NRC checkt: ‘Nederlandse ballonnen in Normandië beland’

Dat schreef columnist Christiaan Weijts in zijn column in NRC op 27 april.

Foto Istock

De aanleiding

Op Koningsdag beschreef Christiaan Weijts in zijn wekelijkse column in NRC hoe zeebiologen kort na Koninginnedag 2007 een spoor van aangespoelde oranje ballonnen aantroffen langs de Normandische kust (NRC, ‘De Zwarte Piet van Koningsdag’, 27 april). „Het was genant”, aldus Weijts. Vervolgens ging hij in op pogingen in Nederlandse gemeenten om het oplaten van ballonnen te verbieden. Dit met het oog op het milieu en het welzijn van dieren, die ballonresten kunnen aanzien voor voedsel.

Lees hier de column terug van Christiaan Weijts over het oplaten van ballonnen.

Een lezer mailde de redactie met de vraag of de vondst van Nederlandse ballonnen in Normandië wel kon kloppen. „In dat geval zouden alle natuurlijke processen van wind en zeestromen in dit deel van Europa verstoord moeten zijn geweest.” Immers: „Hier waait de wind volgens meteorologische grafieken meestal uit zuidwestelijke richtingen. Dat zou het onmogelijk maken die ballonnen tegen de wind terecht te laten komen op 500 kilometer van Nederland kort na Koninginnedag 2007.”

Waar is het op gebaseerd?

Navraag bij Weijts leert dat hij zich baseert op een nieuwsbrief van de Nederlandse Zeevogelgroep (NZG, jaargang 8, nummer 3). Daarin wordt verteld hoe de Nederlandse zeebioloog Jan Andries van Franeker en zijn Franse collega Gilles le Guillou begin mei 2007 „vele Nederlandse feestballonnen” aantroffen aan de kust van Normandië. Weijts heeft Van Franeker gebeld om de feiten na te trekken.

En, klopt het?

Ja, het klopt. Van Franeker, die onderzoeker is bij Wageningen Marine Research in Den Helder, zegt desgevraagd tegen NRC dat de lezer „normaal gezien helemaal gelijk heeft” dat Nederlandse ballonnen niet naar Frankrijk waaien gezien de overwegend zuidwestelijke wind. „Maar net die Koninginnedag stond er een straffe noordooster.”

De archieven van het KNMI bevestigen dit. Op 30 april 2007 werd er bij het instituut in De Bilt een windkracht van 4 tot 5 beaufort gemeten, uit oost-noordoostelijke richting. De eerste vijf dagen van mei kwam de wind uit dezelfde hoek, variërend van noord en noordoost tot oost.

Foto’s van het zwerfafval aan de kust van Normandië, afgedrukt in de nieuwsbrief, wijzen op de Nederlandse herkomst van de ballonnen. Zo zijn er oranje ballonnen van Stichting Evenementen Ridderkerk (SER), Westland Adviesgroep en Tegelzetbedrijf Dagu BV uit Barneveld. Ook zijn er verschillende kleuren ballonnen van de Rabobank. Van Franeker: „Het bewijs is in dit geval onmiskenbaar.”

De biologen zochten destijds naar dode vogels. Van Franeker coördineert een internationaal onderzoeksproject naar zwerfvuil in de magen van noordse stormvogels, een zeevogel die onverteerbare maaginhoud „niet kan uitspugen, maar moet vermalen tot kleine deeltjes”. De gezondheid van noordse stormvogels wordt gezien als een goede indicator voor de milieukwaliteit.

Meer dan 90 procent van de onderzochte vogels heeft plastic in de maag, waaronder ook resten van ballonnen, zegt Van Franeker. „In een enkel geval is het zo extreem dat ze daar waarschijnlijk aan zijn overleden. Een veel grootschaliger probleem zijn echter al die vogels die niet direct sterven. Hun maag-darmsysteem is aangetast door de plastic rommel. De conditie van die beesten gaat achteruit, waardoor ze kwetsbaar zijn in zware tijden, bijvoorbeeld als ze jongen moeten voeren.”

Conclusie

We beoordelen de bewering als waar. Begin mei 2007 zijn aan de kust van Normandië ballonnen gevonden uit Nederland. De oranje kleur en Nederlandse opschriften duidden erop dat de ballonnen waren opgelaten op Koninginnedag. Door een straffe noordoostelijke wind op 30 april 2007 en de daaropvolgende dagen konden de ballonnen naar Frankrijk waaien.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt
    • Ykje Vriesinga