Oppositie verenigt zich in een bonte coalitie tegen Erdogan

Turkije

In opmaat naar vervroegde verkiezingen, in juni, sluit de anders zo verdeelde Turkse oppositie de rijen. ‘Het gaat niet meer om links of rechts’.

Aanhangers van Meral Aksener steunen haar in aanloop naar de vervroegde verkiezingen. Foto Tolga Bozoglu/EPA

In aanloop naar de parlements- en presidentsverkiezingen van 24 juni toont de Turkse oppositie opmerkelijke eendracht in een poging president Erdogan van de macht te houden. Vorige week kondigden vier oppositiepartijen aan dat ze een alliantie vormen om zoveel mogelijk parlementszetels te veroveren. Hun belangrijkste programmapunt: Erdogans presidentiële systeem terugdraaien ten faveure van het oude, parlementaire stelsel.

Twee weken terug kondigde Erdogan ineens vervroegde verkiezingen aan. Dit leek ingeven door zorgen over de economie, die ernstige tekenen van oververhitting vertoont. De nieuwe, nationalistische IYI-partij van Meral Aksener, die wordt gezien als de belangrijkste rivaal van Erdogan, dreigde door de vroege datum echter niet aan de voorwaarden voor deelname te voldoen. Om dit te voorkomen, sloten vijftien parlementariërs van de oude, republikeinse machtspartij CHP zich aan bij de IYI-partij. „Dit is een democratisch besluit van historisch belang”, juichte IYI-leider Aksener

Erdogans AK-partij leek van haar stuk gebracht door de plotselinge samenwerking van de anders zo verdeelde oppositie. „Met deze smerige, immorele daad zorgt het CHP-bestuur ervoor dat de partij die de republiek heeft gesticht, is veranderd in een reservewiel voor een andere partij”, zei vicepremier Bekir Bozdag.

De alliantie verenigt zeer uiteenlopende partijen en politieke stromingen. De CHP en de IYI-partij zijn beiden sterk geworteld in het secularisme. Maar de linkervleugel van de CHP vocht in de jaren ’70 dodelijke straatgevechten uit met de Grijze Wolven, de nationalistische jeugdbeweging waar IYI-leider Aksener uit voortkomt. Een andere partij in de coalitie, Saadet, is daarentegen geworteld in dezelfde islamitische beweging als de AK-partij van Erdogan. En dan is er nog de centrum-rechtse DP.

„In dit land gaat het nu niet meer om links tegen rechts”, zei Saadet-leider Temel Karamollaoglu, een in het Verenigd Koninkrijk opgeleide ingenieur. „Het gaat ook niet meer om conservatief of liberaal. Het gaat om de onderdrukkers en de vertrapten.”

De alliantie stelt kleine partijen als Saadet en de DP in staat toch in het parlement komen: Turkije heeft een hoge kiesdrempel van 10 procent, die ze in hun eentje niet zouden slechten.

De pro-Koerdische HDP is buiten het verbond gehouden. In het huidige nationalistische klimaat is de partij te giftig. De oppositie doet wel een handreiking aan de HDP. CHP-leider Muharrem Ince riep Erdogan op om HDP-leider Demirtas vrij te laten uit de cel, waar hij vastzit op verdenking van steun aan terrorisme. „De HDP zijn ook kinderen van dit land”, zei Ince. „Laten we strijden als mannen.”

Hoewel de oppositiepartijen samen optrekken bij de parlementsverkiezingen, komen ze ieder met hun eigen kandidaat voor het presidentschap. De bedoeling is dat die kandidaten samen genoeg kiezers mobiliseren om Erdogan in de eerste ronde onder de 50 procent te houden. In de tweede ronde zullen aanhangers van andere partijen dan stemmen op de overgebleven kandidaat, waarschijnlijk Aksener.

De oppositie reageerde strijdbaar op de vervroegde verkiezingen. “Wij zijn klaar voor verkiezingen wanneer dan ook.”

Erdogan en de AK-partij blijven veruit favoriet om de verkiezingen te winnen. De oppositie heeft lang niet zo’n grote en geoliede campagnemachine. Bovendien beperkt de aanhoudende noodtoestand de ruimte om campagne te voeren. Daarnaast controleert Erdogan via bondgenoten in de zakenwereld inmiddels zo’n 90 procent van de media.

Erdogan laat bovendien geen middel onbenut om kiezers te paaien. Recent kwam de regering met een groot pakket maatregelen, dat douceurtjes voor miljoenen mensen bevat. Volgens Aksener weerspiegelen deze maatregelen (totale kosten omgerekend 4,7 miljard euro) de zorgen van Erdogan over het oppositieverbond. „Dus je moest bang zijn voor ons, om je het volk te herinneren.”