Giro-start in Israël: een geslaagde onemanshow

Giro in Jeruzalem

Het evenement moest de wielersport bevorderen en een positief beeld van Israël tonen. Vooral dat laatste is bereikt.

Foto Sebastian Scheiner/AP

‘Zoiets hebben de Italianen nog nooit gezien”, zei Sylvan Adams, de Canadees-Israëlische vastgoedmagnaat glunderend bij de spectaculaire teampresentatie van de Giro d’Italia in Jeruzalem. De roze ballonnen, gouden confetti en fotomodellen konden echter niet verhullen dat heel fietsend Israël het plein niet vol kreeg.

De Israëlische initiatiefnemers hadden twee doelstellingen met het binnenhalen van de Giro-start. Het eerste doel was de wielersport bevorderen in Israël, dat nauwelijks een wielercultuur heeft. Ten tweede wilden hoofdsponsor Adams en de zijnen Israël op de kaart zetten als een mooi land waar je veilig naartoe kunt. Na drie dagen lijkt vooral het tweede doel bereikt.

Van tevoren was de locatie van de Giro-start controversieel. Het grootste pijnpunt was de presentatie van Jeruzalem als één geheel, in weerwil van het feit dat Oost-Jeruzalem internationaal als bezet Palestijns gebied wordt beschouwd. Voor de internationale wielerploegen was de eerste start buiten Europa vooral veel logistiek gedoe. Ze stonden ’s avonds laat op het vliegveld om fietsen in te laden terug naar Italië, en in plaats van hun gebruikelijke vrachtwagens met voeding en materiaal moesten ze het doen met huurbusjes met een Giro-sticker. Over de politieke aspecten hielden renners en stafleden zich op de vlakte.

De protesten waren echter zeer beperkt. Hoewel volgens de internationale boycotbeweging Palestijnse activisten waren gehinderd door de Israëlische autoriteiten, leek het evenement Palestijnen ter plaatse weinig te interesseren. Terwijl Israëlische en buitenlandse toeristen zich verdrongen bij de start van de tijdrit in Jeruzalem, liep een paar honderd meter verderop de Al-Aqsa-moskee uit. „Maakt het uit of we er iets van vinden?” vroegen een paar moskeegangers. „Ze doen toch wel wat ze willen.”

Of de komst van de Giro meer mensen op de fiets zal krijgen, is de vraag. Ondanks tv-spotjes, krantenartikelen en billboards was er slechts bij vlagen sprake van de ‘Giro-mania’ waar Adams op hoopte. Tijdens de beklimming op de tweede dag renden toeschouwers met Israëlische vlaggen achter de kortstondig ontsnapte Guillaume Boivin van de Israel Cycling Academy aan, en voor sommige jonge toeschouwers waren de Israëlische profrenners nieuwe helden.

Maar voor veel Israëliërs was het tweede doel verreweg het belangrijkste: een positief beeld van Israël laten zien. Dat lijkt bereikt. Toeristen die speciaal voor de Giro-start naar Israël waren gekomen, plakten er excursies aan vast. Veiligheidsincidenten zijn uitgebleven. Op de tv-beelden die de wereld over gingen, waren de wachttorens en checkpoints op enkele kilometers van het parcours niet te zien.

Daarmee heeft Israël bewezen een evenement van deze omvang logistiek aan te kunnen, maar ook dat het in het huidige internationale politieke klimaat mogelijk is met de juiste financiële middelen en contacten de internationale kritiek te weerstaan. „Als we dit voor elkaar krijgen, heeft niemand meer een excuus om hier geen groot sportevenement te organiseren”, zegt sportinvesteerder Mylan Tanzer.