Crisis Air France-KLM verscherpt na vertrek van topman Janaillac

Loonconflict Het loonconflict bij Air France gaat erom of de staat de luchtvaartmaatschappij wil redden. Dat is niet erg waarschijnlijk.

Het vertrek van topman Janaillac heeft de crisis bij de Franse tak van Air France-KLM alleen maar verder verdiept. Foto Charles Platiau/Reuters

Voor de veertiende dag sinds februari stond maandag een deel van de vliegtuigen van Air France aan de grond. Maar nadat het personeel van het zusterbedrijf van KLM vrijdag de groepstopman Jean-Marc Janaillac in een intern referendum over loononderhandelingen naar huis stuurde, is de animo voor de staking wat afgenomen. Vooral binnenlandse en Europese vluchten ondervonden hinder.

Dat betekent niet dat een oplossing van het conflict in zicht is. Het vertrek van Janaillac heeft de crisis bij de Franse tak van Air France-KLM alleen maar verder verdiept.

De bestuursvoorzitter had bij het bedrijf „een goed imago”, zei Yannick Floc’h van pilotenbond SNPL eerder tegen NRC. De kritiek van de bonden richt zich vooral op personeelsdirecteur Gilles Gateau, een oud-medewerker van ex-premier Manuel Valls en daarom, voor de bonden, vooruitgeschoven post van de Franse staat.

Het conflict lijkt op het eerste gezicht een ordinaire ruzie over geld. Na goede jaarcijfers eisten de Franse bonden voor het voltallige personeel een achterstallige inflatiecorrectie van 6 procent, als compensatie voor de jaren dat salarissen bevroren waren. Ze schroefden hun eisen in april terug naar 5,1 procent, maar volgens de directie was dat nog altijd te veel om concurrerend te kunnen blijven.

Maar zoals bij ieder conflict bij Air France speelt op de achtergrond ook de positie van de Franse staat een rol. Terwijl KLM altijd een particulier bedrijf is geweest, werd Air France pas in 2004 geprivatiseerd. Nog altijd bezit de Franse staat 14 procent van de aandelen in moederbedrijf Air France-KLM. De Nederlandse staat heeft 5,9 procent van KLM.

Ambtenaren

Als, zoals nu, de gemoederen hoog oplopen, kijken veel Franse personeelsleden in de eerste plaats naar de regering voor een oplossing. Die springt op zeker moment wel bij, suggereerden ook de bonden. Terwijl KLM-medewerkers ‘hun’ bedrijf willen redden, zijn veel Franse collega’s ervan overtuigd dat het voormalige staatsbedrijf niet kapot kan.

Die reflex is niet vreemd: opeenvolgende regeringen zijn Air France als „integraal onderdeel van het Franse staatsapparaat blijven zien”, zegt de liberale econoom Nicolas Bouzou.

Dat is te zien aan de mensen die het bedrijf leiden. Janaillac was een persoonlijke vriend van ex-president François Hollande die naar voren werd geschoven als vervanger van een vertrouweling van diens voorganger Sarkozy. De namen die nu circuleren voor de opvolging van Janaillac, zegt de goed ingevoerde Bouzou, zijn opnieuw die „van hoge ambtenaren, niet van ondernemers”.

Meer afstand

Toch lijkt de huidige Franse regering meer afstand te houden. „De staat is er niet om schulden over te nemen of bedrijven te hulp te schieten die niet de noodzakelijke inspanningen doen om concurrerend te worden”, zei minister van Financiën Bruno Le Maire op tv-zender BFM. „Met het huidige salarisniveau van piloten, en terwijl we weten dat het bedrijf in gevaar is, kun je niet met zulke hoge salariseisen komen.”

Econoom Bouzou pleitte er in Le Figaro voor dat de Franse staat de aandelen Air France-KLM van de hand doet. „Dat is geen goede deal, want veel zijn ze niet meer waard”, zegt hij telefonisch in een toelichting. „Maar om Air France te redden zou de staat zich verder terug moeten trekken.” Hij hoopt dat zo „een entrepreneur” de leiding neemt.

Hoewel deze suggestie ook sinds enkele weken in kringen rond Macron te horen is, lijkt de mogelijkheid niet erg realistisch. Le Maire is bezig enkele staatsbedrijven, waaronder luchthavenbedrijf Aéroports de Paris, te privatiseren, maar Air France ligt op dit moment te gevoelig. „Dat Franse bonden met zulke buitensporige looneisen komen”, zegt Bouzou, „is puur omdat ze nog altijd in die ideologie van het staatsbedrijf zitten.” Hij noemt het personeel van Air France „verwende kinderen”.

Voor deze dinsdag zijn nieuwe acties aangekondigd. 20 procent van de vluchten valt uit. Iedere stakingsdag kost Air France rond de 25 miljoen euro. Totaal zou de staking al meer dan 300 miljoen hebben gekost.


Update: dit is een bijgewerkte versie van een artikel dat maandag 7 mei is gepubliceerd in NRC Handelsblad.