Column

Feiten en emotie botsen vaak op televisie

Zap Maandag werd de depressiemaand van NPO 3 afgesloten. Het maakte duidelijk dat er soms problemen zijn die niet binnen een televisieformat opgelost kunnen worden.

Tess Milne en Jan Kooijman (Deprestival, KRO-NCRV)

‘Ik geloof er helemaal niets van!’ fulmineert de man op straat die net te horen heeft gekregen dat de criminaliteitscijfers gedaald zijn. De nieuwsrubrieken besteedden gretig aandacht aan dit nieuws en overal was de insteek hetzelfde: maar voelt het ook zo? Hart van Nederland concludeerde meteen dat niet alle mensen het geloven. Zij gingen de straat op en vroegen het aan voorbijgangers, net als EenVandaag, het NOS Journaal en Nieuwsuur.

Terwijl sommige mensen zich best wel veilig voelden, vond elk programma ook wel iemand die dit heel anders beleefde. Het argument dat de cijfers alleen gedaald zijn omdat steeds minder mensen aangifte doen, werd door experts weliswaar ontkracht, voor veel mensen voelde het toch logischer.

Een heerlijk onderwerp voor de actualiteitenprogramma’s. Televisie is het medium bij uitstek om deze discrepantie te laten zien. Leeft het toch van taal, geluid én beeld. Feiten én emotie. Zelfs in de nieuwe Typisch-reeks werd het fenomeen duidelijk. Deze keer is de Utrechtse wijk Overvecht aan de beurt en de reacties op de staat van de buurt liepen ver uiteen. Terwijl de een vond dat het tegenwoordig veel beter gaat met deze „voormalige achterstandswijk”, zag de ander de verpaupering steeds verder oprukken. Het is allemaal een kwestie van perceptie. Maar wat betekent het als er zo veel aandacht wordt besteed aan mensen die een andere werkelijkheid beleven? Worden de feiten dan minder belangrijk?

Ook tijdens de depressieavond op NPO 3, de afsluiting van de depressiemaand, deed zich een typische televisie-discrepantie voort. In het Deprestival wilden beeld en inhoud maar niet bij elkaar passen. Een depressie-festival, met eetkraampjes, muziek en gezelligheid. Die ‘we vieren de depressie’-vibe leek me een klap in het gezicht van iedereen die met depressieve klachten onder een dekentje zit en helemaal niet in staat is om wat dan ook te vieren.

De insteek was gekozen vanuit goede bedoelingen. De nadruk lag op het bespreekbaar maken van psychische klachten. Erover kunnen praten moet zo normaal worden als een festivalbezoek, was het idee. Het taboe moest eindelijk worden doorbroken. Hoe schrijnend de individuele gevallen ook zijn en hoe moeilijk het is om ervoor uit te komen, je kunt het moeilijk nog een taboe noemen als je in hetzelfde programma verkondigt dat het niet zo is dat er steeds meer depressies voorkomen in Nederland. Dit beeld ontstaat omdat er steeds meer aandacht voor is. Gevoel en feiten botsten ook hier op elkaar.

Aansluitend zagen we ook in de laatste aflevering van Je Suis Depri televisiewetten aan het werk. Het was de afsluitende uitzending, dus ook inhoudelijk moest er een einde aan worden gebreid. Daarom paste het wel heel mooi in het format dat de meeste kandidaten nu ook hun depressies overwonnen hadden en op weg gingen naar een gelukkiger toekomst. Al is het te prijzen dat de nadruk hierdoor werd gelegd op het tijdelijke karakter van een depressie en dat die dus ook overkomen kan worden, de werkelijkheid is vaak weerbarstiger.

De jongste geïnterviewde, het broertje van de zwaar depressieve Jynthe, was de enige die reële vergezichten schetste. Hij hoopte dat zijn zus over een jaar in staat zou zijn om een stap verder te kunnen zetten. Hopen dat zij haar ziekte dan al overwonnen zou hebben, zou niet realistisch zijn. Soms zijn er ook problemen die niet binnen een televisieformat opgelost kunnen worden.

Birte Schohaus vervangt deze weken Arjen Fortuin.