandse energiebedrijf Eneco had nog geen productielocaties in Duitsland; het heeft wel een Brits wind- en een zonnepark, en bouwt een windpark in het Belgische deel van de Noordzee.

Voor het energiebedrijf is de flexibiliteit van een batterij een zakelijke keuze. Over twee weken gaat het de batterij aanbieden als reservecapaciteit voor het Europese elektriciteitsnet. Dat levert geld op: voor een batterij van dit formaat zo’n 100.000 euro per week. Aanbieders van zulke ‘primaire reservecapaciteit’ hebben de taak om op commando van de netbeheerder harder of juist zachter te gaan draaien. In Europa gaan er jaarlijks honderden miljoenen euro’s om op die capaciteitsmarkt.

Lithium-ion-batterijen zijn zodanig in prijs gedaald dat ze rendabel voor die taak ingezet kunnen worden. „We verwachten een terugverdientijd van zes tot acht jaar”, zegt Buis. „De Europese capaciteitsmarkt is interessant”, zegt ook Suguru Shimaya van de afdeling elektriciteitsproductie van Mitsubishi. „Daarom hebben we hier ons eerste batterijproject wereldwijd ontwikkeld.”

Europese veiling

Abbenhuis van Tennet noemt het project van Eneco „innovatief”. „Voor ons is het ook goed als er meer aanbieders op die markt komen. Het energiesysteem moet in de toekomst wel betaalbaar blijven.”

De lucratieve capaciteitsmarkt trekt energieleveranciers nog niet volop over de streep om reuzenbatterijen te bouwen. „Het is toch onzeker hoe die markt zich ontwikkelt”, verklaart Buis van Eneco. Hun batterijcapaciteit moet straks wekelijks meedingen in een Europese veiling voor reservecapaciteit, en haalt de terugverdientijd alleen als de batterij 50 weken per jaar wordt ingezet. Hij verwacht dat over enkele jaren ook meer kleine batterijen worden aangeboden voor het balanceren van het elektriciteitsnet. In Duitsland wordt 30 procent van de zonnepaneelsystemen voor huizen geleverd met batterij. Die kunnen dan ook op de capaciteitsmarkt gaan concurreren. Buis: „Wij hebben nu het voordeel dat we er met onze reuzenbatterij vroeg bij zijn.”

Correctie 11 mei: Hugo Buis van Eneco was als Herman Buis aangeduid. Dat is hierboven aangepast.

In Rijsenhout, een dorp vlak bij Schiphol, experimenteren ze met de opslag van wind- en zonne-energie in de buurt. Lees ook: Je stroom bewaren in de buurtbatterij