Zowel de Nederlandse als de Marokkaanse gemeenschap een spiegel voorhouden

Theater Vier vrouwen maakten een voorstelling geïnspireerd op een kookboek: Melk & Dadels. Terwijl discussies over discriminatie en integratie soms venijnig worden gevoerd, is deze voorstelling enorm geestig

Foto Kurt van der Elst

‘De eerste autochtone Nederlander die deze vier namen goed kan uitspreken krijgt een drankje.” De vier speelsters van Melk & Dadels stellen zich dansend en grappend voor in Theater de Meervaart in Amsterdam-West. De zaal reageert joelend op de welkomskreten van Soumaya Ahouaoui, Kyra Bououargane, Fadua El Akchaoui, Khadija El Kharraz Alami, in het Nederlands, Arabisch en Berbertaal Tamazight.

Hun theatervoorstelling is geïnspireerd op het gelijknamige kookboek waarin de moeders van bekende Marokkaanse Nederlanders de favoriete gerechten van hun kinderen maken. In plaats van zich te richten op de eerste generatie Marokkaanse vrouwen in Nederland, zoals in het boek, richt het theaterstuk de aandacht op hun dochters. Vrouwen die Nederlands zijn, zoals Bououargane benadrukt, „want hier geboren en getogen”. Met scènes uit hun levens houden ze zowel de Nederlandse als de Marokkaanse gemeenschap een spiegel voor.

Terwijl discussies over thema’s als discriminatie en integratie soms hard en venijnig worden gevoerd, is deze voorstelling vaak enorm geestig. Zonder dat pijnlijke onderwerpen als racisme of slutshaming worden ontweken. Zelfspot is daarbij een wapen. Zo begint Melk & Dadels met een scène waarin tien „Marokkaanse archetypes” in Nederland worden voorgesteld. De actrices parodiëren de „family first-Marokkaan” bij wie familie boven alles gaat. En de „Gucci-Marokkaan” die zich graag van top tot teen hult in merkkleding. Bij de „subsidie-Marokkaan”, die zijn plekje in de maatschappij opeist via creatieve projecten en daar een potje met overheidsgeld voor nodig heeft, fluistert El Kharraz Alami: „Dat zijn wij.”

Hard niet bevechten met hard

In de repetitieruimtes van de Meervaart vertelt El Kharraz Alami dat ze zelfspot altijd associeert met haar Marokkaans Nederlandse familie. „Zelfspot was bij ons thuis echt een manier om te overleven.” De andere actrices beamen dat. El Akchaoui: „Ik denk niet dat het per se met Marokkaans zijn te maken heeft, eerder met leven in een biculturele situatie. Je bent ‘de ander’ in een gemeenschap waardoor je tegen problemen aanloopt, je gaat dan oplossingen zoeken om daarmee om te gaan. Voor mij en vele anderen is dat zelfspot: als je om iets kunt lachen, neem je ook de kracht bij de ander weg om je te kunnen raken. Je hoeft hard niet altijd met hard te bevechten.”

In Melk & Dadels zitten sneren naar de Marokkaans-Nederlandse gemeenschap, zoals het elkaar voortdurend de maat nemen over vermeend haram-gedrag. Maar ook autochtone Nederlanders worden niet gespaard. Zo excuseert Fadua El Akchaoui zich in een scène ironisch bij haar juf en klasgenootje Meije op haar basisschool; die laatste begon te huilen omdat ze bang was dat ze geen leuke sinterklaassurprise zou krijgen. El Akchaoui in de voorstelling: „Het spijt me Meije dat ik je naam trok tijdens de surprises, ik ben blij dat de juffrouw die dag jou troostte.”

Werknemers met een buitenlands klinkende naam krijgen bij callcenters vaak het advies een andere naam te gebruiken, want: Linda verkoopt meer hypotheken dan Ouafa

El Akchaoui is opgegroeid in een klein dorp met voornamelijk autochtone Nederlanders om zich heen, vertelt ze. Haar ouders kenden alle culturele gebruiken niet. „En konden die daarom niet doorgeven aan hun kinderen. Ik leerde dingen door schade en schande, via school en vriendinnetjes. Als je erop terugkijkt, moet je er vaak om lachen, maar het is pijnlijk.”

