Bij de Haarlemse voetbalvereniging SV Alliance gaan veel trainingen niet door. Om acht uur wordt het spel voor twee minuten stilgelegd. Een trainer van een ander team is er ook bij komen staan.

Olivier Middendorp

Twee minuten stil op acht plekken in Nederland

2 minuten stil

Schipholpersoneel in het gelid, de kermis die stopt, een jongen die het vergat. „O ja, de oorlog.” Twee minuten stil op acht plekken in Nederland.

Voor ik naar Nederland verhuisde, in de zomer van 2010, kende ik de traditie niet. Twee minuten stilte op 4 mei om 20 uur. Ik kom uit een land dat zijn oorlogsdoden herdenkt op 11 november, het einde van de Eerste Wereldoorlog die in Vlaanderen nog steeds zo tastbaar is in de vele indrukwekkende soldatenkerkhoven. Ik ben geboren in een stad niet zo ver van het West-Vlaamse Ieper, waar nog élke avond, stipt om acht uur aan de Menenpoort, de ‘Last Post’ wordt geblazen ter herinnering aan de gesneuvelden van de ‘Groote Oorlog’. Telkens als ik er heen ga, ben ik diep ontroerd.

Diezelfde ontroering voel ik de voorbije acht jaar op 4 mei. De keren dat ik op de Dam sta natuurlijk, letterlijk op een steenworp van de redactielokalen van de NRC. Wanneer een geladen stilte over dat majestueuze plein neerdaalt en we, ieder voor zich, ook na de jaarlijks terugkerende debatten over wie we wél en niet herdenken, gezamenlijk de oorlogsslachtoffers eren. Maar misschien nog indrukwekkender dan de georganiseerde plechtigheid op de Dam zijn de ontelbaar andere plekken waar het openbare leven heel even stilvalt. Die tram die even stilstaat. Die vrouw met haar boodschappentas die op het trottoir blijft staan. Die politieman die even het verkeer niet regelt. Het Amsterdamse restaurant Choux waar ik vorig jaar voor 4 mei gereserveerd had, had me die ochtend heel attent opgebeld om te vertellen dat het om acht uur even stil zou worden in de zaak. Twee minuten lang waren alle tafelgasten in het restaurant verbonden met elkaar. In een diepe en ontroerende stilte ter herinnering aan de slachtoffers van die vreselijke oorlog. Laten we dit gebruik voor altijd in stand houden.

    Acht plekken in Nederland

  1. A16, Hendrik-Ido-Ambacht

    Een half uur voor de twee minuten stilte klinkt de achtergrondmuziek nog volop in het restaurant van verzorgingsplaats Sandelingen-Oost, langs deA16, bij Hendrik-Ido-Ambacht. Buiten staan wat vrachtwagens, Poolse truckers eten een boterham, een veertiger staat te plassen tegen een boom. Het verkeer wordt langzaam minder. Tegen achten arriveren enkele automobilisten, ze staan stil op de parkeerstrook. „Belangrijk”, vindt Janine Gierman de herdenking. Ze onderbrak haar reis van Zwijndrecht, waar ze werkt, naar haar woonplaats Nijmegen. „Het is goed om te beseffen hoe goed we het nu hebben, zonder oorlog.” Achter haar Mercedes parkeert Richard Bras zijn Polo, op weg naar huis na een vakantie in Portugal. „Als andere mensen in de oorlog zich niet hadden verzet, hadden wij hier niet gestaan.” Automobilist Danny Lam, onderweg van België naar Rotterdam, zegt: „Ik denk aan alle mensen die er niet meer zijn.” De snelwegen zijn deze avond niet uitgestorven. Maar rustig is het wel, op al die wegen die niet zonder files lijken te kunnen bestaan. Op Sandelingen-Oost is het Wilhelmus te horen, zacht, van ver lijkt het, maar het is dichtbij, van achter het glas, uit een autoradio. Toch mooi.

  2. Schiphol, Haarlemmermeer

    „Your attention please…” „Su atención, por favor…” „Votre attention s’il vous plait…” „Bitten beachten Sie…”

    Kwart voor acht. Schiphol, terminal 2. Kinnen schieten de lucht in. Vluchtinformatie? Nee, iets met stilte en oorlog. De meeste passagiers bij de KLM-bagagedrop nemen niet de moeite om het hele intercombericht te beluisteren.

