Crisis van Air France is ook crisis KLM

Air France-KLM

Air France en KLM zijn met elkaar verbonden, in goede en slechte tijden. Zo slecht als de Franse tijden nu zijn, waren ze nog nooit.

Bestuursvoorzitter Jean-Marc Janaillac verlaat de persconferentie waar hij vrijdag zijn aftreden bekend heeft gemaakt. Foto Geoffroy van der Hasselt / AFP

Het aftreden van Jean-Marc Janaillac, de topman van Air France-KLM, is niet alleen een grote tegenslag voor Air France en moedermaatschappij Air France-KLM. Ook voor KLM zijn de gevolgen dramatisch.

De keuze van Janaillac om zijn lot te verbinden aan de uitkomst van een personeelsstemming over een loonvoorstel kon op twee manieren uitpakken: slecht en heel slecht. Als het personeel wél had ingestemd met het voorstel van de directie was de relatie tussen directie en vakbonden nog verder verslechterd. Het conflict zou niet zijn opgelost want de uitslag is niet rechtsgeldig. De bonden zouden doorgaan met acties, hadden ze al aangekondigd.

Nu het personeel het loonvoorstel heeft weggestemd, is de uitkomst nog slechter. Niet alleen voelen de vakbonden zich gesterkt in hun harde opstelling en is een oplossing van het loonconflict ver weg, ook zit het bedrijf zonder topman. De zoektocht naar een opvolger zorgt voor tijdverlies bij de noodzakelijke hervorming die Air France-KLM doormaakt. Als het iemand van buiten wordt, moet diegene opnieuw worden ingewerkt. En volgt er weer een nieuwe strategie die voor nieuwe onrust zorgt.

Eén probleem: te duur

Janaillac is gestruikeld over een eenvoudig cao-conflict. Zoveel polarisatie is ondenkbaar in de Nederlandse polder. Dat de werknemers van Air France bereid zijn om het conflict zodanig te laten escaleren stuit bij de collega’s van KLM op verbijstering. Kennelijk weegt een loonsverhoging zwaarder dan het voortbestaan van de werkgever.

Dat voortbestaan staat namelijk op het spel. In de kern heeft Air France-KLM maar één probleem: ze zijn te duur ten opzichte van Golfmaatschappijen, Europese budgetmaatschappijen en andere concurrenten.

KLM heeft sinds eind 2014, onder leiding van topman Pieter Elbers, kosten bespaard en de productiviteit verhoogd. De vakbonden liggen soms dwars, maar er komt steeds een compromis. Bij Air France gebeurde veel minder. Er kwam een moeizaam akkoord met piloten over de goedkope dochtermaatschappij Joon. Het verschil in prestaties wordt steeds groter, bleek vrijdag ook weer bij de cijfers voor begin dit jaar.

Zeker, de Frans-Nederlandse samenwerking biedt ook voordelen. Zonder de overname door Air France in 2004 had KLM de schaalvergroting en liberalisering in de luchtvaart wellicht niet overleefd. Vorig jaar is een mooie alliantie gesmeed met partners in de VS, het VK en China. Het marktaandeel in India en Brazilië groeit snel. Hoe graag velen dat ook wensen, een scheiding is niet realistisch.

Maar de achilleshiel van het bedrijf blijft het onderlinge wantrouwen. De laatste jaren waren er genoeg incidenten om dat wantrouwen te voeden: hoe beter KLM het doet, hoe groter de kans op heibel met de partner.

Deze nieuwe crisis zal de onvrede bij KLM over de Franse weigering om te hervormen verder doen groeien. „In deze tijden is interne steun en solidariteit van groot belang”, zei Elbers vrijdagavond in een verklaring. Solidair zijn met collega’s die het gemeenschappelijke bedrijf te gronde richten is een zware opgave.

    • Mark Duursma