Blijven liggen tot ze je vergeten zijn

Foto Giedo van der Zwan

Scheveningen: 2,5 kilometer, van havenhoofd naar pier. Daartussen fotografeerde Giedo van der Zwan allerlei badgasten. Vroeger was Scheveningen een arm vissersdorp waar men het gevaar van de zee kende. Sinds 1818 is die zee juist de aantrekkingskracht en worden de stranden bevolkt door badgasten van buiten. Ten noorden van de haven werden badhuizen gebouwd, maar oorspronkelijk waren die voor mensen die het goed hadden. Maar in die tweehonderd jaar groeiden dorpelingen en badgasten langzaam naar elkaar toe. Niet langer is het strand louter het terrein van rijke badgasten – het is nu ook van de échte Scheveningers. Wat een Scheveninger een echte Scheveninger maakt? De uitstraling, aldus Van der Zwan. „Ze zijn zó zichzelf.” Op de foto de families Pronk, Den Heijer en Vrolijk. Fotograferen, zegt u? Na een half uur zijn ze Van der Zwan, liggend in het zand met zijn camera, vergeten. Toch moet je het maar durven, in badkleding worden geportretteerd voor een weekendkrant. Rechts is opa te zien, in het midden zijn kleindochter. De vrouwen om hem heen zijn van de andere families, ze kennen elkaar wel. Dat hun strand in de zomer wordt overspoeld door mensen uit de stad vinden ze volgens Van der Zwan niet zo erg. Zolang die het maar Scheveningen noemen en niet The Hague Beach.