    Maar dan verschijnen ze. Tien, dertig, zestig vrouwen en mannen, van alle kanten, in helblauwe mantelpakjes en uniformen. Ze leggen hun werk stil en gaan in lijn staan voor de incheckzuilen, de handen kuis gekruist. „Allemaal één tegeltje opschuiven!” Het geklik van kleine hakjes. „Nog een stukje. Jongens! Anders past het nooit.”

    Reizigers blijven staan kijken. Ze maken foto’s van de linie stewardessen, piloten en grondpersoneel van KLM. Is dit geoefend? „Wij mogen daar tegen de pers niets over zeggen”, fluistert een van hen. Collega’s knikken met de lippen theatraal op elkaar. „We moeten, zeg maar, stil zijn.” Gegrinnik.

    Ook de andere balies leggen nu het werk stil. De intercom weer. Gouden trompettonen, en dan: de hele terminal zwijgt. Zo klinkt Schiphol slechts één keer per jaar.

  3. Lijnbaan, Rotterdam

    Siem Boerefijn (68) is precies om acht uur even op een bankje gaan zitten. Natuurlijk heeft hij gedacht aan de mensen die in de oorlog zijn omgekomen. Dat doet hij elk jaar, waar hij ook is.

    Hij is een van de heel weinigen op de Rotterdamse Lijnbaan die om acht uur twee minuten de oorlogsslachtoffers herdenkt. „Sommige jongelui maakten zelfs lawaai”, zegt Boerefijn. „Misschien had ik er op die leeftijd ook niet bij stilgestaan.”

    Zo rond zeven uur sluiten de meeste winkels in de drukste winkelstraat van Rotterdam, even voor achten is alles dicht. De autoloze Lijnbaan staat symbool voor de wederopbouw na het bombardement van Rotterdam in de Tweede Wereldoorlog. Maar de vele bezoekers lijken alleen oog te hebben voor de etalages en voor elkaar.

    Op de brede rand van een plantenbak drinken Jay Moelhan (26) en Kammie Ramasre (29) een biertje. Stil? Om acht uur? Ze kijken verbaasd. O ja, de oorlog. Oorlog grijpt hem wel aan, vertelt Moelhan. „Het gaat om geld en macht en het is zo zinloos.” Als de oorlog in Syrië op de televisie langskomt, zet hij hem liever uit. Maar nu moeten ze gaan. Nabij het Centraal Station treedt een Surinaamse band op. Die willen ze horen.

  4. Ziekenhuis, Enschede

    Het is klokslag 20.00 uur. Vatan Beyaz (12 jaar) uit Gronau en zijn twee tantes blijven praten, zachtjes. Ze zitten op een bankje in de grote, witte hal van ziekenhuis Medisch Spectrum Twente (MST) in Enschede. Vatans neefje van 2 jaar ligt te slapen in een buggy. „O, is het al acht uur geweest? Ja, Dodenherdenking… Niet meer aan gedacht. En ik heb vanmiddag op weg hiernaartoe de vlaggen nog wel halfstok zien hangen”, verontschuldigt een van de tantes zich even later. „We hadden het over mijn zwager, Vatans vader”, zegt ze. Hij is na een verblijf van twee maanden in een Iers ziekenhuis deze vrijdagmiddag overgebracht naar de intensive care in Enschede. In Ierland kreeg hij een hartaanval. Hij was er voor zijn werk, hij is vrachtwagenchauffeur. Naar omstandigheden gaat het redelijk met hem. „We zijn blij dat hij nu hier is”, zegt Vatans tante. Om 20.01 gaat verderop in de hal een telefoon. Een vrouw zoekt het rinkelende toestel in haar tas, neemt op en begint op luide toon een gesprek in een vreemde taal. Ondertussen passeren een man en vrouw, zacht pratend, op weg naar de uitgang. In het ziekenhuis is nergens verzocht om stil te zijn, dat is aan de mensen zelf.

  5. Stedelijk Museum, Amsterdam

    De aankondiging komt een minuut vóór de twee minuten stilte. Gesprekken verstommen, in een zaal van het Stedelijk Museum in Amsterdam leggen honderd mensen hun bestek op het witte linnen. Hier dineren Nederlanders en nieuwe Nederlanders en als het licht dimt, pauzeert alles. De al ingezette stilte zet zich voort.

