Brieven

Brieven

Illustratie Cyprian Koscielniak

In Herdenken in tijden van antisemitisme (1/5) doet Paul Scheffer een aanklacht tegen „het hedendaags antisemitisme dat uit de Arabische wereld is gemigreerd”. Zijn woordkeus vertroebelt. Hij gebruikt het woord ‘migratie’, en verwijst zowel naar het fundamentalistische gedachtegoed dat via financiering van moskeeën uit Saoedi-Arabië ons land binnenkomt, als naar moslimminderheden die hier ooit heen zijn gemigreerd. Dit zijn twee aparte kwesties. Volgens een rapport van de EVZ-Stiftung, Antisemitisme en Immigratie in het Hedendaagse West-Europa: Is er een verband? hebben moslims wel vaak antisemitische opvattingen, maar neemt dit niet toe, en zijn deze opvattingen vaak gefragmenteerd en tegenstrijdig, willen moslims ook vreedzaam samenleven met Joden en christenen, en benadrukken velen, maar niet allen, het onderscheid tussen Joden en Israël. Dit type antisemitisme is prima te bestrijden met voorlichting en dialoog. Wat betreft de Saoedische verspreiding van islamitisch fundamentalisme heeft Scheffer gelijk: dit is zeer ongewenst en het Westen doet er bijna niets aan. Daar moet zeker meer gebeuren. Maar daar hoort bij dat we de weerbaarheid van Nederlandse moslims tegen salafistische predikers moeten verhogen, en, in tegenstelling tot Scheffers beweringen, kan discriminatie en het gevoel buitengesloten te worden moslimjongeren wél ontvankelijker maken voor fundamentalisme en dus ook radicaler antisemitisch gedachtegoed.

Correctie (7 mei 2018): In een eerdere versie heeft bij de brief de illustratie van 28 april gestaan. Hierboven staat de goede illustratie.