De vier actrices hadden totaal verschillende jeugdervaringen. De scènes en anekdotes die het stuk hebben gehaald zijn het resultaat van veel praten en discussiëren „en harde grappen maken over elkaar”, voegt Soumaya Ahouaoui toe. Afgelopen jaar logeerden ze ter voorbereiding van het stuk acht dagen in Marrakesh, samen met schrijver en ex-Kamerlid Tofik Dibi en regisseur Daria Bukvic. Het leven van de actrices werd besproken en geanalyseerd. Dibi, die eerder research had gedaan binnen de vrouwelijke Marokkaans-Nederlandse gemeenschap, schreef op basis van die week enkele teksten. Die vormden met door de actrices geschreven scènes het script.

Bewust en onbewust censuur plegen

Het resultaat is een heel afwisselende voorstelling; van een lofzang op Ahouaoui’s Marokkaanse moeder tot een scène waarin zoenende Marokkaans-Nederlandse vrouwen te zien zijn.

El Kharraz Alami: „Ik vond het heel belangrijk om het over de liefde te hebben. Omdat dat iets is wat ons allen bindt.” Niet iedereen binnen de groep had het even gemakkelijk met dat onderwerp, vertelt El Akchaoui. „De manier waarop je bent grootgebracht bepaalt hoe gemakkelijk je over bepaalde onderwerpen praat.” Zelf vond ze de vrijheid die een Marokkaanse vrouw binnen de liefde en relaties heeft, een lastig thema om uit te werken. „Je bent zo gesocialiseerd dat je bewust en vooral onbewust toch censuur pleegt. Maar daar ga je dan over in gesprek, daar maak je je kwaad over en samen bepaal je uiteindelijk wat het podium bereikt.” Ahouaoui benadrukt dat hun doel niet is om te provoceren, maar vooral om oprecht te zijn: „Om te tonen: dit is mijn leven, hier strugglen wij mee.”

Foto Kurt van der Elst

Kyra Bououargane zegt dat ze er alle vier persoonlijk ook klaar mee zijn steeds te worden bestempeld als „een uitzondering”. Zelf heeft ze een Marokkaanse vader en Nederlandse moeder en krijgt ze vaak te horen dat zij „anders” is. De voorstelling toont dat dé Marokkaanse Nederlander niet bestaat, dus dé uitzondering hierop bestaat al helemaal niet. Dat de actrices soms het gevoel hebben in deze mal te worden gedrukt, blijkt uit een scène waarin El Kharraz Alami een internationaal doorgebroken actrice speelt die in een De Wereld Draait Door-achtige setting wordt uitgenodigd om te vertellen over haar nieuwe rol. In plaats van dat ze mag praten over haar werk, wordt benadrukt hoe „bijzonder” het is wat ze doet en wordt haar gevraagd of ze broers en ooms heeft die haar werk afkeuren.

Lees ook de column van Lamyae Aharouay: Discriminatie, heel erg, maar niet zó erg

Hoe voelt het om een voorstelling te maken over hun Marokkaans-Nederlandse roots als ze hierop eigenlijk niet willen worden aangesproken? Ahouaoui: „We hadden ook heel graag een Hamlet gespeeld. Maar dit soort voorstellingen is in Nederland nog niet te zien geweest op grote podia, dus het is geweldig dat we nu in de Koninklijke Schouwburg in Den Haag in première gaan.” Bououargane voegt eraan toe dat „de nadruk ook nodig is om het universele zichtbaar te maken. Er zitten genoeg elementen in waar iedereen zich door kan laten raken of zich in kan herkennen.”

Melk & Dadels gaat op zondag 13 mei in première in de Koninklijke Schouwburg in Den Haag. Daarna gaat de voorstelling tot december op tournee. Zie voor de speellijst melkendadels.nl

Aanvulling (12 mei 2018): De naam van Meije is gefingeerd.