    Precies na twee minuten rinkelt een mobiel. Mensen ontspannen, er klinkt gegrinnik. Dit Vrijheidsdiner, een initiatief van kunstenaar Noah Lamp in samenwerking met het Stedelijk en stichting Blendin, is bedoeld om vluchtelingen toegang tot cultuur te geven. Voorafgaand zei een jonge Syrische vrouw met vrolijke ogen dat ze geen idee had dat de zaal zou zwijgen. Het grootste deel van de nieuwkomers vluchtte uit Syrië waar de oorlog al zeven jaar voort woekert. Het herdenken van doden en slachtoffers gaat in deze zaal bijna automatisch over de oorlog daar. Maar niet voor Majd Alhasan (29). Een oorlog die niet voorbij is, kun je nog niet herdenken, zegt hij. Dat doet geen recht, dat voelt niet goed. Zelf dacht hij aan iets heel persoonlijks, niet aan Syrië. Volgend jaar, hoopt hij, kan herdenken wel. Misschien dat het dan vrede is.

  6. Kermis, Almere-Haven

    De safariauto’s van de draaimolen zijn bedekt met zwarte doeken. Touwen van de springtrampoline wapperen heen en weer in de lucht. Het hekje voor de ingang van de familieachtbaan staat open, maar niemand staat in de rij. De kermis van Almere-Haven is tussen zeven uur en half negen gesloten.

    De eigenaar van de schiettent zit in de zon. „Het is elk jaar zo”, zegt hij. Hij vindt het normaal om even stil te zijn.

    Nog geen tweehonderd meter verderop, in het centrum van het stadsdeel, spreekt de burgemeester van Almere, Franc Weerwind, een paar honderd mensen toe. Op het moment dat een trompettist de Last Post inzet, recht de eigenaar van de schiettent zijn rug. De muziek is hoorbaar tot op de stille kermis. Alleen de vogels fluiten door.

    Verbaasd loopt een moeder, met twee verwachtingsvol kijkende dochters, om twee minuten over acht de kermis op. „Er zou een clown komen om half negen”, roept ze. Een beveiliger loopt op haar af. „We waren even dicht vanwege de Dodenherdenking”, zegt hij. De moeder en dochters kijken elkaar aan. „Wat goed!”, antwoordt ze.

  7. TivoliVredenburg, Utrecht

    Trots prijken de vaandels van Europese brass-ensembles in de grote zaal van TivoliVredenburg. Pal boven het podium hangen grote scoreborden. Hier wordt gestreden om de titel ‘beste brassband van Europa’. De twaalf landelijke afgevaardigden spelen een verplicht stuk: ‘Time for Outrage!’ Een compositie die verontwaardiging uitbeeldt over de huidige crises in de wereld.

    Na een joelend applaus voor het Franse ensemble schakelt het scoreboard over naar de Dam.Een Britse stem klinkt versterkt door de zaal: „Please, don’t forget to be silent during our two minutes of silence. This is our Dutch tradition, in which we remember the dead of the Second World War.” Het trompetgeluid van de livestream vult de zaal. In één beweging richt het internationale publiek zich op, een plechtige houding aannemend. Hoofden richten zich omhoog naar het scherm. Dan de verstilling. Hoorbaar zijn de buitengeluiden van de Dam. Vogels, de wind en een kuch in de zaal. Zonder aarzeling volgt het Nederlandse publiek in het klinkende volkslied. „Wij staan hier, met alle nationaliteiten, als één grote blazersfamilie bij elkaar”, zegt Arjan Bakker van de Nederlandse afvaardiging, na afloop.

  8. SV Alliance, Haarlem

    Bij de Haarlemse voetbalvereniging SV Alliance gaan veel trainingen niet door. Om acht uur wordt het spel voor twee minuten stilgelegd. Een trainer van een ander team is er ook bij komen staan.

    Olivier Middendorp

Correctie 5 mei 2018: In een eerdere versie van dit stuk stond de naam van Majd Alhasan per ongeluk verkeerd gespeld. Dit is inmiddels aangepast.